Censuur op games: De magische cirkel

censuur op gamesBrussel legt een ‘zwarte lijst’ van foute games aan. Ook in Nederland ligt een motie voor om ‘gewelddadige’ games te kunnen verbieden. Maar er is geen aantoonbaar verband tussen games en gewelddadig gedrag. Een artikel van Aart Brouwer van De Groene Amsterdammer.

Niet alleen Hillary Clinton en John McCain vinden dat ‘videogames de onschuld van onze jeugd hebben gestolen’. Ook in Europa klagen parlementariërs, opiniemakers en gedragsdeskundigen al jaren over de ontaarding van de jeugd door toedoen van gewelddadige, sadistische of seksueel geladen video- en computerspellen.

manhunt2.jpgSinds 2006 is er echter sprake van een doelbewuste, agressieve Europese campagne om de inhoud van games te beïnvloeden. Italië streeft naar een pan-Europees verbod op gewelddadige games, Brussel is bezig een ‘zwarte lijst’ aan te leggen en producenten worden onder zware publicitaire druk gezet. De eerste gevolgen zijn zichtbaar. De Britse overheid heeft de Canadese studio Rockstar gedwongen zijn spel Manhunt 2 drastisch aan te passen omdat het anders zou worden verboden. In Duitsland zijn Unreal Tournament, Wolfenstein 3-D, Carmageddon en honderden andere spellen verboden. De Duitse spelontwerper Crytek, maker van briljante first person shooters als FarCry en Crysis, overweegt uit te wijken naar Oost-Europa omdat de Duitse wetgeving de ontwikkeling van nieuwe games belemmert.

ruleofrose.jpgZoals alle campagnes tegen games berust ook deze op een misverstand, ontketend door slechte journalisten en overgenomen door miljoenen bange ouders, professionele opvoeders en verontruste gelovigen die de game-industrie voor de baarlijke duivel houden. Onder hen de Europese commissaris voor Justitie, Franco Frattini, een prominent lid van Forza Italia van Silvio Berlusconi. Het begon ermee dat het Italiaanse boulevardblad Panorama op 10 november 2006 het nog te verschijnen PlayStation-spel The Rule of Rose afschilderde als een orgie van geweld tegen kinderen. ‘Winnaar is degene die het kind begraaft’, luidde de kop. Volgens het blad werd de negentienjarige protagoniste Jennifer ‘geslagen en levend begraven’ in een sfeer van ‘lesbianisme en sadomasochisme’. De Italiaanse publieke opinie stond op zijn kop, de burgemeester van Rome eiste een nationaal verbod en het parlement startte een onderzoek. Frattini, wiens partij in Italië op zijn gat ligt, begreep dat hij over de rug van de game-industrie een prachtige sprong naar voren kon maken. Hij zond een open brief naar alle Europese ministers van Justitie waarin hij opriep tot gezamenlijke actie tegen spellen die, gelijk The Rule of Rose, ‘obsceen’, ‘pervers’ en ‘sadomasochistisch’ waren.

De Luxemburgse eurocommissaris voor Informatiemaatschappij en Media, Vivian Reding, reageerde per kerende post. Ze wees erop dat er sinds 2003 een uitstekende Europese leeftijdskeuring voor games bestaat, het door de branche zelf pegi-onlineopgezette Pan European Game Information (pegi)-systeem dat leeftijdsgrenzen en labels op games zet. Als kinderen de hand weten te leggen op voor hun leeftijd ongeschikte games is dat de schuld van hun ouders en andere opvoeders, niet van de makers, de producenten of de Nederlandse respectievelijk Europese wetgever. Reding herinnerde Frattini aan het commissie-standpunt dat ‘bescherming van de jeugd niet ten koste mag gaan van het recht op vrije meningsuiting zoals neergelegd in het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie’. Headshot, zou je denken. Maar Frattini was niet te stuiten.

Je vraagt je af of de opgewonden Italianen zelfs maar de trailer van The Rule of Rose hebben gezien. Het briljant vormgegeven maar tamelijk rechtlijnige spel exploreert de gevoelswereld van een meisje dat opgroeit in een laat-Victoriaans weeshuis. Het is beladen met alle taboes die daarbij horen, wat niet wegneemt dat het volmaakt onschuldig is. Daarvoor is geen betere getuige dan Laurie Hall, secretaris van de strenge Britse videokeuring vsc. In een interview over het spel, dat in Groot-Brittannië was goedgekeurd voor zestien jaar en ouder, zei ze onder meer: ‘Ik heb geen idee waar de suggestie van sadomasochisme in dit spel op berust, noch het verhaal dat kinderen levend begraven worden. Het is compleet verzonnen. Er zit geen kinderlijke erotiek in. Het spel is helemaal niet gewelddadig. Meneer Frattini kraamt onzin uit.’ Dat neemt niet weg dat Sony onder druk van Britse kranten The Rule of Rose heeft moeten terugtrekken van de Britse markt.

sgpHet verbieden van games valt onder het strafrecht en is dus een aangelegenheid voor de afzonderlijke lidstaten. In Nederland kunnen games niet worden verboden, maar dat kan sneller veranderen dan gamend Nederland beseft. De Kamer heeft al bewezen geen ruggengraat te hebben. Op 15 november sloot een kamermeerderheid zich aan bij een motie van Kees van der Staaij (sgp) die een ‘aanscherping’ van de wet verlangt zodat gewelddadige games kunnen worden verboden. Opmerkelijk was de steun van sp en vvd. Ook de pvda ging om onder invloed van de communitaristisch angehauchte fractiesecretaris Jeroen Dijsselbloem.

americanpsychoDijsselbloem wekt achteraf de indruk dat hij heeft zitten slapen. Hij kan zich de motie-Van der Staaij ‘niet precies herinneren’ en pleit bij nader inzien niet voor een wettelijk verbod op gewelddadige games. Jeroen Dijsselbloem: ‘Ik vind wel dat we de producenten en distributeurs moeten aanspreken op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid. Ze dragen bij aan een geweldscultuur waarin kwetsbare jongeren met gewelddadige beelden worden overspoeld. In sommige spellen moet je je als speler identificeren met een misdadiger of psychopaat. Dat heeft gevolgen, daar is in Amerika veel onderzoek naar gedaan.’ In welk opzicht die gevolgen verschillen van het effect dat een boek als American Psycho (1991) van Bret Easton Ellis op de lezer heeft, kan Dijsselbloem niet zeggen. Hij speelt zelf geen games. Dijsselbloem: ‘Eigenlijk begrijpen we de invloed van de moderne beeldcultuur op de jeugd niet.’

csiMinister van Justitie Ernst Hirsch Ballin antwoordde dat de grondwettelijke vrijheid van meningsuiting geen verbod toeliet, al wilde hij wel de blootstelling van jongeren onder de zestien aan gewelddadige games voorkomen. Volgens zijn woordvoerder zal hij de motie-Van der Staaij dan ook niet uitvoeren, maar het is de vraag of hij de gecombineerde druk van de Kamer en zijn Europese collega’s kan weerstaan. Hirsch Ballin werd met zijn neus op de kwestie gedrukt tijdens de informele Europese ministerraad in Dresden in januari 2007. Deze vond plaats onder Duits voorzitterschap, in casu de ministers Brigitte Zypries (Justitie, spd) en Wolfgang Schäuble (Binnenlandse Zaken, cdu). Tijdens de lunch vertoonde dit duo een videoclip met beelden uit Manhunt 2. De clip kan niet gewelddadiger of afstotelijker zijn geweest dan een uitzending van CSI, eenvoudig omdat het spel dat ook niet is. Niettemin toonden de ministers zich ‘geschokt’.

counter strikeIn de aansluitende discussie maakten de Duitsers veel werk van één casus: de achttienjarige Duitser Sebastian Bosse. Deze betrad in november 2006 zwaarbewapend zijn voormalige school en verwondde 37 leraren en medescholieren alvorens de hand aan zichzelf te slaan. In zijn afscheidsbrief had Bosse geschreven dat ‘het enige wat me op school is ingepeperd is dat ik waardeloos ben’ en dat ‘in deze wereld en op deze school alles draait om geld, om de duurste mobiele telefoon, de nieuwste kleren en de populairste “vrienden”, en dat je zonder die zaken niet de minste aandacht of waardering krijgt en dus evengoed dood kunt zijn’. Geen fijne boodschap, ook al was hij afkomstig van een ernstig verwarde jongeman. Nog onaangenamer was de ontdekking dat hij zijn daad meer dan een jaar lang openlijk had aangekondigd en dat zijn ouders, vrienden en docenten al die tijd kennelijk een andere kant op hadden gekeken, zelfs toen hij zijn voorraad wapentuig aanlegde. Enige zelfreflectie was hier wel op zijn plaats. Maar nee: omdat Bosse in zijn vrije tijd Counter Strike speelde, werd de schuld voor het hele gebeuren afgewenteld op dit online schietspel.

blacklist.jpgEn nu diende diezelfde afleidingsmanoeuvre tot stichting van de ministers van Justitie. Het was een groot succes. De ministers spraken hun steun uit voor een ‘pan-Europese aanpak’. Hirsch Ballin verklaarde na afloop dat ‘de uitkomst mogelijk kan zijn dat we in Nederland de meest gewelddadige games gaan verbieden’. De Europese Commissie kreeg van de ministers opdracht om een ‘zwarte lijst’ van foute games aan te leggen in afwachting van een ‘stevig gesprek’ met gameproducenten en distributeurs. Frattini kan in zijn handen knijpen. Als de ‘zwarte lijst’ in werking treedt, zullen gameproducenten voortaan hun spelconcepten door Brussel moeten laten toetsen.

Anders dan de minister en de meeste kamerleden menen is er geen verband tussen games en gewelddadig gedrag. Tanya Byron, de Britse psychologe en voorzitter van een zware onderzoekscommissie die aan het Lagerhuis moet rapporteren over geweld in games, waarschuwde onlangs de toekomstige lezers van het rapport: ‘There is no hard evidence to suggest that games cause harm.’ Games wekken hoogstens enige agressie op bij kinderen die emotioneel instabiel zijn of in een gewelddadige sociale omgeving verkeren. Het effect is tijdelijk en niet gerelateerd aan extreme geweldsvormen. Anders gezegd: sommige kinderen zullen na het spelen van een schietspelletje op de bank gaan springen of elkaar achterna zitten, maar dat betekent nog lang niet dat ze de volgende dag hun schoolklas uitmoorden.

jeroenfoto.jpgWaarschijnlijk leren de meeste jongeren dankzij games beter met geweld om te gaan. ‘Gewelddadige games bieden een omgeving waarin jongeren emoties kunnen onderzoeken op manieren die in het dagelijks leven ondenkbaar zijn’, concludeerde de Amsterdamse psycholoog en ‘game-professor’ Jeroen Jansz (foto) uit onderzoek naar de beweegredenen van jonge gamers: ‘In het veilige, afgesloten laboratorium van de videogame kunnen ze vrijelijk experimenteren met emoties en identiteiten, hetgeen hen kan helpen beter om te gaan met de onzekerheden van het adolescente bestaan.’ Hij bespeurt de laatste jaren steeds meer aandacht voor de positieve aspecten van games. Jeroen Jansz: ‘Gamen heeft een gunstig effect op de cognitieve ontwikkeling, bijvoorbeeld de veldwaarneming. Dat is het vermogen om complexe situaties te overzien en plotselinge, snelle veranderingen in de periferie te beoordelen. Ervaren gamers zijn beter in het nemen van complexe beslissingen op grond van visuele informatie dan niet-gamers. Met dat gegeven kunnen onder meer leger en luchtverkeersleiding hun voordeel doen.’

cirkelHelaas wordt er veel vluchtig onderzoek gedaan naar games en geweld, met de bedoeling om tot voorspelbare resultaten te komen. Jeroen Jansz: ‘Dat gebeurt voornamelijk uit bezorgdheid om de tere kinderziel en dan vooral in de Verenigde Staten, waar veel subsidie is voor dergelijk onderzoek. Maar het uit de hand lopen van mediagebruik wordt doorgaans veroorzaakt door de psychosociale omstandigheden van de speler, niet door het medium, en dat is bij games niet anders.’ De voornaamste reden waarom games niet leiden tot ongeremde agressie is volgens Jansz het aloude menselijke onderscheidingsvermogen: ‘Mensen beginnen aan een game zoals ze door de eeuwen heen altijd aan een spel zijn begonnen. Ze stappen, met de woorden van Huizinga, willens en wetens in een “magische cirkel”, een gebied waarin de werkelijkheid van alledag is opgeheven en waarin gebeurtenissen dus geen gevolgen hebben voor de werkelijkheid.’

gamesfactory-online.jpgSamenvattend kun je stellen dat games minder gewelddadig zijn dan de verontruste publieke opinie meent, dat geweld in games niet wordt omgezet in gewelddadig gedrag en dat de positieve aspecten van gaming in de media worden veronachtzaamd. De huidige hetze komt vooral voort uit onwetendheid, aldus Jurriaan van Rijswijk, ontwerper bij Game Factory Online, een Nederlandse producent van serious games, en gerespecteerd gameconsulent. Jurriaan van Rijswijk: ‘Stel je voor hoe kamerleden op de barricades zouden springen als gaming in 1450 zou zijn uitgevonden en de boekdrukkunst een moderne uitvinding zou zijn: “Hoe haal je het als ouder in je hoofd om een kind een boek te laten lezen? Je haalt zo’n kind weg uit zijn online wereld en je weet niet wat er in het hoofd van een jong iemand omgaat bij het lezen van al dat vreselijks.”’ Hij denkt dat gaming door de oudere generatie wordt gezien als een bedreiging omdat het aanknoopt bij oudere spelvormen. Van Rijswijk: ‘Het is een terugkeer naar de spelwereld zoals Huizinga die in 1938 beschreef in Homo ludens, toen spelletjes het populairste tijdverdrijf in het Nederlandse gezin waren. Bij de oudere generatie is die impuls vijftig jaar lang onderdrukt door de televisie, een passief, repetitief en isolerend medium. Jongeren kijken minder tv en besteden meer tijd aan gamen, een activiteit die veel socialer is. Dat vinden ouderen verontrustend omdat ze zelf niet meer weten wat spelen is.’

in167-1.jpgSchrijfster, journaliste en ervaren gamer Karin Spaink meent dat de stemmingmakerij tegen games deel uitmaakt van een bredere trend: het afschermen van kinderen voor gevoelens en situaties die hen op de volwassenheid voorbereiden. Ze vreest dat op den duur ook de volwassen meningsuiting wordt ingeperkt. Karin Spaink: ‘Natuurlijk zijn sommigen verslaafd aan games zoals anderen verslaafd zijn aan alcohol of televisie. Dat is naar, maar het is een individuele verantwoordelijkheid. De zogenaamde kindveiligheid is een schijnargument om afwijkende, prikkelende of schokkende gedachten en beelden uit het openbare leven te bannen. Het lijkt of de scheiding tussen kind en volwassene stilletjes wordt opgeheven zodat we ons straks allemaal moeten laten bevoogden door de overheid.’

mass-effect-boxartDe partij die tot nog toe in de discussie gemist wordt, is de game-industrie zelf. Die heeft zich uit publicitaire overwegingen jarenlang muisstil gehouden, maar daarin lijkt verandering te komen. Toen de Amerikaanse zender FoxNews onlangs een paneldiscussie uitzond waarin ten onrechte werd beweerd dat Mass Effect van Electronic Arts vol zit met seks en onverbloemde naaktscènes schreef de vice-president van EA, Jeff Brown, een open brief aan de producer waarin hij alle misverstanden rechtzette, genoegdoening eiste (die hij prompt kreeg) en aanstipte dat de programma’s die FoxNews op prime time uitzendt meer naakt bevatten dan zijn hele spel. De slotpassage was pas echt veelbelovend: ‘Van nu af aan gaan we onze mensen, studio’s en producten verdedigen. We zoeken de confrontatie niet, maar als iemand leugens verkondigt over onze games en onze creatieve teams door het slijk haalt, zullen we ingrijpen en de fouten rechtzetten.’

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op 6 februari 2008 bij De Groene Amsterdammer en is hier met toestemming opnieuw gepubliceerd.

Interessant?

Lees dan ook onze andere artikelen over , , .

Reacties

  1. Waar is die goeie ouwe tijd gebleven toen de kinderen nog voetbalden op het veldje of verstoppertje deden in de bosjes? Die is niet meer! We hebben nu immers FIFA Street en Quake Wars…

  2. @NEVE Hoe oud ben je? Tijden veranderen … deal with it

  3. @Neve, Ik sluit mij aan bij Dennis.

    Wat het artikel betreft. Helemaal mee eens. Ik heb hier al eerder wat over gelezen meer dan 1 jaar geleden in Times.
    Ook daar werd een voorbeeld gegeven van de kritiek die er was omtrent de komst van de boekdrukkunst. Nieuwe ontwikkelingen vinden nou eenmaal weerstand bij de ”oude” en niet ervaren mensen.

  4. @Neve,
    tijden veranderen, vroeger waren er veel meer plekken om te spelen was er minder te doen als kind zijnde.

    Als ik nu om me heen kijk is veelal volgebouwd met huizen, pakeerplaatsen of hondenveldjes.

    Games geven ook kinderen die niet zo gemakkelijk met mensen om kunnen gaan, meer mogelijkheid om met andere in contact te komen.

    Sociaal is gamen erg goed, en het is beter dan je kind de hele dag achter de tv te zetten.

  5. @Neve
    Heb je dit artikel wel gelezen?

    Zeker online gaming brengt veel sociale interactie mee. Ik heb zelf een hele tijd World of Warcraft gespeeld, tot ik er de tijd niet meer voor had. Maar heb je wel eens geprobeerd om ELKE AVOND een team op te bouwen van 40 man en coordineren. Het grappige was dat ik op dit gebied soms zag, dat een kind van 15 een groep van 40 man (warvan vaak meer dan de helft boven de 20 was) beter kon coordineren dan een man van 40. Nu is dat geen voorbeeld van een echt geweldadig spel.
    Maar ik heb het zelfde gezien in Counterstrike, Quake, Doom en Halo. Allemaal spellen waar het doden van tegenspelers (en het beschermen van medespelers) central staat.
    Ikzelf en mijn team genoten zagen het niet anders dan een potje voetbal. Je schakelt je tegenstanders uit, door taktisch spel of een overtreding (lees: het neerschieten van de tegenspeler).
    Daarnaast heb ik het gevoel dat de meeste kinderen niet zo achterlijk zijn als de ouders denken en dat ze in de regel een behoorlijk gevoel hebben voor realiteit en goed of fout.
    Ik heb nog geen kinderen, maar ik weet zeker dat ik ze zal aanmoedigen om in team verbanden te werken, hetzij in (gewelddadige) games of sport.
    Bottom line: Gamen is in welke vorm dan ook 100% beter dan tekenfilms kijken.

  6. Het probleem dat ik heb met mensen die tegen spelletjes zijn is dat het vaak ver-van-mijn-bed praters zijn. Doet me denken aan de heksenjacht waar ook hysterische uitspraken, acties en vervolgingen uit voortvoeide. Vooral bij de oudere generatie kan ik een soort felheid bespeuren tegen de voortgang van technologie, en de jeugd die hier lekker mee losgaat. Dat is waarschijnlijk omdat het controleaspect voor mensen die weinig tot geen ervarning hebben met computer,en hierdoor geen re referentiekader hebben. De geschiedenis herhaalt zich : als je het niet snapt, gewoon verbieden!

    Extra ergenis: Jammer dat mensen die zelf niet kunnen inzien wat voor slecht onderbouwde statements en daden ze uitvoeren. Goh, waar zouden oorlogen nou van komen…

  7. Prachtige analyse Aart! Als vader van twee kinderen (13 en 17) heb ik van dichtbij ervaren (en ervaar ik nog steeds) hoe ze via games als Habbo Hotel, Tibia en World of Warcraft allerlei vaardigheden en talenten hebben ontwikkeld. Daarnaast hebben ze zelfs nieuwe vriendschappen opgebouwd. Ik herken ook het verhaal van Hervé over die organisatorische talenten en het netwerken helemaal, gewoon spectaculair hoe ze opereren (WoW). Maar ook indrukwekkend om te zien hoe ze elkaar kunnen helpen en door dik en dun kunnen steunen (Habbo). Ze zijn ook op een heel natuurlijk wijze vertrouwd geraakt met de Engelse taal en hebben – gestimuleerd door de game – leren omgaan met grafische tools voor beeldbewerking (op school kennen ze die tak van sport nog niet….).

    Waar ik ooit – lang geleden – mijn twijfels had, zijn ze inmiddels volledig verdwenen. En ja, misbruik is er ook. Maar zelfs daarvan kun je leren, als je eenmaal opgelicht bent ben je daarna een stuk alerter.

    Vroeger speelde ik onder meer Stratego en Zeeslag. Precies, die spellen waarin ook met bommen wordt gewerkt. Ik geloof niet dat ik daardoor ontaard ben of mijn onschuld heb verloren. What’s new?

  8. Ik denk dat vooral taak van ouders/opvoeders is om hun kinderen te beschermen tegen de games die minder geschikt zijn. De PEGI rating is er niet voor niks. Ik kan me wel voorstellen dat er bijvoorbeeld extra aandacht wordt gegeven aan de 18+ games door deze te voorzien van een extra waarschuwing of ander kleur doosje??? Ook de ouders weten vaak niet wat voor spel ze kopen voor hun kids, kids geven gewoon aan wat ze willen hebben. Ik zou zeggen huidige PEGI rating aanhouden en ouders beter voorlichten.

  9. Kijk en daar hebben wij in Nederland SIRE voor als je mensen wilt voorlichten. Games verbieden is gewoon niet de oplossing!

  10. Dit soort artikelen maak ik me al jaren boos om. Vooral als je bedenkt dat mensen die bepaalde games willen verbieden zelf geen game-ervaring hebben of op de hoogte zijn waar het bij bepaalde spellen om gaat. Ook heeft wetenschappelijk onderzoek aangetoond dat er geen bewijs is tussen geweld en (gewelddadige) games. Daarnaast denk ik zelf dat gewelddadige games juist zorgen voor een minder gewelddadige samenleving. Games, en voor sommige mensen dus ook gewelddadige games, zorgen immers voor een uitlaatklep. Ook hebben games andere positieve uitwerkingen zoals Frank Janssen beschreef in zijn reactie.

    Een voorbeeld van een misstand is onder andere die casus van Bosse (zie artikel). Op Wikipedia is te lezen dat ongeveer 2,3 miljoen mensen maandelijks Counter Strike spelen. Als één persoon een misstap maakt die toevallig dit spel speelde en de andere 2,3 miljoen spelers geen ellende veroorzaken lijkt het mij meer dan logisch dat een andere factor ten grondslag lag van dat drama dat zich in Duitsland afspeelde.

    Bovendien, als je gewelddadige games wil verbieden, moet je dan ook rapnummers met gewelddadige teksten verbieden of films waar geweld in naar voren komt? Ik denk dat het aangeven van leeftijdsadviezen meer dan voldoende is. Ouders/verzorgers kunnen hun kinderen wel verbieden of ze bepaalde spellen wel of niet mogen spelen. Dat hoeft de wet niet voor ons te doen. En het zijn trouwens diezelfde ouders/verzorgers die bepalen of hun kinderen naar buiten moeten om te spelen. Het is zo gemakkelijk om games de schuld te geven, maar ouders/verzorgers zijn degenen die verantwoordelijkheid moeten gaan nemen voor hun eigen kinderen.

  11. Als journalist schrijf ik niet over mijn eigen kinderen; dat soort autokannibalisme laat ik liever aan columnisten over… Maar net als Frank heb ik er twee, van 10 en 12 jaar, en ze beinvloeden wel degelijk mijn eigen denkbeelden over games. Ze gamen veel met elkaar, met hun vrienden en met mij. Dat laatste is heel belangrijk. Ik speel zelfs met mijn kinderen games met een leeftijdskeuring van 16+ — dat kan namelijk helemaal geen kwaad. We gamen geen uren en uren, maar pakweg twee uur hooguit. Mijn kinderen zitten dus niet uren- of dagenlang in hun eentje in een donkere kamer aan het scherm gekluisterd, we maken er een sociaal gebeuren van en we kunnen (mede dankzij mijn relativerende inbreng) lachen om scenes die andere kinderen misschien zou traumatiseren. We lossen samen problemen op om het volgende level te bereiken, we wisselen elkaar af in de rol van Carver (FarCry) of Travers (MoH:Airborne) omdat de een beter is in schieten, de ander in ‘stealth’, enzovoort. En passant leg t Papa uit waarom hij wel Amerikanen op Omaha beach wil spelen, maar geen Mo.. – pardon – Duitsers.

    Afgelopen weekeinde waren we op een demonstratiedag in een ziekenhuis, waar de bezoekers (kinderen en volwassenen) een laparoscopische operatie op een pop konden uitvoeren. Ze moesten met chirurgische grijpertjes een erwt in een doosje doen terwijl ze hun eigen handelingen op een monitor konden volgen. Mijn kinderen deden dat in twintig seconden. De meeste volwassenen stuntelden minutenlang en bakten er niets van. Volgens de operatieassistent die het geheel begeleidde kwam dat door hetverschil in hand-oog-coordinatie, een functie die bij gamende kinderen veel beter ontwikkeld is dan bij (niet-gamende) volwassenen.

    Ik heb eens materiaal hierover gezocht en ontdekt dat het Beth Israel Medical Center in NY een eigen game heeft ontwikkeld die chirurgen spelen alvorens een operatie uit te voeren. Ze maken daardoor 37 procent minder fouten…

  12. Dat zijn echt heel mooie verhalen Aart! Het verhaal achter het verhaal is soms net zo mooi zo blijkt maar weer.

    Als we dan toch met ontboezemingen bezig zijn ga ik nog even door. Een van de leukste online ervaringen uit de afgelopen maanden was toen ik bij de opening van een nieuwe kamer van mijn jongste zoon in Habbo hotel te gast was. De andere gasten (10-14 jaar) reageerden ongelooflijk verbaasd, hadden nog niet eerder meegemaakt dat er een vader op bezoek was. Ik was in no time geaccepteerd en had moeite om het kletstempo bij te houden. De sfeer was bijzonder sociaal, warm. En mijn zoon genoot meer dan ooit.

    Een van mijn vervelendste online ervaringen had ook met Habbo te maken, dat was het moment in augustus vorige jaar dat zijn account gekraakt werd. Een klein drama maar de politieaangifte en het daaropvolgende onderzoek is ook een verhaal op zich. De onmacht van de maatschappij om met cybercrime om te gaan. Maar dat is zoals gezegd een verhaal op zich.

    Games en de invloed hiervan op de samenleving (incl. contacten tussen verschillende nationaliteiten, culturen en generaties) lijkt me echt een fascinerend gebied voor verder onderzoek. Daarnaast is er (door de gamewereld zelf) nog veel zendingswerk te verrichten.

  13. Wat trouwens ook een interessante ontwikkeling is voor de mensen die actief campagne willen voeren tegen (gewelddadige) games: Aandeel M-rated games neemt snel af.

    Aan alle kanten is het niet zo ernstig als de overheden het willen zien. Dit gaat dan wel dan wel over de ESRB maar PEGI zal dezelfde constatering binnenkort ook maken.

  14. Het ergste is nog dat de hele discussie in de rest van Europa (inclusief Italie) leidt hooguit leidt tot het creeeren van een situatie zoals die in Nederland al jaren bestaat: je bent strafbaar als je een product dat schadelijk is voor minderjarigen aan minderjarigen geeft of laat zien. De wet van de remmende voorsprong heet dat… Daarnaast is het ook wel heel wrang om te zien dat de games die in Duitsland ‘verboden’ zijn, over het algemeen NIET uit de commerciele sector voortkomen. Het zijn obscure, veelal nazistische, online producten. Dáár kan je al sectorvertegenwoordiger al helemaal niets aan doen. Ik hoop maar dat Dijsselbloem dát begrijpt.

  15. Oh ja. Nog iets: de gameindustrie heeft wel een reactie. Althans hier: http://www.nvpi.nl/nvpi/pagina.asp?pagkey=78573&metkey=307.

    Daarin:

    Een verbod op bepaalde content biedt niet méér bescherming dan het huidige systeem. Het leidt er simpelweg toe dat de content uit het directe zicht van de overheid en de branche raakt en in plaats daarvan in een ‘grijs’, oncontroleerbaar circuit beland. Alle content is immers wereldwijd beschikbaar en verkrijgbaar.

Plaats een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn met een * aangegeven.

Verschijnt je reactie niet, dan is deze mogelijk in de spam terechtgekomen. Mail ons dan even!