How to

10 tips voor meer likes & shares op social media

0

Instagram, Twitter, Facebook en LinkedIn: iedereen jaagt op likes en shares. Het aanbieden van relevante content afgestemd op je doelgroep blijft natuurlijk het belangrijkste. Daarnaast kun je met deze tien tips je hoeveelheid shares en likes vergroten.

Facebook mag dan steeds minder populair zijn onder jongeren. En het gebruik van Twitter holt misschien achteruit, terwijl LinkedIn stagneert en Instagram en vooral Snapchat aan een enorme opmars bezig zijn. Toch is er een direct verband tussen social signals zoals shares, likes en retweets en je Google-ranking. Sowieso blijft meer interactie op Facebook, Instagram en Twitter een hot issue.

Tips en tricks voor delen en gedeeld worden

Eerder gaf Pelpina Trip al negen praktische tricks. En ook door eerdere artikelen op Frankwatching ben je waarschijnlijk al bekend met de ins en outs van delen en gedeeld worden.

Accepteer cookies

Relevantie

Cijfers over het gebruik van social zijn superinteressant. Het is goed om te weten welke platforms je doelgroepen gebruiken. Tegelijkertijd gaat het op social media steeds meer over relevantie. Om shares en likes te krijgen, moet je tekst, foto en video relevant zijn voor je doelgroepen. Die relevantie verschilt van persoon tot persoon. Een leuk kattenfilmpje kan relevant zijn voor iemand met huisdieren. Maar ook een goede blog en zelfs een campagne kan z’n eigen fans hebben. Relevant is dus hoe je doelgroep dat beoordeelt.

Afstemmen van content

Uiteindelijk gaat het dus om de content. Het allerbelangrijkste blijft: ken je doelgroep en stem daar je – bij voorkeur originele – content zo goed mogelijk op af. Toch zijn er binnen de randvoorwaarden van goede, relevante content, zaken waarmee je eenvoudig rekening kunt houden. We zetten de tien belangrijke tips op een rijtje waarmee je gegarandeerd méér bereikt.

1. Kijken scoort

Of het nu gaat om LinkedIn, Twitter of Facebook: wie een foto of filmpje toevoegt scoort automatisch beter. Uit een analyse van Stonetemple blijkt bijvoorbeeld dat een foto toevoegen aan een tweet minimaal het dubbele aantal retweets en favorites oplevert. Oké, zo’n plaatje kost je dan wel twintig tekens, maar daar krijg je ruim twee keer zoveel respons op. Waarmee je dus veel meer mensen bereikt. Voor zakelijk gebruik is dat niet anders: zo worden profielen op LinkedIn mét foto veel vaker bekeken dan profielen zonder. Het gebruik van stockfoto’s is overigens af te raden – uit eye tracking-onderzoek blijkt dat consumenten die inmiddels massaal negeren. Bezoekers slaan geen acht op generieke, nietszeggende foto’s.Eyetrackingonderzoek

2. Hashtags werken (maar niet op elk platform)

Werkt #fail nu echt zoveel beter dan eenvoudigweg ‘fail’? Ofwel: moet ik nu wel of geen hashtags opnemen in m’n bericht? In het eerder genoemde artikel van Trip wordt een onderzoek van Trackmaven aangehaald dat laat zien dat er een verband bestaat tussen de hoeveelheid interactie op Instagram en het aantal hashtags. Maar belangrijk is te beseffen dat het succes van hashtags afhangt van het platform.

Op Twitter werkt het vaak goed en op Instagram is het noodzakelijk om überhaupt gevonden te kunnen worden. Op Facebook gelden weer andere wetten. Omdat de hashtag vaker in promotionele berichten worden gebruikt, zijn gebruikers daarvoor inmiddels wat allergisch. Uit analyses blijkt zelfs een afname van de populariteit van berichten. Het is belangrijk dit te beseffen, zeker als je je Instagram aan Facebook hebt gekoppeld of wanneer je je tweets automatisch post op LinkedIn.

3. Let op mentions

In Twitter-campagnes wordt er nog opmerkelijk vaak gebruik gemaakt van mentions (het noemen van een persoon (@xyz) in een bericht), maar uit het eerder genoemde onderzoek van Stonetemple blijkt dat mensen berichten met een ‘@’ eerder minder, dan vaker delen. Een verklaring daarvoor kan zijn dat andere gebruikers het bericht beschouwen als een conversatie en dat ze er daardoor overheen kijken. Wees daarom kritisch op de ‘@’ en gebruik ‘m als het echt niet anders kan.

4. Laat ruimte over

Het klinkt logisch: geschreven content op sociale media moet zo kort mogelijk. Dit lijkt te kloppen, hoewel het wel enige nuance behoeft. Korte posts op Facebook kunnen rekenen op meer engagement, blijkt uit inmiddels een wat ouder onderzoek van Jeff Bullas. Hij heeft het over 40 tekens. Echter, het gaat hier over posts van retailers, die bovendien een hoog commercieel karakter hebben.

De ideale post op Twitter schijnt een lengte te hebben van 100 tekens. Volgens ons zijn die uitkomsten inmiddels door de tijd ingehaald. Het gaat om de relevantie. Natuurlijk, als het korter kan, doe dat vooral. Schrappen is altijd goed. Wat in elk geval belangrijk is, is dat je anderen de ruimte geeft om nog iets aan je bericht toe te voegen. Dat betekent voor Twitter bijvoorbeeld dat je kunt uitgaan van 100 tot 120 tekens.

5. Gebruik de hele url

Het kost je de nodige tekens, maar mensen zien nu eenmaal graag waar ze uitkomen als ze op je link klikken. Of het nu een WhatsApp-bericht is, een post op Facebook of een tweet, de ingekorte hyperlink wordt minder snel aangeklikt dan de volledige url.

6. Kies je afzender

Tweet45MeiBorsatoHet maakt een wereld van verschil of het Nationaal Comité 4 en 5 mei een bericht de wereld in
stuurt, of dat Marco Borsato dit doet. Ambassadeurs kunnen je bericht een enorme duw in de goede richting geven. Daar komt bij dat de likeability van mensen veel groter is dan van organisaties. Start je een campagne en of stuur je aan op een viral? Probeer anderen voor je te winnen zodat niet alleen jij, maar vooral ook zij je bericht delen. Maar realiseer je ook: je bent uiteraard niet de enige die daarop inzet. Social PR en influencer marketing is sterk groeiende, meldde Social Embassy vorig jaar. Denk daarom niet alleen extern, maar ook intern. Het kan zomaar zijn dat je eigen directeur een enorme schare volgers heeft.

7. Maak het persoonlijk

Op sociale media communiceer je onpersoonlijk. Dat lijkt nog steeds het uitgangspunt bij veel bedrijven en overheden. Natuurlijk, het is efficiënt om het Twitter-account te koppelen aan je cmswaardoor de koppen van berichten automatisch getweet worden. Met als resultaat ‘Bijeenkomst over subsidieregeling XYZ op 23 juni’ of ‘Publicatie onderzoek ABC’. Maar met twee minuten extra werk voeg je er wel een persoonlijke noot aan toe. Waarmee je je sociale kanalen ook meteen wat socialer aandoen. Het inzetten van de netwerken van collega’s, door hen te vragen een bericht op een persoonlijke manier te delen, kan voor extra bereik zorgen.TweetRVO

8. Kies beste dag en tijdstip

Volgens onderzoek van de Huffington Post is woensdag de beste dag, op de voet gevolgd door dinsdag en donderdag. Per platform en type content zijn er natuurlijk wat verschillen. Zo wordt zakelijke informatie het best op doordeweekse dagen gedeeld, en consumenteninformatie het vaakst in de weekends. Het tijdstip waarop je je berichten post heeft effect, maar veel minder dan gedacht. Het belangrijkste is dat het gebeurt als mensen wakker zijn. Bij internationale campagnes is het goed je bewust te zijn van de verschillende tijdzones.

9. Geef en verdien

Een aanbod is altijd goed, zeker als je wilt dat anderen je content delen. Dit artikel is er een voorbeeld van. Ik neem de moeite om een artikel te schrijven. Lezers die het relevant vinden, zullen anderen er wellicht op attenderen. Maar ook de plattere varianten werken nog steeds goed. “Maak kans op XYZ? RT dit bericht en…” of “Like ons en misschien ben jij wel een van de gelukkigen die ….” Niet altijd verdienen dergelijke acties de schoonheidsprijs, maar het gaat om het uitgangspunt: als je zaait, zul je oogsten.

nuon

10. Doseer je socials

Voor veel sociale media is het slim om na enige uren een repost te doen omdat de kans groot is dat je uit iemands tijdlijn bent verdwenen. Bij voorkeur is dat niet letterlijk hetzelfde bericht, maar belicht je bijvoorbeeld een andere invalshoek. Het delen van een reactie op jouw blog, tweet of post kan ook geschikt zijn voor zo’n extra attentiemoment. Je kunt bijvoorbeeld een blog met drie tips in één keer delen, maar je kunt ze ook alle drie apart doen. Of een artikel waar twee geïnterviewden aan het woord komen kun je opsplitsen in twee tweets waarin je de ene keer de ene persoon quote en de andere in een vervolg-tweet. Slim is dan natuurlijk om die niet op hetzelfde moment te versturen maar te doseren. En deel met mate, want anders komt het al gauw als spam over…

Om in je achterhoofd te houden

Hopelijk helpen deze tips je bij het verkrijgen van meer likes en shares. En zoals we al eerder schreven draait het in eerste instantie om het bieden van relevante content. Zorg voor (unieke) inhoud waar je doelgroep iets aan heeft en ook wíl delen. Dat is het begin van het verkrijgen van relevante shares en likes.