Trends

Social media verrijken de Sportzomer

0

Sportminnend Nederland maakt zich op voor een zinderende sportzomer boordevol evenementen zoals het EK voetbal, Wimbledon, de Tour en de Olympische Spelen. De sport uitsluitend via TV volgen, is ouderwets. De sportliefhebber kijkt tegenwoordig ook mee via het zogeheten tweede scherm en in de social media gaat de sport(er) door waar de tv-uitzending stopt. Die moderne kanalen brengen echter aardig wat kopzorgen met zich mee voor organisatoren, coaches en sporters.

Tijdens de onlangs gespeelde Champions League finale werden er op het hoogtepunt maar liefst 32.097 tweets per seconde verstuurd. Een absoluut record. Hieruit alleen al blijkt dat sport en social media anno 2012 onlosmakelijk aan elkaar verbonden zijn. Door kanalen als Twitter en Facebook vindt er voor het eerst directe communicatie tussen sporter en supporter plaats zonder tussenkomst van een redactie. De supporter krijgt daardoor steeds meer macht en de topsporter wordt belangrijker dan zijn club. Social media spelen dan ook een cruciale rol in de verdere groei van de sport. Sport en social media worden echter nog niet door iedereen gezien als een goede combinatie. Er is de afgelopen tijd dan ook aardig wat ophef geweest over het gebruik van social media tijdens grote sportevenementen.

Twitterverbod of Twittergenot?

De Deense voetballers mogen tijdens het EK geen gebruik maken van Twitter om ervoor te zorgen dat ze de volledige focus op het toernooi kunnen houden. Een verbod waar zelfs de Deense minister van sport vraagtekens bij plaatste, omdat volgens hem op deze manier de vrijheid van meningsuiting wordt ontnomen. Ook Vincente Del Bosque, bondscoach van Spanje, legde zijn spelers aanvankelijk een social media-verbod op, maar is daar afgelopen week toch op teruggekomen. De Spaanse voetballers zijn erg blij dat ze tijdens dit EK dan eindelijk actief mogen zijn op sociale netwerken.

Fabregas op Twitter

Spelers van het Nederlands Elftal mogen wel gewoon twitteren tijdens het EK. Bondscoach Bert van Marwijk heeft wel verzocht verantwoord en met enige discretie met het medium om te gaan. Ook op het WK van 2010 had van Marwijk geen moeite met twitterende voetballers, maar uitgelekte webcambeelden van voetballer Elia vormden alsnog de aanleiding tot een twitterverbod voor de rest van het toernooi. De bondscoach is van mening dat social media bij deze tijd horen, maar dat spelers er wel mee om moeten kunnen gaan. Die mening is overigens ook de bondscoach van Engeland toebedeeld.

Dat een algeheel twitterverbod niet altijd noodzakelijk is, toont Brian Holm, sportdirecteur van de wielerploeg waarvoor Tom Boonen rijdt. Boonen en zijn teamgenoten kregen ‘slechts’ een twitterverbod opgelegd in het eerste uur na een wedstrijd. Volgens Holm moeten renners na een race hun emoties eerst verwerken om te voorkomen dat ze dingen gaan zeggen waar ze later mogelijk spijt van krijgen. Verder zijn de wielrenners vrij in het gebruik van Twitter, want volgens Holm beïnvloed dat de focus op de koers niet en moeten ook sporters een mening durven te hebben die ze mogen uiten. Dat een verbod niet essentieel is komt ook duidelijk naar voren als we kijken naar het social media-beleid van voetbalclub Arsenal. Waar rivaal Manchester United in 2010 al haar spelers van social media-kanalen afhaalde om de controle te kunnen houden over de mededelingen van de voetballers, koos Arsenal ervoor om de spelers te trainen. Manager Arsène Wenger vindt dat zijn spelers vrij zijn om een mening te kunnen uiten, maar wil wel dat spelers eerst goed nadenken voordat ze een tweet de wereld insturen. Arsenal begeleidde de spelers hierin door het verplicht stellen van een Twittercursus.

Train en coach, maar laat de sporter kiezen

Waar het in bovenstaande vooral om draait: Kun je sporters in tijden van open en directe communicatie restricties opleggen? Ik ben van mening dat er grenzen en regels mogen zijn (zoals deze overal zijn), maar dat je de sporter vooral moet stimuleren om te participeren in social media. Clubs, bonden en organisaties moeten de sporter daarin ondersteuning bieden door het geven van training en coaching. Het gaat daarbij met name om een stukje bewustwording waardoor de sporter in gaat zien welke gevaren en gevolgen social media met zich mee kunnen brengen.

Naomi van As op Twitter

Zie het als een verlengstuk van het bestaande communicatiebeleid en als vast onderdeel van de mediatraining. Een sporter mag dan uiteindelijk zelf bepalen of hij binnen het toegestane speelveld gebruik wil maken van social media of niet. Zo overweegt zwemster en fervent twitteraar Ranomi Kromowidjojo zichzelf een twitterverbod op te leggen gedurende de Olympische Spelen. Ze denkt zich zonder Twitter beter te kunnen focussen op de te leveren prestaties. Ook de Nederlandse hockeydames hebben om die reden besloten om in Londen Twitter links te laten liggen. Allemaal waren ze vrij in het maken van deze keuze en dát is nu juist waar het om draait; laat de sporter zelf bepalen of hij social media wil gebruiken of niet!

Social media bieden de sport(er) nieuwe kansen

Social media bieden nieuwe kansen voor sport en sporters. Via deze online kanalen kunnen clubs, bonden en sporters een community opbouwen, werken aan hun imago, branding, naamsbekendheid en zelfs sales realiseren. Fan engagement en profilering zijn daarin de toverwoorden. In het centraal stellen van de fan en het creëren van een sterke online personality ligt echter nog een enorme uitdaging voor sport en sporters. Nederland loopt daarin namelijk nog ver achter op de VS, waar ze in de sportwereld al stukken verder zijn met het inzetten van de kracht van social media.

Zoals gezegd zijn social media de ideale tool voor het creëren van fan engagement. Via deze kanalen kan de band met de fans worden versterkt en de service richting de supporters worden vergroot. De sporter heeft immers de mogelijkheid om rechtstreeks de interactie aan te gaan met de sportfan die daar op zijn beurt veel waarde aan hecht. Sportfans zijn bereid veel tijd te steken in het consumeren van sport en zijn erg geïnteresseerd in het verhaal achter de sporter. Door een medium als Twitter is de wereld achter de topsporter ineens niet meer vaag en krijgt de sportfan realtime, unieke informatie waar hij continu naar op zoek is. Dat een sportfan, vooral tijdens grote toernooien, op zoek is naar nieuwe weetjes blijkt alleen al uit het feit dat Robert Gesink er tijdens de Tour de France 20.000 nieuwe volgers bij kreeg op Twitter.

Usain Bolt op Facebook

Social media bieden daarnaast nieuwe kansen voor sport en sporters om zichzelf op de kaart te zetten en daarmee hun personality te vergroten. Een sporter die op Facebook en Twitter een grote groep fans (community) aan zich weet te binden, wordt steeds interessanter voor sponsoren. Via deze kanalen kan de sporter zijn commerciële waarde een boost geven en zich daardoor verbinden aan mooie marketingactiviteiten. Topsporters moeten zichzelf eigenlijk zien als een merk en social media zijn een tool om dat merk te versterken. Hoe beter de online profilering is, hoe beter de deals! Dat geldt overigens niet alleen voor de sporter zelf, maar ook voor zijn sport. De sporter zorgt er niet alleen door te presteren voor dat de sport aantrekkelijk blijft, maar ook door zich open te stellen aan wensen van het publiek, sponsoren en bestuurders. Dat komt allemaal ten goede aan het vergroten van de bekendheid en het versterken van het imago van zijn sport. Al met al tal van mooie kansen die de sporter bij een social media-verbod ontnomen worden.

London 2012: The Social Games

De Olympische Spelen in Londen zullen de eerste zomerspelen zijn waarin social media een prominente rol spelen en worden dan ook al toepasselijk ‘The Social Games’ genoemd. Gedurende de Spelen wordt een massale opleving van het social media-gebruik verwacht en dat brengt nieuwe vraagstukken met zich mee voor de organisatie. Zo is in de ticketvoorwaarden opgenomen dat het voor bezoekers verboden is om foto’s en video’s te delen via social media-kanalen. Het materiaal mag enkel gebruikt worden in de privésfeer. Een foto twitteren van een juichende Usain Bolt na zijn gouden 100 meter is er in Londen dus niet bij.

Vancouver 2010

Voor de winterspelen van Vancouver in 2010 plaatste de organisatie dit bericht op Twitter.

Om de sporters, beroemdheden en politici te beschermen legde de Olympische organisatie ook de 70.000 vrijwilligers van de Olympische Spelen een heleboel regels op met betrekking tot het gebruik van social media. Zo mogen de medewerkers niets online plaatsen over hun locatie, over de sporters, beroemdheden en de officials. De Olympische sporters worden daarentegen juist wel actief gestimuleerd in het gebruik van social media tijdens de Spelen. De Olympische organisatie heeft daarvoor in samenwerking met Twitter wel een aantal richtlijnen opgesteld. Zo mogen de sporters geen commerciële uitingen doen, geen foto’s en video’s binnen de stadions delen en moeten ze zich beperken tot persoonlijke mededelingen met een dagboekachtig karakter. Overtreding van de richtlijnen kan worden bestraft met het intrekken van de accreditatie.

Voor de organisatie van de Spelen zal het in elk geval een hele klus zijn om de controle te houden over wat sporters, niet-officiële sponsoren en bezoekers allemaal op het wereldwijde web publiceren. Social media en de Olympische Spelen blijven een ingewikkelde combinatie, doordat de organisatie te maken heeft met uiteenlopende belangen en rechtenkwesties. Toch heeft de Olympische organisatie, in tegenstelling tot vorige edities, nu ingezien dat het simpelweg instellen van een verbod geen oplossing is. De organisatie heeft al een hele stap gemaakt door het publiceren van richtlijnen en door social media-gebruik daar waar mogelijk te stimuleren. Ik ben dan ook erg benieuwd naar hoe het beleid zich ontwikkelt richting de Spelen van 2016.

Sportzomer 2.0

In mijn ogen verrijken social media de aankomende sportzomer. Nog nooit waren kanalen als Twitter en Facebook zo belangrijk tijdens grote evenementen als het EK en de Olympische Spelen. De fan staat voor het eerst direct in verbinding met de sporter, zonder tussenkomst van redactie en kan alle persoonlijke communicatie van de sporter op de voet volgen. Een totaal nieuwe manier van sportconsumptie is daarmee een feit. Laten we hopen op een succesvolle, sociale sportzomer!