Zes trends voor een Overheid 2.0

Ambtenaar 2.0Internet heeft een groeiend effect op de samenleving. De online wereld wordt naadloos geïntegreerd in ons dagelijkse bestaan. Daardoor zijn er allerlei nieuwe dingen mogelijk. Er gaat een nieuwe wereld open. De samenleving verandert en ons gedrag verandert mee. Online trends worden uiteindelijk dus maatschappelijke trends. Daar moeten we als overheid op anticiperen. Hoe kunnen we de overheid daar op inrichten? Hieronder beschrijf ik kort zes trends, waarbij ik per trend de gevolgen voor de overheid en voor ambtenaren probeer aan te stippen.

de-digitale-generatieEen van de aanleidingen om te beginnen met Ambtenaar 2.0 was het boek Digitale Generatie, van Chris van ‘t Hof (Rathenau Instituut). Daarin wordt beschreven wat het gebruik van MSN, etc. door jongeren betekent voor hun vriendschappen, hun meningsvorming en hoe ze leren. Door het gebruik van nieuwe technologische middelen verandert de levenswijze van jongeren, zo stelde het rapport. En als die levenswijze verandert, dan moet het onderwijs daar rekening mee houden.

Maar deze verandering geldt niet alleen voor jongeren en het onderwijs. Nu bijna de gehele bevolking regelmatig online is kan worden gesproken van een brede maatschappelijke verandering. Burgers en bedrijven ontdekken de mogelijkheden van het sociale en interactieve web en experimenteren met nieuwe toepassingen. Er worden nieuwe concepten, visies en werkwijzen ontwikkeld, die ook ingezet kunnen worden door de overheid. Dat roept verwachtingen op.

Om in te kunnen spelen op die ontwikkelingen moeten we leren te begrijpen wat de kenmerken zijn van die verandering, de kenmerken van web 2.0 dus. Een groot deel van deze veranderingen heeft immers online wortels. Door te kijken naar de werking van en ontwikkelingen op internet kunnen we zicht krijgen op de veranderingen in de samenleving en daar rekening mee houden in onze beslissingen. Op die manier zijn zes trends te onderscheiden:

Trend 1: Grenzen vervagen

Geen grenzen, alles open?

Geen grenzen, alles open?

Grenzen ontstaan vaak waar al eerder barrières bestonden, of het nu ging om geografische, culturele of organisatorische barrières. Internet zorgt er op sommige punten voor dat die barrières minder bepalend worden: afstanden kunnen makkelijker worden overbrugd, informatie en kennis breder en sneller verspreid en er worden nieuwe samenwerkings- en organisatievormen zichtbaar. Het nieuwe loket is een mash-up van verschillende aanbieders.

Die veranderingen hebben effect op hoe grenzen lopen: tussen mensen, groepen en organisaties. Grenzen tussen wat binnen is en wat buiten, wie bij een groep hoort en wie niet, wat werk is en wat privé. Veel van die grenzen zijn ondertussen geïnstitutionaliseerd, in organisaties, gebouwen, regels, etc. Hoe gaan we om met die verschuivingen? Welke nieuwe grenzen gaan ontstaan en waar worden die zichtbaar?

Trend 2: De verniching van de samenleving

Ook de grenzen van groepen worden dus diffuser. Mensen blijven op zoek naar sociale verbanden, maar ze zoeken een nauwere aansluiting bij persoonlijke interesses en de deelname verschilt sterk in duur en intensiteit. Het vormen en vinden van online groepen is zo gemakkelijk dat voor elke interesse en of elk doel wel een groep gelijkgestemden te vinden is (The Long Tail). Op basis van eigen keuzes stelt ieder zijn individuele sociale palet samen.

think-distributed

De samenleving is versnipperd in individuen en kleine groepen die door de techniek in staat zijn gesteld om zichzelf laagdrempelig te organiseren. Zij verwachten op maat en persoonlijk geïnformeerd en benaderd te worden. Ook een overheidssite is maar één site te midden van miljarden. Om al deze niches te bereiken moet je als organisatie ook versnipperen en je laten verspreiden via deze netwerken. Steeds weer opnieuw, in kleine stukjes. Think distributed!

Trend 3: Hier en nu

life-is-live

Mensen zijn online, ze voeren gesprekken, ze werken samen. Internet gaat niet om informatie, het gaat om leven en werken. Life is live. Internet is niet begrensd door tijd en plaats, het gaat altijd door, real time. Net als het leven dus. Je kunt Wikipedia nu aanpassen. Ga zoeken op Twitter en zie wat mensen op dit moment denken, doen en bespreken. Aanwezig zijn in en samenwerken met netwerken is constant, niet alleen tussen negen en vijf.

Deze ontwikkeling wordt versterkt door de groei van mobiel internet. Foto’s en filmpjes van rampen en ander groot of klein nieuws gaan razendsnel de wereld rond en dankzij een GPS-ontvanger is ook de locatie meteen bekend. Via Google Latitude kun je zelfs je eigen locatie delen met vrienden. Op basis van die locatie kunnen ook diensten worden ontvangen en zelfs zichtbaar gemaakt (in Google Streetview), bijvoorbeeld de volgende tram die men kan nemen, of de dichtstbijzijnde pizzeria. Staan overheidsdiensten daar ook bij?

Trend 4: Overheid als platform

Internet is een platform: het is open, anderen kunnen er op verder bouwen en het is een enabler voor nieuwe initiatieven en innovaties. Een rol die ook de overheid op heel veel vlakken (hoewel niet alle) kan spelen. Overheid als platformGeef mensen de middelen om zich te organiseren en laat het ontstaan. Er zijn wat spelregels nodig om alles goed te laten verlopen, maar verder moet je er niet tussen willen staan. Pas dan kunnen nieuwe verbindingen ontstaan tussen mensen en groepen.

Dat vraagt wel om een helder beeld van de eigen positie en rol van de overheid. Waarvoor wil je een platform zijn? En krijg je die rol ook van de samenleving? De overheid als platform om maatschappelijke partijen en belangen bij elkaar te brengen en tot besluitvorming te laten komen. Om innovatie en groei te stimuleren. Om de beste oplossing te vinden. En de overheid levert daarbij de benodigde voorzieningen: een platform, een locatie, financiering, kennis en data (Open Overheid), contacten, etc.

Trend 5: Openheid als norm

Open overheid

Open overheid

Op internet is openheid de norm. Openheid maakt vinden mogelijk, maakt verbindingen mogelijk, maakt samenwerking mogelijk. Intern en extern. Het is een voorwaarde voor co-creatie en crowdsourcing. Door overheidsinformatie beschikbaar te stellen kunnen anderen deelnemen aan een proces of discussie. Of men kan voortbouwen op overheidsinformatie en er nieuwe diensten mee ontwikkelen. Op die manier wordt het potentieel vollediger benut, misschien wel op onvoorziene manieren.

Vanuit de samenleving is een verwachting van openheid, van betrokken worden. Bedrijven geven daarin het voorbeeld. Het roept de vraag op waar de nieuwe grenzen van openheid liggen. Wat moet er nog wel in beslotenheid besproken en uitgevoerd worden? En met welke argumenten gaan we die nieuwe begrenzen bepleiten (privacy, risicoberoepen, onderhandelingsstrategieën)? Met openbaarheid als norm, wat moet er dan echt besloten blijven?

Trend 6: Alles beta

Alles beta, betreden op eigen risico

Alles beta, betreden op eigen risico

Als overheid zijn we gewend om degelijk werk af te leveren. Om pas te publiceren als alle vragen beantwoord zijn en alle aspecten behandeld. Dat zorgt echter voor vertraging: alle mogelijkheden moet immers van tevoren uitgezocht worden, alle relevante personen betrokken. Het zijn langdurige en complexe processen. In een samenleving die steeds complexer wordt en steeds sneller verandert duurt dat resultaat soms te lang.

Op internet wordt vaak software online gezet die wel werkt, maar nog niet klaar is (een beta). Op basis van gebruikerservaringen wordt het product voortdurend aangepast en verbeterd. Een wiki doet hetzelfde voor documenten. Door open te werken kunnen constant verbeteringen en aanvullingen worden toegevoegd en kan sneller en flexibeler gewerkt worden. Zo kan je werk in de pas blijven lopen met actuele ontwikkelingen.

Vooruitblik

De internetsites van de overheid bevatten eigenlijk informatie over waar we als overheid voorheen mee bezig waren, niet waar we nu mee bezig zijn. Met blogs werkt het anders. Deze blog is ook geen passief document, maar een gesprek. Ik heb zes trends uiteengezet. Het is aan jullie om daar commentaar op te hebben, er invulling aan te geven of met voorbeelden te komen. Het proces is onderdeel van het product.

Op basis van jullie reacties en andere inzichten waar ik tegenaan loop, wil ik deze zes trends de komende tijd verder uitwerken op Ambtenaar 2.0. Zo gaan we het gesprek aan. Jullie bijdragen zijn daarbij nodig. Op die manier ontstaat een nieuwe visie op een interactieve overheid.

Deze artikel is ook gepubliceerd op Ambtenaar 2.0.

Interessant?

Lees dan ook onze andere artikelen over , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , .

Reacties

  1. Beste Davied,
    ik heb een paar opmerkingen:
    1. Overheid moet alleen in discussie gaan met die deelnemers aan het discours die dat niet anoniem doen. Desnoods met DigiD. Anders wordt het één grote scheldpartij richting overheid. Iedereen mag anoniem uit zijn bol gaan op internet of een idiote mening ventileren. De overheid heeft aan die individuele uitingen echter geen boodschap.
    2. Overheid dient terughoudend te zijn. Om een extreem voorbeeld te geven: je wilt toch niet dat door vele actieve discussies op GeenStijl de wet ogenblikkelijk aangepast wordt. 
    Ad

  2. Dag Ad,
    daar heb je natuurlijk in beide gevallen gelijk in. Dit is meer een overzichtsblog, ik ga niet zo diep het detail in. Hoe je deze trends naar de praktijk vertaald is de volgende stap. Je leest daar meer over op mijn blog en in mijn boek en ik hoop daar in latere blogs dieper op in te gaan.
    Dank voor je bijdrage!
    Davied

Plaats een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn met een * aangegeven.

Verschijnt je reactie niet, dan is deze mogelijk in de spam terechtgekomen. Mail ons dan even!