Het IOC, ‘eigenaar’ van de Olympische Spelen begreep de essentie van social media niet: denken controle te kunnen uitoefenen over de berichtenstroom in vredestijd (!) gaat voorbij aan de totale openheid van social media. Een gedragsprotocol van 4 pagina’s voor de deelnemers werd weggehoond. Op Twitter. En dan was het nog niet eens echt crisis. Hoe zouden de oude heren van het IOC de #fail-bombardementen dan in toom hebben gehouden?
Daar gaat het hier om: hoe houd je toch controle op alle ongebreidelde (non)informatie in social media tijdens een serieuze crisis?

Het draaiboek
Ik ga er voor het gemak vanuit dat er binnen je organisatie al een crisisdraaiboek klassieke media klaar ligt. In dat draaiboek staat o.a. een volgorde van handeling (wie waarschuwt wie waar en hoe bijvoorbeeld, of wie neemt de interne en de externe communicatie op zich).
De kans is groot dat een crisis zich aanmeldt via social media. Neem in je draaiboek dus een mobiele piketdienst c.q. ‘social media-dienst’ op: wie is op welk moment verantwoordelijk voor de monitoring. Dat kan degene zijn die sowieso al bereikbaarheidsdienst voor de klassieke media heeft. De gratis diensten als Google Alert (die je kunt instellen op de naam van je organisatie) en/of van Twitter-verzamelprogramma’s als Hootsuite en Tweetdeck (ook gratis), kunnen je waarschuwen als er ineens veel berichten/tweets verschijnen over je organisatie. De ‘dienstdoende’ social media-watcher weet op dat moment dat er iets aan de hand is. En zet het draaiboek in werking.
De crisis deels ‘uitbesteden’
Natuurlijk heeft niet elke organisatie of elk bedrijf genoeg mensen in dienst voor een mobiele bereikbaarheidsdienst, laat staan voor 24-uurs webcare-medewerkers. Mocht de crisis veel groter worden dan een incident dat met webcare af kan, dan kun je overwegen bij het uitbreken ervan monitoringsdiensten in te huren en de crisis voor een deel ‘uit te besteden’. Je huurt dan een tijdelijk crisisdeelpakket social media in. Monitoringsspecialist Clipit bijvoorbeeld biedt zo’n online, social-mediazoekdienst aan en afhankelijk van een aantal factoren (als: wat gaat zo’n crisis je als organisatie kosten), kost je dat een paar honderd tot tienduizenden euro’s. Alles wat online over je organisatie gezegd wordt, komt dan overzichtelijk naar je toe.
Je nauwelijks laten zien in in de (social) media kan desastreus zijn voor je reputatie: tankoverslagbedrijf Odfjell in de Botlek is een dankbaar onderwerp voor twitteraars die hun hart luchten. Toen ‘eindelijk’ de directeur werd ontslagen begon het bashen.

Schaduwpagina’s achter de hand
Hoe houd je tijdens een crisis controle over de berichten- en geruchtenstroom op social media? De twee belangrijkste opties zijn: maak vooraf een geheel nieuwe schaduwwebsite, of voeg een schaduwpagina toe aan je bestaande website.
Schaduw wil zeggen: je hebt de website of pagina helemaal in de steigers staan c.q. voorontwikkeld, maar deze is nog niet zichtbaar en vindbaar. Tijdens een crisis kun je hem dan met de bekende ‘één druk op de knop’ operationeel maken en online zetten.
Het grote voordeel van schaduwwebsites en -pagina’s is dat je nadat ze online zijn de controle kunt houden. Jij bepaalt als beheerder wat en hoe op je eigen website of pagina. Niet alleen kun je geruchten of onwaarheden ontzenuwen, je hebt ook de regie over de juiste informatie. Dat is zowel belangrijk voor klanten, consumenten, belanghebbenden en betrokkenen maar ook voor journalisten die zich door de social media-berichten heen worstelen en proberen er waarheden uit te filteren. Omdat zij ook snel-snel-snel aan berichtgeving doen, is de kans dat zij geruchten en onwaarheden overnemen enorm groot. Doordat je website of pagina een officiële is, zul je automatisch als autoriteit gezien worden. En blijft de verkeerde informatie niet als een oorwurm hangen bij het grote publiek.
Schaduwwebsite of schaduwpagina?
Een helemaal nieuwe website is handig voor een grote, nationale crisis die het eigenbelang (als: tijdelijke reputatieschade) overstijgt: denk daarbij aan natuurrampen, asbestuitbraken of pandemieën. Het online verkeer kan tijdens een crisis zo druk worden dat je dagelijkse ‘corporate’ site het begeeft.
De nieuwe website hoeft niet duur te zijn: met het gratis webprogramma WordPress bijvoorbeeld kan het goedkoop (maar hou wel de bezoekerscapaciteit in de gaten). Het nadeel van een nieuwe schaduwwebsite is dat zodra de crisis voorbij is en de website weer offline gaat, de goede zoekresultaten en dito waarheden niet meer 123 zichtbaar en vindbaar zijn. Wie ooit informatie zoekt over die bepaalde crisis vindt in de zoekresultaten dan vooral boze consumenten, klagers, geruchten, slechte grappen etc.
Een schaduwpagina heeft het voordeel dat ie natuurlijk op je eigen website staat. Als je het goed doet, zorgt het automatisch voor gezag en autoriteit. Het voordeel van een pagina is dat de informatie blijft bestaan en dus in zoekmachines vindbaar blijft. Je kunt de pagina als link in je ‘archief’ online laten staan. Voorwaarde blijft natuurlijk: snel en betrokken reageren. Aleid Wolfsen, burgemeester van Utrecht, lag onder vuur omdat hij pas laat van vakantie terugkwam na de astbestaffaire. Dan helpt geen schaduwpagina of -site je.

Hoe richt je de schaduwwebsite of -pagina in?
Zie het als een news room, een plek waar het nieuws samenkomt. In video, foto, audio, live stream, tekst en social media (vooral Twitter). Tijdens nieuws is beeld heel belangrijk. Sowieso bestaat zo’n 65 % van alle communicatie uit beeld. Hou daar dus rekening mee.
Twitter en YouTube zijn de belangrijkste nieuwsbronnen geworden. Maak als er nog geen vaste hashtag is voor een bepaalde crisis, er zelf één aan en spread the world. Bij de Twitterstroom is het aan te raden om niet automatisch de berichten van anderen in te laten lopen, maar slechts die van je eigen organisatie. En uiteraard retweet je berichten van derden die correct en aanvullend zijn of je corrigeert onjuiste berichten en geruchten die je opvangt via monitoring. Wees niet te langzaam met officiële reacties en statements: als je nog niets kunt zeggen blijf dan in de ‘procesmededelingen’ twitteren:
“Wij lezen de geruchten over … maar we kunnen nog niets bevestigen. Persconferentie volgt.”
Of woorden van dergelijke strekking. Reageren is belangrijker dan antwoorden.
YouTube
Maak als organisatie een eigen YouTube-crisiskanaal en koppel die aan je site. Het kan natuurlijk ook uitsluitend op je eigen schaduwsite/pagina maar de kans dat anderen dan met jouw filmpje gaan ‘knutselen’ is aanwezig. Met een eigen YouTube-kanaal staat dan in elk geval de goede informatie op deze zo belangrijke zoekmachine.
Qua video-inhoud: je kunt ervoor kiezen de directeur van je organisatie zelf te filmen en commentaar of een analyse te laten geven van de crisis. Vodafone deed dat in april tijdens de grote storing in het netwerk. De CEO legde de situatie uit – in het Engels-, op de eigen corporate Vodafone-site en op hun eigen YouTube-kanaal. Overigens niet op z’n charmantst (zorg voor een goede mediatraining vooraf, altijd eerst de empathie), maar het idee klopte.
Als je de videomogelijkheid inbouwt, moet je uiteraard wel over een goede camera beschikken en mensen die de apparatuur weten te bedienen. Betrouwbaarheid straal je ook uit door professionaliteit. Leuk die iPhones met ‘getuigenverslagen’ maar voor een corporate uitstraling en officieel nieuws een no go. Zet ook geen getuigenfimpjes van ontploffende zaken of ongelukken in je eigen news room. Maak als een crisis het toelaat zelf filmpjes over de situatie.
Live stream
Kondig eventueel de te houden persconferentie aan en als ie plaatsvindt: stream ‘m live het internet op. De persconferentie kan altijd worden teruggekeken.
Persbericht
Odfjell, het tankopslagbedrijf in de Botlek dat ‘lekte’, doet de crisis op de eigen website af met een persbericht. Tussen de andere persberichten met de successen van het concern, is te lezen dat de directeur per direct ontslagen is. De klassieke methode maar door het gebrek aan informatie en openheid, speculeert de pers vervolgens over de redenen. Twitteraars luchten hun hart over het ontslag. Ben je een Bekende Nederlander dan kun je als de berichtenstroom op gang komt, een persverklaring afgeven. Estelle Gullit/Cruijff ligt onder vuur omdat ze een valse verklaring zou hebben afgegeven over haar nieuwe vriend Badr Hari die een man zou hebben mishandeld. De pers en Twitter smullen ervan. En niet positief.
Links
Plaats links door als je bijvoorbeeld door het NOS Journaal of RTL geïnterviewd wordt. Of als het een betrouwbaar item is. Zo kun je de goede informatie zelf bundelen op je eigen schaduwsite/pagina.
Goede communicatie voorkomt veel reputatieschade
Zorg voor je eigen betrouwbaarheid en leiderschap in een crisis door goede informatie snel en vooral zelf te bundelen in een online news room op een schaduwsite of –pagina. Met goede communicatie kom je een crisis sneller te boven en voorkom je een hoop reputatieschade.
Met dank aan Gertjan Geurts.



Deze video bevat ook heel wat goede, praktische tipts rond crisiscommunicatie:
http://www.eventplanner.be/tv/6_crisiscommunicatie-voor-events.html
Hoewel op events gericht zijn alle tips ook in andere omstandigheden bruikbaar…
Dag Kevin,
Dank je wel. Een crisis is natuurlijk meer dan alleen social media. Het klassieke draaiboek (“waar zijn de uitgangen” bij bijvoorbeeld Pukkelpop) is een onderdeel, net als slachtoffercommunicatie (daarin is Ina Strating de specialist).
Leuk artikel om te lezen. Al zit de echte boodschap wat mij betreft maar in 1 zin verpakt: “Voorwaarde blijft natuurlijk: snel en betrokken reageren.”
Ik heb er geen onderzoek naar gedaan, maar ik kan mij zo voorstellen dat “de eerste met een bepaalde mate van aanzien” in geval van een crisis de meest aansprekende/gebruikte bron zal zijn. Als de regionale omroep, NOS etc. sneller is met berichtgeving dan mijn eigen organisatie/gemeente, dan zal ik die omroep volgen om op de hoogte te blijven.
Mensen roepen/schreeuwen/zoeken alle kanten op, dus in het begin is elke minuut ‘radiostilte’ er eigenlijk 1 teveel. Dan kan je nog zo’n complete, mooie schaduwsite of -pagina hebben staan.
Dag Michiel,
je hebt helemaal gelijk: mensen zijn bij een uitbekende crisis op zoek naar iemand of een organisatie die betrouwbare info heeft. Door jou NOS genoemd. Maar in de chaos van het zoeken naar de juiste informatie (journalisten zoeken net zo hard mee) kun je meteen- omdat je jezelf monitoort- met je eigen news room en schaduwsite of -pagina de betrouwbare bron zijn. Dan is ie niet meer schaduw maar online. Zo schep je je eigen autoriteit. En komen journalisten naar jou toe. Wees dus zelf de eerste berichtgever bij een crisis. Het kan. Echt.
Interessant om te lezen Ingrid, met name gezien mijn ervaringen als `Social MediaWatcher` voor het crisisteam tijdens de brand in Moerdijk.
Toen was #GrootuhVuurbal wereldwijd een trending topic. Zoeits is niet tegen te houden en geeft enigszins ook wel het niveau aan van Twitterconversaties tijdens crisissituaties. Maar wat zegt het over een reputatie? Vrij weinig.
Monitoring tools zijn zeker handig, maar ik heb tijdens de crisis in Moerdijk geen behoefte gehad aan betaalde monitoring tools. Er zijn genoeg gratis tools die gezamenlijk een goed fundament kunnen vormen om effectief te monitoren.
Het aangaan van de interactie op Twitter is een must, dit ben ik helemaal met je eens. Het laten lopen onder het mom van `dan heb je meer kans op zo`n olievlek die zich uitspreid op social media` is een actie die denk ik vaak voorkomt vanwege onwetendheid over social media.
Twitter is een handig middel om tips te verstrekken aan mensen die bezorgd zijn, om hen te verwijzen naar websites die correcte informatie bevatten omtrent de crisis en het brengt tevens in kaart wat Frequently Asked Questions zijn.
Lastiger is het om te monitoren wat men op Facebook en LinkedIn zegt.
Een ander zeer effectief communicatiemiddel dat ik tijdens mijn afstudeerstage bij CM leerde kennen, en waar ik niets over geleerd heb tijdens mijn opleiding communicatie, is SMS. Hiermee kan je zeer direct en gericht mensen informeren wanneer zich een crisis voordoet.
Het idee om video`s te streamen of op te nemen, heeft tijdens een crisis denk ik geen prioriteit en kost ook veel tijd. Het is leuk, maar ik denk dat het ook reacties op kan roepen die gericht zijn op het feit dat diegene die op de video te zien is, misschien op dat moment wel betere dingen kan doen dan voor een camera staan.
Tevens zal de NOS, zoals Michiel zegt, eerder met video-reportages en live streams aan de slag gaan, omdat zij hier al de middelen voor hebben. Tijdens een crisis kan je naar mijn mening dan ook beter de journalisten betrekken door hen goed te informeren en officiele communicatiekanalen zo vaak mogelijk te benoemen, dan tijd te nemen om voor de camera te staan.
Wat naar mijn mening mist in dit artikel, is het belang van het eerst bepalen van de schaal van de crisis, het soort crisis en een media doelgroepanalyse die je van te voren uit kan voeren, zodat je tijdens een crisis gericht jong en oud kan informeren. De prioriteit ligt in beginne dan vaak bij de mensen die direct getroffen zijn door een crisis; bewoners, regionaal, boeren, etc.
Social Media zijn wel handig om te monitoren en om te verwijzen naar meer informatie en/ of websites tijdens een crisis. Maar vergeet niet dat er ook fora, blogs en websites zijn waarop wellicht ook een discussie gaande is over de crisis. Naar mijn ervaring zijn die discussies vaak diepgaander dan op social media als Facebook en Twitter. En, op deze `oudere nieuwe media` zitten wellicht ook wel meer mensen die je wil bereiken.
Goede communicatie kan reputatieschade beperken. Maar ik denk niet dat reputatieschade te voorkomen is, omdat men social media niet te controleren is met communicatie. Er zijn altijd trollen, cabretiers en kritische mensen die met een kritische of humoristische Tweet een reputatie kunnen `beschadigen`. Tijdens een crisis moet overigens het voorkomen van reputatieschade mijns inziens niet centraal staan, maar het goed informeren van de pers en het publiek. De manier waarop dit gedaan is in ALphen aan de Rijn bijvoorbeeld, verdient mijn bewondering.
Goed dat je hier een artikel over schrijft! Want volgens mij is er nog veel te leren over `online crisiscommunicatie`
Dag Gijs,
Dank voor je uitgebreide reactie. je hebt een aantal valide punten te pakken.
De ene crisis is de andere niet: bij een geval als Moerdijk is informeren en slachtoffercommunicatie enorm belangrijk. Bij een Vodafone-achtige crisis is het slachtofferschap een stuk beperkter uiteraard. Mijn artikel is dan ook vooral bedoeld ter inspiratie: ik laat een aantal mogelijkheden zien waaruit je kunt ‘kiezen’.
Reputatieschade kun je wel degelijk voorkomen: dat heeft Alphen bewezen door betrokken instanties in ‘gezamenlijkheid’ te laten reageren op bv Twitter. Maar dat was ook weer een heel ander soort crisis: een idioot die schiet is wat anders dan willens en wetens ondeugdelijk omgaan met veiligheid. En dan had Moerdijk tot overmaat van ramp (!) een clown van burgemeester die Moerdijk tot cabaratesk mikpunt maakte want Wim Denie is een hit op Youtube: http://www.youtube.com/watch?v=DiNlcKOy_e4
De informatie zelf beheren is ook handig voor journalisten. Want je weet: dat zijn net mensen. Als er nog geen informatie voorhanden is terwijl de getuigenfilmpjes al op Youtube staan, dan klimmen ze over hekken en muren voor de vox populi en een willekeurige waarheid. Geef hen snel iets (interview, informatie etc) zodat ze niet -om maar zendtijd te vullen- verbanden leggen die er niet zijn.
Wat betreft monitoring: tuurlijk kun je met de Tweetdecks en Hootsuites van deze wereld veel monitoren maar professionele software kan echt meer. Dan kan (maar hoeft niet) nodig zijn.
Die #GrootuhVuurbal is zo’n beetje het standaardvoorbeeld geworden in de trainingen die Gertjan Geurts en ik geven. Om aan te geven dat emoties in alle communicatie belangrijker zijn dan droge feiten. In Luik was dat ook zo: Bruno Mars’ lied I would catch a grenate for you was trending.
Afijn, leuk dat je zo meedenkt. Keertje koffie om over het vak te praten ?
Hoi Ingrid, interessant artikel.
Wat ik me afvraag, welke website kun je inzetten voor een ‘schaduwwebsite’. Wat ik mij voor kan stellen is dat als een website zoals crisis.nl er snel mee ophoudt door het grote aantal bezoekers, je eigen corporate site het ook snel begeeft ten tijde van een echte crisis. Zijn daar goede sites voor waar je een dergelijke site in kunt richten voor alleen crisis, die het dus ook aankunnen qua bezoekers? Ik vind bijvoorbeeld facebook geen goed middel voor een crisispagina, hoewel zij wel heel veel bezoekers aan kunnen. Heb je andere suggesties behalve wordpress? Alvast bedankt voor je reactie.
Dat lijkt mij erg leuk Ingrid! Via Twitter regelen?
Beste Ingrid, erg nuttig artikel, dank. Vooral bij de overheid is er wat te winnen als het gaat om voorbereiding op crises. Zowel wat betreft monitoren – om te signaleren of er iets speelt – als zaken klaar hebben staan. Denk inderdaad aan een schaduwwebsite, mét beeldmateriaal, maar ook aan (een lijst met) experts die achtergrondinformatie aan de (social) media kunnen geven en te verwachten vragen en antwoorden. Als je als gemeente/regio weet dat er bepaalde risico’s in de omgeving zijn, dan kun je daar al informatie over klaar hebben staan.
Waar m.i. ook voor de overheid winst ist halen is meer gebruik maken van social media tijdens crises voor:
-Hulpverlening: wat moeten mensen doen/laten?
-Een beter beeld te krijgen van de situatie. Natuurlijk lopen feit en fictie door elkaar heen – dat zag je bijv. tijdens schietincident Alphen – en daar moet je als overheid zorgvuldig mee omgaan. Maar filmpjes en foto’s kunnen een aardige incidatie geven van de situatie.
Groet, Lodewijk
@ Femke
Crisis.nl is ingericht op een groot aantal bezoekers.
Maar dat je eigen corporate-site het begeeft is ‘logisch’. Dus kun je aan de webtechneuten vragen een schaduwpagina/site met extra capaciteit te laten bouwen. Ik heb niet voor die technische kant doorgeleerd eerlijk gezegd. Gertjan Geurts, partner en co-trainer, weet hier wel veel van maar ja, die is op vakantie.
Maar misschien is er in Frankwatching-kringen iemand die dit weet?
@ Lodewijk
Ben jij er voor om een lijst met experts op die schaduwsite te zetten? Zodat journalisten gelijk kunnen gaan bellen? Best risicovol want als die experts de precieze crisis of situatie niet kennen kunnen zij toch ook alleen maar speculeren? Dat ze gaan zeggen: ik ken de sitautie daar goed dus het meest waarschijnlijke is dat dit en dat gebeurd is? Of zet je de experts erop na overleg met je ‘crisisteam’? Dan kom je beter beslagen ten ijs.
Beeldmateriaal kan inderdaad handig zijn, tenzij het akelig is i.e.met gewonden en doden. Getuigenfilmpjes ‘doorzetten’ naar je site/pagina is dan link. Juist omdat overheden en politie eerst grondig onderzoek moeten doen om slecht of goed nieuws te kunnen bevestigen. Als overheid moet je tijdens een crisis dus vaak in de reageerstand gaan staan, niet in de antwoordstand.
Bereid een crisis goed voor: van Odfjell wisten de overheden al lang dat het niet deugde. Breng als gemeente/provincie/veiligheidsregio de risico’s in kaart.
Je hebt gelijk: die informatie over hulpverlening moet zeker op zo’n schaduwpagina/site.
@ Gijs Zie Twitter
voor de koffie
Hoi Ingrid,
ik ben ervoor om zelf zo’n lijst paraat te hebben in een eigen database. En die tijdens een crises naar voren geschoven kunnen worden. Niet om een PR-verhaal te vertellen, maar om op basis van alle beschikbare informatie te “duiden”: wat betekent dit, hoe erg is dit?” Diverse media hebben al zo’n database, maar dat zijn experts die wellicht deskundig zijn op het type ramp, maar de specifieke situatie niet kennen. Mijn ervaring bij de overheid is, dat er veelal pas nagedacht wordt over experts als de ramp daar is. En dan ben je te laat. Dus daar is winst te behalen.
@ Lodewijk
Dan kun je de experts dus vooraf opnemen in je draaiboek. Per soort crisis, per situatie dus experts paraat hebben. Goed idee. Neem ik zeker mee in draaiboekadviezen. Kost natuurlijk wel even een tijdsinvestering voor een team
Goed artikel! Nu na Haren is social media risk management weer onder de aandacht gekomen, ontzettend relevant vandaag de dag. Ons bedrijf (Foster & Fleming) probeert bedrijven dan ook te behoeden voor dergelijke social media bedreigingen.