Reportages, Strategie, Trends

Breek de regels! Maar niet allemaal tegelijk

  • Leestijd: 3 minuten

‘Be there in -4 days’ stond er op de website van TEDxUtrecht. Een uitnodiging voor verveelde tijdreizigers. Zij kunnen zich overigens de moeite van het tijdreizen besparen: er wordt elke dag wel ergens een TEDx georganiseerd. En dat feit is op zichzelf al iets om over na te denken: in hoeverre zijn TEDx-conferenties nog bijzonder, en belangrijker: wat onderscheidt ze van andere bijeenkomsten?

Maar eerst: de inhoud! Het thema van TEDxUtrecht was ‘Gedrag’. Op deze dag vroegen we ons samen af welke invloed innovatie en technologische vooruitgang hebben op onze waarden en daardoor ook op ons gedrag. Nu volgt hier géén opsomming van het volledige programma, maar een paar sprekers sprongen er wat mij betreft uit.

Consensus bad, conflict good!

De ochtend kwam goed op gang toen Jef Staes het podium betrad. Met zijn onmiskenbare Belgisch-Engelse accent (benglish?) stak hij een verhaal af over hoe onze huidige consensus-gebaseerde bedrijfsmodellen niet meer passen binnen een veranderende wereld. Echte innovatie komt voort uit conflict. Of, om het in zijn woorden te zeggen: “businessplans are for pussies yes!”. En gelijk heeft ‘ie. We weten inmiddels ook wel dat je van licht grijzende mannen die al vijftien jaar in het vak zitten geen innovatie meer hoeft te verwachten. En dus is het tijd voor een jonge generatie om regels te breken, om tegen de stroom in te zwemmen en om gewaagde keuzes te maken.

De ‘disruptie’ van de huidige maatschappij

Yes! Daar zat ik dan. Al vroeg in de ochtend volledig geïnspireerd om het helemaal anders te gaan doen. En toen betrad Andrew Keen het podium. Zijn opening luidde: “Typisch iets voor een Belg om te zeggen dat conflicten een goed idee zijn. Kijk maar naar België.” Een ding was duidelijk: de vredige ochtend waarin ik precies had gehoord wat ik wilde horen, was voorbij. Keen greep het verhaal van zijn voorganger aan om ons de absurditeit van de huidige maatschappij aan te tonen, waarin ‘disruptie’ als iets goeds wordt gezien en waar iedereen wordt aangespoord om een uniek individu te zijn. Zijn argument: als iedereen maar gelooft dat ‘ie speciaal is, dan denkt iedereen dat zijn of haar mening ook gehoord moet worden. In een tijd waarin het uiten van een mening makkelijker is dan ooit, ondermijnt dit gedrag de waarde van experts en professionals. Keen noemt dit ‘de cult van de amateur’.

Andrew Keen over het nut van ongelukkig zijn. Andrew Keen over het nut van ongelukkig zijn.

We hebben de klassieke experts verbannen

Het verhaal van Keen was geen plat boe-geroep. Hij bracht sterke argumenten aan om onszelf eens goed in de ogen te kijken en kritisch te zijn op de veelvuldig gebruikte oneliners van die dag: ‘be brave, be true, be social’ enzo. We zijn allemaal bezig om stoer, trots en sociaal de wereld af te breken: sociale media zetten dictators af, het internet vernietigt bestaande businessmodellen, en de iWatch maakt de sportschool en de dokter straks overbodig. Maar wat doen we als die dictatorloze staten ook niet blijken te werken, als er geen goede alternatieve businessmodellen ontstaan, en als de iWatch ons niet kan vertellen waar die hoofdpijn toch steeds vandaan komt? We hebben de klassieke experts immers verbannen.

Terug naar de zachte heelmeesters

Gelukkig vertrok Keen na een minuut of twaalf van het podium, onder een applaus vol gemengde gevoelens. Wat hadden we zojuist meegemaakt? Er was geen speld tussen zijn verhaal te krijgen, maar het voelde ook alsof we en masse billenkoek hadden gekregen. De volgende spreker, Alette Baartmans, nam de onrust weg door weer fijn te praten over hoe we alle regels in twijfel moeten trekken, dat we oude systemen moeten afbreken en dat alle modellen rond educatie anders moeten. Martijn Engelbrecht vertelde ons dat we vooral tegen bloemen moesten praten, en Sandra Y Richter (want een letter tussen je voor- en achternaam staat hartstikke hip) schotelde ons een toekomstbeeld voor vol gebouwen waar mensen op plastic bollen liggen. Maar de verhalen voelden als cola na een salmiaklollie: het klopte niet meer.

Maar ik had zo'n zin in cola... Maar ik had zo’n zin in cola…

Zijn we toe aan een nieuw TEDx-model?

Als een waar journalist vroeg ik na afloop aan verschillende bezoekers wat ze van de dag vonden. En steeds kreeg ik het zelfde antwoord: leuk, maar wel ‘meer van het zelfde’. Die meditatie-oefeningen en gesprekjes met de persoon naast ons, die kennen we nu wel. We lijken TEDx-moe te worden, hoe interessant en inspirerend de conferenties ook zijn. En als ik het verhaal van Keen niet had gehoord, dan zou ik nu, net als Laurens Vreekamp, hebben gezegd dat het allemaal anders moet, dat het tijd is voor disruptie en voor een nieuw TEDx-model. Maar ik durf niet meer. Ik voel nog altijd het pak slaag van Andrew Keen op mijn achterwerk.