Communicatiemanagement

Hoe krijg je mensen mee met je duurzame communicatie?

0

Je wil de wereld verbeteren met duurzame communicatie. Want zoals het nu gaat, gaat het echt niet goed. Je realiseert je dat het geen zin heeft om in je eentje op je zeepkist te staan. Je hebt medestanders nodig, mensen die zich bij jouw missie aansluiten. Zo veel mogelijk, want laten we wel wezen: less is definitely not more als het gaat om de wereld redden. Het enige wat je nog hoeft te doen, is die mensen overhalen.

Helaas, slecht nieuws. Gaat niet lukken, dat overhalen. Misschien denk je dat jouw potentiële medestanders nog niet genoeg informatie hebben. Dat ze jouw informatie moeten horen om zo tot een standpunt te komen. Oftewel, jouw standpunt.

Maar! Waarschijnlijk heeft men al een mening. En zijn ze het niet met jou eens. Dat is dus wat anders. Sta je daar met je goede bedoelingen. Hoe pak je het dan aan? Hoe breng je jouw duurzame boodschap toch over?

Diffusion of Innovations Curve van Rogers

Eerst moet je weten wat die ander vindt. Waar deze persoon zit in de curve van Rogers. Deze curve wordt ook wel de ‘Diffusion of Innovations’-curve genoemd. Mocht je niet weten wie Mr. Rogers was: Everett Rogers bestudeerde innovaties, hoe deze zich verspreidden in de landbouw. Hij ontdekte dat dat altijd op dezelfde manier gebeurt en hij ontwikkelde een model hiervoor.

Dit model beschrijft de verspreiding van nieuwe ideeën, innovaties, producten of technologieën in een samenleving en classificeert mensen op basis van hun adoptiegedrag. De curve van Rogers bestaat uit 5 segmenten van de bevolking:

  1. Innovators (Innovatoren): Innovators zijn de eersten die een nieuwe innovatie omarmen. Ze zijn bereid om risico’s te nemen, hebben een hoge mate van technische kennis en staan open voor nieuwe ideeën. Innovators vormen over het algemeen een zeer klein percentage van de bevolking.
  2. Early Adopters (Vroege Aanvaarders): Early Adopters zijn de mensen die de innovatie snel omarmen nadat de innovators dat hebben gedaan. Ze hebben invloed op hun sociale groepen en zijn bereid om een nieuw idee te proberen voordat het wijdverbreid is. Early Adopters zijn vaak opinieleiders.
  3. Early Majority (Vroege Meerderheid): De Early Majority bestaat uit individuen die de innovatie accepteren voordat deze volledig is aangenomen door de meerderheid van de bevolking. Ze wachten meestal tot de initiële problemen zijn opgelost en het nut van de innovatie duidelijk is.
  4. Late Majority (Late Meerderheid): De Late Majority adopteert de innovatie pas nadat deze is gevestigd en algemeen aanvaard is. Ze zijn over het algemeen sceptisch en terughoudend, maar passen zich aan wanneer dat nodig is.
  5. Laggards (Achterblijvers): Laggards zijn de laatste groep mensen die de innovatie adopteren. Ze zijn vaak erg conservatief en zien verandering als iets negatiefs.

3 voorbeelden

Stel, jij leeft veganistisch en je wil die boodschap graag verkondigen. Om het lijden van miljarden dieren te voorkomen. In dit geval ben jij een innovator. Jij loopt op de troepen vooruit. Voor jou is het heel logisch om te stoppen met het eten en dragen van dierlijke producten. Maar die andere groepen zijn daar nog niet aan toe. Dat zal tijd en energie vergen. Jij zult dus op meerdere vlakken je verhaal moeten vertellen.

Omdat iedere groep anders is, zal je iedere groep anders moeten benaderen. De late meerderheid is gevoelig voor sociale ‘cues’. Zij zullen pas overgaan als de buren het ook doen. Ze willen niet buiten de sociale boot vallen. Kijk naar de zonnepanelen en elektrische auto’s. Hoeveel van jouw buren zijn al om?

1. De buurt-bbq

Vroeger hadden we het over onze nieuwe keuken op verjaardagsfeestjes, nu zijn de warmtepompen en het dubbel glas de gespreksonderwerpen. Iemand nog een burger? Dus: leggen de buren vegan burgers op de bbq tijdens het jaarlijkse straatfeest? De innovator zal ze hebben ingekocht. De early adopters zullen gezellig meebabbelen over de diverse ‘brands’ die ze geprobeerd hebben en welke ze het lekkerst vinden. De vroege meerderheid heeft ook al een zo’n ‘ding’ geprobeerd en ja, het viel best mee. De late meerderheid zal zo’n burger die dag ook wel proberen. En waarschijnlijk tot de ontdekking komen dat zo’n burger reuze meevalt. Zeker met een lading saus eroverheen. De laggard? Die klaagt waarschijnlijk over de gevaren van te lang gebakken burgers en maakt nog een bak huzarensalade open.

2. Anticonceptie

Zo ken ik iemand die zich sterk maakt voor de beschikbaarheid van anticonceptie. Zij zag in haar familie hoe belangrijk het is voor vrouwen dat zij kunnen bepalen of zij moeder willen worden en wanneer. Haar oma kwam uit een groot gezin en ging alleen naar de basisschool. Oma kreeg zelf 9 kinderen. Een van haar kinderen kreeg slechts 2 kinderen, van wie er 1 naar de universiteit ging.

Zelf kunnen kiezen heeft grote gevolgen voor de ontwikkeling van de vrouw zelf, haar gezin en haar gemeenschap. Enorm belangrijk dus en voor haar makkelijk om over te praten. Want ze weet uit eigen ervaring hoe belangrijk het is.

3. De vervelende wandelaar

Zo kwam ik een tijd terug een wandelaar tegen, met hond. De wandelaar vertelde trots dat de viervoeter alleen het beste van het beste kreeg. Mocht wat kosten, hoor. Dierenarts, vaccinatie, voer. Maar goed: je neemt een dier, dus daar zorg je dan ook goed voor. Toen ik hem vroeg naar het verschil tussen zijn hond en de dieren in de bio-industrie, kwam er: ‘Oh ja.’

Zo bewogen we van allerlei groene politieke partijen, zijn elektrische auto naar de duurzame meubels die hij onlangs aangeschaft had. Zodat zijn dochter er ook nog van kon genieten. Onderweg kwamen we nog een bekende van hem tegen en met hem vervolgden we ons gesprek. En ook hij was het met ons eens dat het niet houdbaar is wat we aan het doen zijn. En dat we de boel dus moeten aanpakken.

Eerlijk: in het begin vond ik de wandelaar bar vervelend. Vervuld van z’n eigen gelijk. Maar gaandeweg ontdekten we steeds meer gelijkenissen. En aan het einde van de wandeling vonden we elkaar best okay.

Hoe kunnen we de achterblijvers betrekken?

Nog even over die laggards. Er wordt ook wel gezegd dat je geen aandacht moet schenken aan de achterblijvers. Dit zijn de mensen die altijd overal ‘nee’ tegen zullen zeggen. Tot op zekere hoogte klopt dat ook. Je kunt zeggen dat je jouw energie daarom beter kunt besteden, bijvoorbeeld aan de vroege en late meerderheid. Maar wat als je ook de achterblijvers zou kunnen betrekken? Op een manier die geen energie kost?

We leven in zulke polariserende tijden. Hoe waardevol zou het zijn om een positieve bijdrage te leveren? Voor de duidelijkheid: zorgen dat de polarisatie minder wordt. Want dat kan. Hoe doe je dat, de ander in z’n waarde laten? Eerst even hoe je het niet doet:

  • Jij moet…
  • Je doet het verkeerd.
  • Wat stom.

Stel vragen. Wat vindt die ander? Wat is hun ervaring met het onderwerp? Zie je kronkels, tegenstellingen in de gedachtegang? Die kun je prima benoemen. Als je even in gesprek bent.

Kortom: een ander iets willen opleggen werkt niet. Ga jezelf maar na. Als jouw buurman komt klagen over het onkruid in je tuin, ren je dan meteen naar buiten met je knipschaar en je tuinhandschoenen? Ik kan je vertellen dat ik dan nog een koffie pak en me op de bank parkeer. Misschien morgen. Of overmorgen. 😉 We houden er niet van, als iemand zegt wat we moeten doen.

Hoe doe je het dan wel?

Allereerst: blijf bij jezelf. Probeer die ander niet te overtuigen. Dat hebben we al gezien, dat werkt niet. Maar: jouw verhalen, jouw mening en jouw gevoelens zijn valide. Even valide als die van iemand die de klimaatcrisis en energiebesparing totaal niet belangrijk vindt. Deel jouw ervaringen dus. Vertel waarom jij het zo belangrijk vindt. Als het niet te kwetsbaar voelt: deel je eigen verhaal.