Carrière

Concentratielek? Zo vind je de focus terug

0

Is er weer een dag voorbijgevlogen en kreeg je opnieuw nét niet gedaan wat je eigenlijk van plan was? Het is een van de meestgehoorde klachten bij ondernemers, managers én werknemers.

Stel nu dat je meer focus zou hebben. Dan zou je:

  • Minder uren moeten werken
  • Minder stress hebben
  • Meer gedaan krijgen
  • En met een voldaan gevoel naar huis gaan

Klinkt goed, toch? En het is mogelijk, als je begrijpt hoe je hersenen werken.

Neuropsycholoog Mark Tigchelaar en software-ontwikkelaar Oscar de Bos doen daar al meer dan 15 jaar onderzoek naar. Ze verzamelden hun onderzoek en praktische tips in het boek Focus AAN/UIT (aff.), Dicht de 4 concentratielekken en krijg meer gedaan in een wereld vol afleiding.

Hieronder krijg je hun belangrijkste inzichten en per categorie mijn twee of drie favoriete tips. De rest vind je in het boek zelf. Een aanrader, trouwens.

Hoe je focus verliest en hoe je die vanaf nu terugkrijgt

Mark Tigchelaar onderscheidt vier ‘concentratielekken’ en geeft voor elk lek praktische tips:

  1. Te weinig prikkels
  2. Te veel interne prikkels
  3. Te weinig brandstof
  4. Te veel externe prikkels

1. Te weinig prikkels

We denken in gemiddeld 1400 woorden per minuut. En we lezen gemiddeld 200 woorden per minuut.

Dus is iets te simpel en krijgen we te weinig prikkels binnen? Dan zoeken onze hersenen er extra om die leegte op te vullen. En veel van onze taken vragen maar 20 procent van onze denkcapaciteit.

Kort door de bocht: hoe slimmer je bent, hoe sneller je afgeleid bent. 😉

Zo ga je om met te weinig prikkels:

  • Maak de taak moeilijker. Geef jezelf bijvoorbeeld een strakke deadline, zodat je sneller moet werken
  • Vul de leegte door te multitasken. Combineer je taak met iets simpels waarbij je niet actief hoeft na te denken. Zoals wandelen, schoonmaken of doedelen.

Let op: multitasken is niet hetzelfde als switchtasken

Simpele figuurtjes tekenen terwijl je belt? Multitasken. Tijdens dat telefoontje nog vlug een e-mail over een ander onderwerp sturen? Dat is switchtasken.

De vuistregel: heb je door dat je twee dingen tegelijk doet? Dan is het switchtasken.

En ook al denk je dat je even geconcentreerd blijft tijdens dat switchen, onderzoek na onderzoek wijst uit dat dat niet zo is. We maken in beide taken meer fouten en doen er vier tot tien keer langer over om ze af te ronden.

Dus stop met switchtasken.

2. Te veel interne prikkels

Heb je soms het gevoel dat je hoofd veel te vol zit? Dat is ook zo. Het grootste concentratielek zit in onszelf: onze overvloed aan interne prikkels.

Volgens Tigchelaar zijn er twee manieren om daarmee om te gaan.

  1. Vermijd dat je hoofd vol loopt, door minder van taak te wisselen.
  2. Maak je hoofd regelmatig leeg

Elke keer we van taak wisselen of ‘switchtasken’, krijgen we nieuwe prikkels en voelen we een rush. En dat doen we vaak: gemiddeld 566 keer per dag. Dat is elke 50 seconden.

Ons brein is er verslaafd aan en als je stopt, zul je dus ook last hebben van afkickverschijnselen.

Maar bijt door en je wordt beloond, want je krijgt meer gedaan en je voelt je meer voldaan op het einde van de dag.

Zo kick je af van taakwisselingen:

  • Beslis wat je niet gaat doen. Laat je niet leiden door je to-dolijst. Want dan is het verleidelijk om eerst alle kleine taakjes af te vinken. Bedenk ‘s morgens: wat moet ik vandaag doen zodat ik met een voldaan gevoel naar huis ga? Zet maximaal drie taken op die lijst. En begin je dag daarmee.
  • Bundel taken op ‘breinactiviteit’, niet op project. Bijvoorbeeld: schrijftaken in de ochtend, telefoongesprekken in de namiddag. Of wat best past bij jouw energiepieken.

Zo maak je je hoofd leeg:

  • Schrijf alles neer wat in je opkomt en niet te maken heeft met je huidige taak. Check die ‘verzamelbak’ minstens één keer per dag en beslis dan wat je ermee doet. Voor meer info over deze techniek check je best Getting things done (aff.) van David Allen.
  • Zet een wekker om op tijd te vertrekken. Dan check je niet (onbewust) elke minuut de klok, maar kun je gewoon doorwerken tot je alarm gaat.

3. Te weinig brandstof

Hoe meer je werkt, hoe meer je gedaan krijgt. Toch? Neen. Er is een tipping point: vanaf een bepaald moment kost je vermoeidheid je meer dan dat die extra werktijd je oplevert.

Want als je te weinig brandstof hebt, werkt je filter niet meer zo goed en komen prikkels veel harder binnen. En is het moeilijker je focus te houden.

Ik geef toe, dit is mijn favoriete hoofdstuk. En een van de redenen dat ik dit boek zo geweldig vind: focus gaat blijkbaar niet alleen om productiviteit, maar evenveel om ont-focussen. Iets wat ik vaak lijk te vergeten.

Zo breng je je brandstof weer op peil:

  • Pauzeer.
    De tijd die je verliest met een pauze is kleiner dan het productiviteitsverlies als je doorwerkt. Probeer eens de Pomodoro-techniek: werken en pauzeren met een kookwekker (of een digitale timer).
    – Simpele taken: 25 minuten werken, 5 minuten pauze
    – Complexere taken: 90 minuten werken, 15 minuten pauze
  • Pauzeer met open aandacht.
    In een goede pauze neem je geen nieuwe informatie op. Je gedachten dwalen even af. YouTube, Instagram of een podcast zijn dus géén goede pauzes. Voorbeelden van goede pauzes zijn uit het raam staren, een ommetje doen of een glas water halen.
  • Werk minder uren.
    In een Stanford-onderzoek was de groep die 60 uur per week werkte 30 procent minder productief dan de groep die 40 uur werkte. De werkdag van 8 uur is achterhaald, zegt Tigchelaar. Dat idee komt nog van de tijd dat we in de fabriek werkten. Voor denkwerk mag je al blij zijn met vier enigszins geconcentreerde uren per dag.

4. Te veel externe prikkels

Werk je in een kantoortuin of landschapsbureau? Hoe vlot kun je je daar focussen? Of heb je weleens last van concentratielek 4: te veel externe prikkels?

De kans is groot dat je regelmatig uit je concentratie wordt gehaald. En dat heeft meer impact dan je denkt:

  • Na een onderbreking heb je al snel 15 à 20 minuten nodig om er weer in te raken
  • Gebeurt dit meerdere keren? Dan maak je gemiddeld 20 procent meer fouten
  • We worden per dag gemiddeld 500 keer onderbroken
  • Daardoor zitten we elke dag 1,5 tot 2 uur extra op kantoor

Toch stelt Tigchelaar niet voor om de kantoortuin zomaar af te schaffen. Want met een paar duidelijke afspraken kom je al heel ver.

Zo maak je goede afspraken voor gefocust werken:

  • Kies één kanaal voor dringende berichten. Verstuur alle andere berichten via andere kanalen.
  • Laat iedereen zijn telefoon op stil zetten
  • Thuiswerken: werk minstens één dag per week niet op kantoor
  • Stilteblokken: spreek bijvoorbeeld af dat het elke dag tussen 10 en 12 uur stil is

Dit laatste concentratielek kan je natuurlijk niet op je eentje oplossen. Daarvoor moet je overeenkomen met je bazen en collega’s.

Dus breng het eens ter sprake. En probeer in de tussentijd eens wat tips uit voor de andere concentratielekken.

Hoe zit het met jouw focus?

Probeerde je een tip uit? Wat werkte en wat niet? Heb je zelf nog extra tips? Laat het weten in de comments hieronder.

Over het boek

focus aan-uit

Titel: Focus AAN/UIT
Auteurs: Mark Tigchelaar, Oscar de Bos
Uitgever: Spectrum
Jaar: 2019
Nummer: 9789000359691
Aantal bladzijdes: 224
Prijs: € 20,00
Bestellen: via Managementboek (aff.)