Onderzoek, Strategie

Project X Haren: ‘sociale media vragen andere inrichting overheid’

0

Vandaag presenteerde de commissie-Cohen haar analyse over het compleet uit de hand gelopen Project X in Haren, vorig jaar. In deze case zijn ongeveer alle maatschappelijke en digitale transities samengebald. Om herhaling te voorkomen, moeten overheden zich volgens het rapport compleet anders organiseren.

Generatiekloof tussen bestuurders en jongeren

‘Haren’ hangt nauw samen met de revolutionaire ontwikkeling van informatie- en communicatietechnologie. In zijn boek The Network Society plaatst prof. dr. Van Dijk, één van de onderzoekers in de commissie-Cohen, deze trends in het licht van culturele, sociale en economische veranderingen. Wie het gelezen heeft, begrijpt de achterliggende complexiteit van de rellen in Haren.

We zagen in Haren niet zomaar een uit de hand gelopen Facebook-feest. Het was de kloof tussen de logheid van een hiërarchische organisatie versus de snelheid van netwerken, de kloof tussen overheid en burger. Maar ook een generatiekloof, tussen bestuurders en jongeren.

De zoon van burgemeester Rob Bats

Rob Bats, de burgemeester van Haren, vernam van het op handen zijnde feest via zijn 18-jarige zoon. “Hij zei: het wordt echt groot. Hij studeert, zit midden in die wereld. Hij was mijn klankbord”, liet Bats optekenen in De Volkskrant. Opmerkelijk, eigenlijk.

Dus niet de tientallen professionals van de gemeente en de politie, maar de puberende zoon van de burgemeester werd het klankbord. Toch was één van de reflexen van de gemeente om het bord ‘Stationsweg’ te verwijderen, alwaar het verjaardagsfeest van Merthe op de planning stond. Wat zullen ze gedacht hebben? Dat jongeren die op een Facebook-feest komen geen Google Maps op hun smartphone hebben?

stationsweg

Botsende werelden

Volgens het onderzoek was er inderdaad sprake van botsende werelden. Die van de netwerkende jongeren en die van de bestaande structuren, zoals de gemeente en de politie. Het onbegrip van de overheid voor de belevingswereld van jongeren en sociale media in het bijzonder, worden in het rapport genoemd als één van de oorzaken. Onderstaande passage beschrijft de mismatch:

“Wat de benadering van de sociale media betreft hebben de autoriteiten, de politie voorop, vooral gemonitord. […] Alleen op de dagen voor en op 21 september is er getwitterd met eenrichtingsverkeer, vooral door de politie. Het is opvallend dat er vooral naar Twitter gekeken is, terwijl het evenement toch is aangemaakt en georganiseerd op Facebook. Op 21 september werd men overweldigd door het enorme aantal tweets. Het is ook opvallend dat men vooral via de traditionele massamedia met de jongeren die mogelijk naar Haren zouden komen gecommuniceerd heeft.”

Hoe moet het dan wel?

Een heldere conclusie. Maar wat moeten overheden in de toekomst dan anders doen? Het rapport doet – in het kort – de volgende aanbevelingen:

1. Helder communicatiebeleid

Juist bij een zo onbekend fenomeen als de mobilisatie voor een evenement via sociale media moet er een helder communicatiebeleid zijn. Zelfs geen communicatie kan dan beter zijn dan onduidelijke communicatie.

2. Vooraf nadenken

Communicatiestructuur en communicatiestrategie kunnen niet op het laatste moment geïmproviseerd worden. Daar moet men vooraf over nadenken. Men dient helder, eenduidig en niet afwachtend te communiceren over te nemen maatregelen.

3. Zowel monitoren als interveniëren

De autoriteiten kunnen de sociale media zowel monitoren als hierin interveniëren. Het monitoren kan het beste in een landelijk netwerk van deskundigen en betrokken diensten plaatsvinden, maar eventuele acties naar aanleiding van risico’s aangetroffen bij de monitoring kunnen het beste lokaal plaatsvinden.

4. Niet blindstaren op sociale media

Autoriteiten moeten zich niet blindstaren op de sociale media. Het op waarde schatten van online fenomenen en met name hoe die deze zich verhouden tot fysieke mobilisatie is ingewikkeld. Daarom is het essentieel om inzichten uit de sociale media een context te geven aan de hand van lokale kennis.

5. Taken voor zowel uitvoerenden als management

Aandacht voor de strategie ten aanzien van sociale media en ICT in het algemeen, moeten hoog belegd worden in het management van de politie en het openbaar bestuur. Het zijn centrale strategische taken geworden. Zij moeten niet enkel overgelaten worden aan uitvoerende communicatieafdelingen en netwerkteams.

6. Onderzoek naar strategiën voor interventie

De interventie van de overheid in de sociale media is grotendeels onontgonnen terrein. Dat is overigens ook een kwestie van principes: hoe ver kan de overheid hierin gaan? Er moet onderzoek verricht worden naar de mogelijke strategieën en tactieken van interventie.

7. Een duidelijk plan

Interventie door politie en openbaar bestuur in sociale media heeft geen zin zonder duidelijk plan. Wat wil je hier precies mee bereiken? Wie zijn precies de doelgroepen binnen de sociale media? Welke tactieken moeten worden gehanteerd? Welke rol moet worden aangenomen? In het wilde weg twitteren kan makkelijk averechts werken.

8. Nieuwe inrichting politieorganisatie

De politieorganisatie moet zo ingericht worden dat elke politieagent weet waar hij of zij terecht kan met een vraagstuk dat betrekking heeft op sociale media en monitoring daarvan. Eventuele problemen waarin sociale media een rol spelen laten zich het best aankondigen door burgers die er persoonlijk bij betrokken zijn: voor hen is een wijkagent of het landelijke telefoonnummer van de politie het eerste aanspreekpunt.

Project X Haren

Netwerkoverheid

De huidige traditionele structuren van de overheid zijn slechts in staat om aan dit soort vraagstukken het hoofd te bieden in de nieuwe netwerksamenleving door zichzelf deels om te vormen. Een netwerkoverheid is een overheid die zich gaandeweg minder organiseert in kolommen en meer in ketens of netwerken. Hiërarchische onderdelen van de overheid, zoals de politie en het openbaar bestuur, hebben grote moeite met de platte structuren van netwerken. Als zij bij elke actie om toestemming moeten vragen bij hun superieuren, is een slagvaardig optreden niet mogelijk.

Nieuw soort aansturing en leiderschap is nodig

In deze aanbevelingen staan veel zaken die op het eerste gezicht logisch lijken, maar die in de praktijk nogal weerbarstig zullen zijn. ‘Omvormen tot netwerkoverheid’, ‘grotendeels onontgonnen terrein’ en ‘centrale strategische taken’ vormen een wezenlijk andere inrichting van de overheden, met daarop aansluitend ook een nieuw soort aansturing en leiderschap.

Bats: ‘We willen de uitdaging met social media nu oppakken’

Dat laatste beseft ook burgemeester Bats zich inmiddels. Waar hij bij zijn aanstelling nog stoer sprak ‘hier komt geen twitterende burgemeester’, sprak hij twee maanden geleden in De Volkskrant een heel andere toon. ‘De samenleving is veranderd. Als overheid liepen wij niet erg voorop op social media-gebied. We willen die uitdaging nu oppakken.’ En zo lijkt het zomaar te kunnen gebeuren, dat een simpel verjaardagsfeestje zorgt voor een radicale andere inrichting van onze overheden, waarin bereikbaarheid, verbondenheid, persoonlijkheid en transparantie centraal staan.