Boekrecensies

De robot en jij: wie wordt de baas?

0

Kunstmatige intelligentie zal de samenleving zó grondig hervormen, op alle denkbare gebieden, dat we ons helemaal niet kunnen voorstellen hoe die wereld er over pakweg twintig, vijftig of honderd jaar uit zal zien. Welke beroepen gaan verdwijnen en welke banen overleven de robot? En wat is de rol van de politiek in een wereld vol robots?

Max Tegmarks boek Life 3.0 (aff.) geeft een grondig overzicht van alle gevolgen die kunstmatige intelligentie zal hebben in de 21ste eeuw – en daarna. Tegmark is een wetenschapper, verbonden aan het MIT in de VS en oprichter van het Future Of Life Institute. Hij inventariseert en analyseert een groot aantal ideeën en scenario’s van talloze deskundigen over de rol van kunstmatige intelligentie in onze samenleving. Dat is fantastisch als je een diepgaand beeld wil krijgen van wat er zoal speelt en de vragen die dat opwerpt – en dat zijn er nogal wat. Maar voor de snelle snack-lezer is het taaie kost.

Tegmark geeft geen shortcuts, geen lijstje met de belangrijkste conclusies en tips. Zijn boek legt een geweldig goed fundament waarmee de bedrijfsstrateeg verder kan, dat wel. De rol van artificial intelligence (AI) in het bedrijfsleven is nu al groot en zal immens worden.

Marketing en communicatie gaat vooral over het slaan van bruggen tussen bedrijven en organisaties aan de ene kant, en hun doelgroepen aan de andere kant. De rol van kunstmatige intelligentie (KI) is nu klein en zal zeker groeien. Maar de concrete vraag wat de marketeer of communicatieprofessional nu met KI aan moet, wordt hier niet gesteld. De professional zal dus zelf het talent, de hersens en de tijd moeten hebben om op het fundament dat Tegmark neerlegt, eigenhandig een werkbare strategie en toekomstvisie te bouwen.

De denkende machine: vriend of vijand?

Tegmark geeft in zijn boek een enthousiaste analyse van wat op een romantische manier een centraal thema is geworden in talloze science fiction-films in de afgelopen decennia. In dat genre is de door mensen gebouwde machine, die ineens zelfstandig gedrag gaat vertonen, een mythisch beeld. Van Frankenstein tot James Bond, the Matrix en Blade Runner 2049, ze draaien om hetzelfde idee: in hoeverre is de mens nog ‘baas’ over de machine?

Wie bepaalt het verloop van de gebeurtenissen? Is dat de zwoegende en zwetende mens, of is dat een machine die eigenhandig beslissingen neemt – die ons zomaar onze baan of ons leven kan kosten?

Van Frankenstein tot James Bond, the Matrix en Blade Runner 2049, ze draaien om hetzelfde idee: in hoeverre is de mens nog ‘baas’ over de machine?

Die vraag is actueler dan ooit. In Life 3.0 (aff.) geeft Tegmark een fascinerend en genuanceerd overzicht van de wereld aan de horizon. Een wereld waarin intelligente machines een groot deel van de beslissingen nemen, beslissingen die direct invloed hebben op ons leven.

De te stellen vragen

Nu is Tegmark geen romancier, thrillerschrijver of blije ‘tech-apostel’, maar een serieuze wetenschapper van het kaliber Robbert Dijkgraaf. Hij is iemand die de wetenschap op een toegankelijke en enthousiaste manier vertaalt naar ons dagelijks leven en daarbij prikkelt en vragen stelt. En, net als Dijkgraaf, weet Tegmark steeds de goede vragen te stellen:

  • Weten we wel zeker dat intelligente machines blijven doen wat wij willen, of beslist de machine zonder dat wij dat misschien wel doorhebben?
  • Hoe weten we dat die machine niet is gehackt?
  • Gaan intelligente machines ons leven beheersen? Of sterker: bepalen? En zullen we dat nog wel doorhebben?
  • Waarom is het toch zo belangrijk voor ons om te weten of het gedrag van apparaten door mensen wordt bepaald, of door iets anders?

Een drone die zelf kan en mag beslissen of ‘het’ die kogels gaat afvuren op dat groepje mensen in dat Afghaanse bergdorp? Een zelfrijdende auto die moet kiezen tussen de veiligheid van de inzittenden of de overleving van de mensen die plotseling het zebrapad op lopen? De vragen roepen ongemak op, wie weet het goede antwoord? Bestaat dat wel?

We leven al dagelijks met artificial intelligence

Tegmark stelt niet alleen vragen, hij schetst ook de trends. Zelfdenkende machines zijn nu al overal aanwezig – alleen realiseren we ons dat niet. In de beleggingswereld zijn computers al zo ingericht dat ze automatisch koop- of verkoopopdrachten geven op basis van een algoritme. Dat dit soms leidt tot rare uitschieters (spikes) in de grafieken die de prijs van een aandeel weergeven, nemen we voor lief. Die spikes zijn alleen achteraf soms reden tot zorg en onderzoek.

In feite leven we al dagelijks met AI, die zo goed functioneert dat we het helemaal niet doorhebben. Pas als er even iets mis gaat dan valt het op. KI en zelfrijdende auto’s zullen het aantal menselijke fouten in allerlei situaties, zoals in het verkeer, met negentig procent doen afnemen. Waarom zouden we dat willen tegenhouden?

Digitale slaven

De interessantste dingen in het boek gaan, wat mij betreft, niet over de de technologische voorspellingen die Tegmark en zijn collega’s doen, maar over de vraag wat deze betekenen voor de mens. Over jij en ik, als individu of als groep. In het Athene van de oude Grieken had de toplaag niks te doen, alles werd gedaan door slaven. Straks leven we in een digitaal Athene, waarin veel werk wordt gedaan door digitale slaven. Niet alleen zwaar werk, maar alles waarin veel herhaling zit. Het kan worden gestandaardiseerd, dus geautomatiseerd.

Mens en machine naast elkaar aan het werk

Ook als mensen dat werk leuk vinden, kan de machine het beter, sneller of goedkoper. Hoe gaan we ons nuttig maken als we niet meer werken? Welke banen verdwijnen, welke niet? Technologie wordt de grote aandrijver van ongelijkheid tussen mensen. Gelukkig geeft Tegmark ons op dit punt paar goede tips. Wat moet je doen om als professional onmisbaar te blijven in een wereld vol KI? Kies een baan waarin:

  • je veel interactie hebt met mensen en waarbij een hoge sociale intelligentie nodig is.
    (Het is dus maar de vraag of het slim is om het directe contact met mensen nu al over te laten aan machines. Dat lijkt nog veel te vroeg).
  • er veel creativiteit nodig is, vooral in het vermogen om slimme oplossingen te verzinnen voor unieke problemen van specifieke groepen en individuen met hun eigen wensen.
    (De kans dat een machine dit zodanig goed kan overnemen dat klanten liever een machine hebben dan een mens, is nog ver weg).
  • je in een omgeving moet werken die erg onvoorspelbaar is.
    (KI zal hier een belangrijk hulpmiddel zijn, maar de wezenlijke behoefte aan het meewegen van ethische en morele vragen bij die beslissingen, blijft essentieel. Neem de bewapende drone: een mens zal moeten beslissen of het ding gaat schieten op mensen).

Welke beroepen verdwijnen?

En welke beroepen gaan verdwijnen? Tegmark zegt: alle jobs waarbij sprake is van veel repetitief werk of gestructureerde handelingen (zoals het verzamelen en ordenen van fysieke en digitale spullen, bijvoorbeeld data). Beroepen als: telemarketeers, magazijnbedienden, keukenhulpen, chauffeurs, juridisch medewerkers, kredietbeoordelaars, boekhouders en belastingaccountants.

Dus, concludeert de schrijver, wees niet de man of vrouw die de berekeningen doet, of de data analyseert. Dat doet straks een machine. Wees degene die bepaalt welke data moeten worden verzameld en met welk doel. Wees niet degene die de informatie verzamelt, ordent en presenteert, maar degene die beslissingen neemt en beleid maakt op basis van die data. Word niet de ‘quant’ die de data van duizenden beurskoersen analyseert, maar de fondsbeheerder die op basis van die analyse de beste conclusies trekt en actie onderneemt.

Wil je jurist worden? Wordt dan niet juridisch medewerker, maar advocaat. Niet de rechter – die vooral de wet moet interpreteren – maar degene die de wetten maakt op basis van de gebeurtenissen.

Welke banen overleven de robot?

Dan is er nog een grote categorie banen die niet zo snel gaan verdwijnen, maar die wel veel minder mensen aan werk zal helpen. Zoals we vroeger in elk winkelcentrum nog wel een paar muziekzaken hadden met mensen achter de toonbank die veel wisten van muziek en hun klanten haarfijn konden adviseren (‘als je dit leuk vind dat zou ik dat eens beluisteren’).

Dit zijn de banen die een gepersonaliseerde adviesfunctie hebben: ondanks het persoonlijke karakter van dit ‘werk’ doet Spotify dat nu al beter. Tegmark voorziet een enorme krimp in de creatieve en culturele hoek: ontwerpers, musici, en dergelijke. Maar dat kan best meevallen, denk ik. Door de opkomst van digitale platforms en gespecialiseerde blogs zijn er duizenden Tiesto’s, One Directions en Oprah Winfrey’s opgestaan, voor wie geen plaats was geweest in de wereld van nog maar twintig jaar geleden, toen er een handjevol nationale radio- en televisiezenders bestond en verder niks.

Dus elke voorspelling moet je met een korrel zout nemen. Dat zegt Tegmark zelf trouwens ook: mensen die zeggen te weten welke kant het opgaat, kletsen uit hun nek.

Het toekomstperspectief van jouw baan

Ben jij ook nieuwsgierig naar het toekomstperspectief van je baan? Dan is deze website iets voor je: willrobotstakemyjob.com. Je ziet hieronder, dat valt nog best wel mee: een marketingmanager is met een kans van amper anderhalf procent op automatisering ‘totally safe’ als het op vervanging door een robot aankomt!

Wat Tegmark benadrukt – en wat na het lezen van zijn boek helemaal onontkoombaar lijkt – is dat de toekomstgerichte mens zich moet voorbereiden op ‘een leven lang leren’. Niet meer in de vorm van een ‘studiefase’ van zeg tien jaar, gevolgd door een werkzaam bestaan van dertig of veertig jaar, maar in de vorm van een studiefase van tien jaar, gevolgd door een werkzaam leven van vijftig jaar.

De toekomstgerichte mens zich moet voorbereiden op ‘een leven lang leren’.

Dat werkzame leven, zo schetst dit boek, bestaat uit de carrière, ongeveer elke tien jaar afgewisseld door een periode van een of twee jaar ‘leren’ en sabbatical. Hopelijk kan dat leren dan op kosten van een werkgever, maar die zal er vaak niet zijn, dus regel in elk geval zelf je eigen studiepotje. Dat lijkt me een perfect loopbaanadvies voor de lezers.

Overleven in een wereld vol robots

De vraag hoe deze trends zich gaan ontwikkelen en een concrete vorm krijgen in ons leven, is volgens Tegmark niet zozeer een technische, maar een politieke. Ergens zullen beslissingen moeten worden genomen die bepaalde trends afremmen en inkaderen, om wenselijke gevolgen te stimuleren en de onwenselijke te voorkomen. Daar liggen de grootste uitdagingen.

Superintelligente machines kunnen prima opereren binnen internationale afspraken zodat ze, bijvoorbeeld, geen dingen kunnen doen die schadelijk kunnen zijn voor mens of milieu. Zodat er altijd een helder ‘OK’ van een of meerdere mensen nodig is om de robot bepaalde dingen te laten uitvoeren. Zoals het afvuren van wapens met een ‘drone’ op echte mensen.

Robots die zich tegen de mens keren

Dergelijke mondiale afspraken lijken utopisch, maar we deden dit al veel vaker. Ons hele internet, de mondiale standaardisering van netwerken, vrijwel alle communicatie verloopt via protocollen en systemen die voldoen aan ingewikkelde mondiale afspraken. Idem dito voor recente internationale afspraken over de opwarming van de aarde, het omgaan met kernenergie, beheer van kernwapens, enzovoorts.

Die beperkingen kunnen, eenmaal internationaal vastgesteld, standaard worden ingebouwd in de slimme machines. In de vorm van een veiligheids-chip, of zoiets. Het knoeien met die chip leidt tot directe vernietiging van de machine. Zoiets als een startonderbreker. Dus geen zorgen over robots die zich ‘ineens tegen de mens keren’, of dat soort romantische ingrediënten voor een avondje Netflixen.

De politiek is aan zet

Tegmark zegt terecht dat we snel moeten beginnen met nadenken over al die ingewikkelde morele, sociale en politieke vraagstukken. Moeten er misschien nieuwe instellingen komen, of kunnen we het af met de bestaande instituties die vaak al meegaan sinds het einde van WO II?

We zitten nu op de golf van een (neo-)liberale economische ontwikkeling, die ruim twintig jaar geleden is ingezet. In ons toekomstige Leven 3.0, waarin ecologie, technologie, economie, samenleving en politiek allemaal in elkaar grijpen, is meer afbakening nodig. Op nationaal en internationaal niveau. De vraag of de politieke structuren van het heden wel geschikt zijn om de toekomst voor mens en natuur de goede kant op te sturen, is open. Socioloog Paul Scheffer legde onlangs in een lang artikel in NRC nog uit dat daarvoor een complete herstructurering nodig is van het politieke landschap.

Nieuwe politieke structuren

De ouderwetse politieke zuilen zijn nu al vrijwel uitgehold. We moeten meer aandacht krijgen voor de nieuwe scheidslijnen in de samenleving. Die tussen gevestigden en nieuwkomers, tussen laag- en hoog opgeleid, tussen seculier en religieus, jong en oud, stad en platteland.

Met alle vragen die moeten worden beantwoord in een wereld die meer en meer leunt op kunstmatige intelligentie, is dus vooral behoefte aan nieuwe politieke structuren die mensen uit hun bubbel halen en met elkaar in contact brengt. De behoefte aan verbinding tussen groepen mensen is, in dit technologische walhalla, groter dan ooit. Er is dus, op politiek vlak, ook meer werk te verzetten dan ooit. Mijn slotconclusie? Uit Tegmarks toekomstbeeld doemt één ijzersterk loopbaanadvies op: ga in de politiek!

De behoefte aan verbinding tussen groepen mensen is, in dit technologische walhalla, groter dan ooit.

Over het boekBoek life 3.0

Titel: Life 3.0 – Mens zijn in het tijdperk van kunstmatige intelligentie
Auteur: Max Tegmark
Uitgever: Maven publishing
Jaar: 2017
Nummer: 9789492493279
Mediatype: Boek, 392 bladzijdes
Prijs: € 24,50
Bestellen: via managementboek (aff.)