Een terugblik op 2010: televisie en sociale media

Dat er steeds vaker televisie via het internet wordt gekeken, is oud nieuws. De digitale kijkcijfers zijn de afgelopen jaren door Uitzending Gemist en andere broadcastmogelijkheden behoorlijk gestegen. Blikken we terug op het jaar 2010, dan zien wij een duidelijke trend: televisiekijken gaat gepaard met sociale media. Steeds meer mensen kijken naar een programma en sturen tijdens de uitzending berichten uit, bijvoorbeeld via Twitter, om iets over het programma kwijt te kunnen.

Reden voor De Wereld Draait Door om te hervormen en het publiek een platform aan te bieden waar zij de uitzending live via het internet kunnen volgen en tegelijkertijd kunnen buzzen over wat zij zien. Op het platform zijn mensen ingelogd via hun Facebook account en zij kunnen door middel van een soort live chatmogelijkheid reacties plaatsen die op het DWDD-account komen te staan. Volgens Edwin Valent, Managing Director Digital Media bij de VARA is dit uniek voor Nederland en zijn zij de eerste die dit doen.

Dit soort realtime conversaties tussen vrienden of fans van DWDD zet aan tot kijken door de bijbehorende betrokkenheid, vergelijkbaar met mond-tot-mondreclame. Ook krijgt het publiek macht en een stem. Voorheen was het niet mogelijk om massaal en direct te uiten wat je van een programma vond. Nu word je via de verschillende sociale media gehoord. Vanuit de VARA is dit slim bekeken. Nooit eerder heeft de VARA zo gericht kunnen toetsen wat wel en niet aanslaat. Ontdekken zij een aantal influencers in het publiek, dan kunnen zij deze kijkers belonen. In dit geval verstaan we onder influencers: mensen die regelmatig kijken, hun meningen uiten en reacties van anderen oproepen. Hun opinie wordt serieus genomen en zij beïnvloeden het kijkgedrag van anderen.

Sociaal effect op kijkcijfers en het sentiment

De invloed van sociale communities heeft betrekking op de kijkcijfers – de kijkersaantallen en het sentiment – en hoe er over een uitzending gedacht wordt. Het effect meetbaar maken, blijft in deze fase lastig. We zitten in Nederland nog aan het begin van deze ontwikkelingen. We hebben realtime informatie tot onze beschikking, maar dat is nog niet voldoende om significante statistieken te kunnen opstellen. Met andere woorden: we kunnen niet met zekerheid vaststellen hoeveel kijkers er door sociale media zijn bijgekomen. Kwalitatieve analyses kunnen wel worden uitgevoerd. Zo kunnen programmamakers de verschillende onderwerpen of items in de uitzending bestuderen en vaststellen hoeveel uitingen via sociale media tijdens die verschillende items worden verspreid en wat voor soort uitingen dat zijn. Uitzendingen die niet live zijn, worden door sociale media toch live.

Effect op programma-ontwikkeling

Data die programmamakers vanuit de verschillende sociale media bemachtigen, kunnen zij gebruiken om keuzes te maken wat betreft de verdere programma-ontwikkeling. Het sentiment van de uitingen heeft effect op wat er in de toekomst op de televisie wordt uitgezonden. Althans, als de programmamakers naar de geluiden uit het publiek luisteren. Zo streamt Nederland 3’s TV Lab ieder najaar de pilots voor de nieuwe shows en wordt aan de kijkers gevraagd om te stemmen en hun mening te uiten. Dit wordt realtime opgenomen. Pilots worden online getoond en zijn dus voor iedereen zichtbaar. Op basis van de feedback stelt de publieke zender een nieuwe programmering samen.

Betrokkenheid

Over het algemeen voelen kijkers zich tijdens de uitzending betrokken bij het programma. Soms zet dit de volgende dag nog door en toont die betrokkenheid zich door uitingen via de sociale media. Programmamakers kunnen die betrokkenheid vergroten door te zoeken naar manieren om uitingen 24/7 via sociale media te genereren. Dit kan op twee manieren.

Allereerst moet de inhoud van het programma spraakmakend zijn zodat het overpeinzingen, reacties en discussies oproept. Daarnaast moeten programmamakers een manier vinden om de kijkers bij elkaar te brengen. Op Hyves en Facebook is dit gemakkelijk te bewerkstelligen door fanpagina’s te creëren waar mensen hun uitingen kunnen achterlaten en achtergrondinformatie, extra beeldmateriaal, laatste nieuwtjes en dergelijke terug kunnen vinden. Via Twitter kunnen programmamakers informatie verspreiden, maar de binding is minder groot dan bij Hyves of Facebook. Mensen zullen minder snel op die berichten reageren. Twitter wordt vaak voor zakelijke en publieke doeleinden ingezet, terwijl Hyves en Facebook voor privé-zaken wordt gebruikt. Daar valt entertainment onder. Programmamakers zullen uitingen via Twitter door middel van zoektermen of hashtags terug moeten vinden.

Kritische kanttekening

Niet alle televisiemakers in Hillywood, oftewel het Media Park in Hilversum, zien het verband tussen sociale media en televisiemaken. Hoofdredacteur Broadcast Magazine Jeroen Te Nuijl legt uit wat die kritische kanttekening van de programmamakers inhoudt: “Televisie en sociale media lijken op het eerste gezicht voor elkaar gemaakt, maar de praktijk zal weerbarstiger zijn en is hoe dan ook erg moeilijk te voorspellen. In 2011 zal die combinatie óf een hype blijken te zijn, óf echt van de grond komen. TV Lab, DWDD en PowNews zijn weliswaar enkele sprekende voorbeelden, maar de gebruikersgroep qua sociale media is nog relatief klein en het is dus heel erg de vraag in hoeverre televisiemakers zich daardoor moeten laten leiden, dan wel inspireren of beïnvloeden. Vooralsnog vertoont de Nederlandse televisiekijker zeer traditioneel gedrag – we zitten nog steeds gemiddeld bijna 3,5 uur per dag voor de tv – en er is geen reden om aan te nemen dat sociale media dat radicaal gaan veranderen.”

Ik ben ervan overtuigd dat ook het traditionele Hillywood niet onder de invloed van sociale media uitkomt. Mark Ghuneim van Mediaeater geeft dit aan met: “We have moved from must-see TV to must-tweet TV.” Een man met als motto: “Dispute the text.” Dat is dan ook mijn oproep aan jullie. Ik hoor graag wat je gedachten hierover zijn, niet alleen in voorspellende zin, maar ook wat je graag anders zou willen. Wat wil de Nederlandse televisiekijker?

Ondertussen wens ik iedereen alvast fijne feestdagen en een sociaal 2011!

Interessant?

Lees dan ook onze andere artikelen over , , , , , , , , , , , , , .

Reacties

  1. Ik vind zelf #tvoh (The Voice of Holland) van rtl 4 een goed voorbeeld. Daar werd op de sociale media wel heel erg veel over gepraat. Daarnaast was er in het programma zelf ook veel aandacht voor social media met de ‘redroom’. Leuke sponsoring door Vodafone natuurlijk ;-)

  2. Ook ik mis in deze terugblik de inzet van social media zoals bij programma’s als The Voice of Holland en de succesvolle inzet van social media reporter Annemiek bij SoYouThinkYouCanDance

  3. Ik ben de vele commerciële boodschappen op tv helemaal beu. Wij kijken steeds minder tv.

Plaats een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn met een * aangegeven.

Verschijnt je reactie niet, dan is deze mogelijk in de spam terechtgekomen. Mail ons dan even!