User experience

Digitale toegankelijkheid: vergeet de ouderen niet!

0

In coronatijd wordt in één klap duidelijk hoe belangrijk digitalisering voor de samenleving is. We werken online en het sociale leven wordt ingevuld met beeldbellen. We vermaken ons met bijvoorbeeld Netflix, Spotify, gamen en e-books. Boodschappen en alles wat we nodig hebben, bestellen we online en laten we thuis afleveren. Digitalisering zorgt dat het ‘normale’ leven toch doorgang kan vinden. Eén groep wordt echter door de coronacrisis extra hard geraakt: de ouderen. Behalve dat het virus vooral deze groep treft, betekent social distancing voor hen in veel gevallen minder contact met de buitenwereld, afhankelijkheid en zelfs isolement.

Er wonen ruim 3 miljoen ouderen (65-plussers) in Nederland. Van de 75-jarigen woont iets meer dan 90 procent zelfstandig en meer dan de helft hiervan woont alleen. Hoewel de meeste ouderen thuis toegang hebben tot het internet, blijkt uit onderzoek van de Universiteit Twente (pdf, 2019) dat iets meer dan de helft zich niet voldoende digitaal vaardig voelt. Deze groep heeft vaak hulp nodig van hun omgeving bij het gebruik van digitale diensten.

Digitalisering heeft ouderen zoveel te bieden

Met alle coronamaatregelen is die hulp veelal buiten bereik en zijn ouderen op zichzelf en hun eigen kennis aangewezen. Maar juist nu heeft digitalisering hen zoveel te bieden: met videobellen in contact blijven met de familie en vrienden bijvoorbeeld. Of de  boodschappen laten bezorgen via een supermarkt-app, online spelletjes spelen, beeldbellen met de huisarts en het vinden van specifieke informatie over het coronavirus. En wat te denken van de nieuwe apps die rond corona ontwikkeld worden? Juist voor deze groep mensen zijn die apps van groot belang.

Ouderen zijn een grote en groeiende doelgroep voor online diensten. Toch houden organisaties in de ontwikkeling ervan maar weinig rekening met deze groep. De meeste digitale diensten worden vormgegeven door relatief jonge designers met jonge(re) gebruikers in gedachten. Dit resulteert dikwijls in een dienst die te ingewikkeld is voor ouderen. Terwijl coronatijd laat zien hoe belangrijk toegankelijkheid van deze voorzieningen is voor ouderen. En reken maar dat in, en zeker na coronatijd, ouderen gemotiveerder zijn hun digitale vaardigheden te vergroten.

Hoe houd je rekening met oudere online gebruikers?

Bij online design voor ouderen denk je al snel aan het gebruik van een groot font en grotere knoppen. En ja, dat helpt. Maar design voor ouderen behelst veel meer. Gelukkig bestaan er richtlijnen voor. Jakob Nielsen, één van de bekendste adviseurs op het gebied van gebruiksvriendelijkheid van digitale diensten, heeft na uitgebreid onderzoek onder online gebruikers van 65 jaar en ouder maar liefst 87 richtlijnen opgesteld voor UX-design voor ouderen (2019, Nielsen Norman Group). En binnen de internationaal gebruikte richtlijnen voor digitale toegankelijkheid voor met name mensen met een beperking (Web Content Accessibility Guidelines, WCAG 2.1), zijn adviezen opgenomen die zich speciaal richten op ouderen.

Van richtlijnen naar praktijk

Allereerst is het belangrijk te weten dat het proces van ouder worden op verschillende wijzen invloed heeft op hoe ouderen digitale producten gebruiken. Uit onderzoek van Nielsen Norman Group (2019) blijkt dat met name het gezichtsvermogen, de handvaardigheid, het geheugen en de informatieverwerking een rol spelen.

Gezichtsvermogen

Als je ouder wordt neemt het gezichtsvermogen geleidelijk af en dichtbij kijken wordt lastiger. Het kost ouderen meer moeite zich aan te passen aan lichtsterktes of om bepaalde kleuren te onderscheiden. Ook neemt het risico op een leeftijdsgebonden oogziekte toe. Dit alles heeft vanzelfsprekend invloed op het kunnen lezen van het scherm.

Behalve de grootte van het font (website minstens 12 punt en mobiel minstens 16 punt) is een goed contrast van de tekst ten opzichte van de achtergrond erg belangrijk voor de leesbaarheid. Een goede kleurcontrast-ratio is eenvoudig te testen met een gratis tool zoals de Colour Contrast Analyser.

Als je gebruik maakt van grafische elementen als iconen en symbolen:

  • Doe dit dan mét een begeleidende tekst en niet in plaats van tekst
  • Gebruik eenduidige en rechttoe rechtaan iconen
  • Gebruik alleen iconen die helpen iets te begrijpen en niet puur voor decoratie

Oudere gebruikers maken vaak gebruik van schermvergroting of inzoomen. Bij het vergroten van het scherm mag er geen belangrijke informatie verloren gaan.

digitale toegankelijkheid ouderen

Handvaardigheid

Als je ouder wordt heeft dit invloed op je handvaardigheid. Trillende handen (tremoren) of pijnlijke gewrichten waardoor vingers en armen minder soepel bewegen, hebben invloed op de fijne motoriek en de hand-oogcoördinatie. Dit bemoeilijkt de bediening van een device.

Gebruik grote interactieve doelen met rondom witruimte. Als een grafisch element in de buurt van de link staat, kun je deze groeperen om zo een groter linkdoel te vormen.

Bied meerdere mogelijkheden om iets te kunnen invoeren. Bijvoorbeeld een datumprikker in een kalender én de mogelijkheid een datum in te typen.

Geheugen

Zo’n 40 procent van de mensen boven de 65 jaar krijgt last van ouderdomsvergeetachtigheid.

Oudere online gebruikers kunnen vergeten dat ze al een pagina of link hebben bezocht en bezoeken deze opnieuw. Belangrijk is dat een oudere vaak iets makkelijker herkent dan zich herinnert.

Gebruik een standaard (veelgebruikte) navigatiestructuur die je consistent gebruikt op alle pagina’s, die goed zichtbaar is en duidelijk de interactie laat zien.

Maak gebruik van ‘bewegwijzering’ om de oudere gebruiker te duiden waar ze zijn en waar zij heen kunnen. Wat helpt zijn:

  • Broodkruimels bovenaan de pagina
  • Paginatitels
  • Een terugkerende, consistente, zichtbare algemene navigatie
  • Een verandering van het uiterlijk of de kleur van een bezochte link

Verwerken van informatie

Naarmate je ouder wordt, gaat het verwerken van informatie langzamer. Het ophalen van informatie uit het geheugen kost meer moeite. Een oudere gebruiker krijgt hierdoor moeite met het nemen van een beslissing, waardoor dit meer tijd neemt.

Omdat veel lezen van een scherm extra vermoeiend kan zijn voor een oudere gebruiker, is het aan te bevelen teksten op te delen in korte paragrafen met heldere kopjes en omschrijvingen. Zo kan de gebruiker snel beoordelen of het voor hem van waarde is de hele tekst te lezen.

Als je in de tekst een link gebruikt, geef de link een betekenisvolle naam. Dus niet ‘lees meer’, maar laat weten wat die link biedt. Bijvoorbeeld: ‘Lees hier meer over de corona-app’.

Waar de meeste gebruikers, en daarmee ook de oudere gebruikers, niet blij van worden, is gecompliceerde informatie. Gebruik:

  • Korte paragrafen die makkelijk te scannen zijn
  • Eenvoudig en algemeen taalgebruik
  • Korte zinnen die makkelijk weglezen
  • Het liefst geen Engelse woorden of vakjargon

Behalve deze vier beperkingen die zich kunnen voordoen tijdens het ouder worden, is er nog een vijfde aandachtspunt:

Kennisachterstand

Ouderen zijn vaak niet opgegroeid met het internet. Wat voor veel jongere online gebruikers vanzelfsprekend is, is voor oudere online gebruikers soms lastig te begrijpen. Omdat veel ouderen twijfelen over hun digitale vaardigheid geven zij, als er iets mis gaat, zichzelf vaak de schuld.

Een foutmelding kan ervoor zorgen dat een oudere gebruiker meteen stopt. Een omschrijvende en behulpzame foutmelding helpt ouderen door te gaan met hun handeling. Een goede foutmelding geeft duidelijk aan wat het probleem is, waar het zich voordoet en hoe het is op te lossen en dit in vriendelijke taal.

De meeste online ouderen zijn wel bekend met standaardterminologie zoals homepagina, pagina en browser. Maar let op termen als ‘url’ en ‘web’. Ook kun je er niet van uitgaan dat het verschil tussen een webpagina en een website duidelijk is. Probeer het dus zo helder mogelijk te houden en vermijd vakjargon. Check het eerst bij ouderen in je omgeving.

Privacy is een toenemende zorg bij online ouderen. Sta toe dat de gebruiker zijn ingevoerde gegevens kan inzien, begrijpen en beheren. Daarnaast:

  • Vraag alleen informatie die echt nodig is en licht toe waarom je bepaalde gegevens nodig hebt.
  • Zorg dat alle privacy-instellingen in één keer aangepast kunnen worden en niet in een bepaalde volgorde.
  • Bied de mogelijkheid om ‘data delen’ uit te zetten voor bepaalde bronnen.

 Dé oudere bestaat niet

Geen oudere is hetzelfde, de interesses, geestelijke en fysieke gesteldheid varieert per individu. Profileer je dienst daarom niet als dienst of product ‘speciaal voor ouderen’ alsof het een homogene groep is. Ouderen kiezen – net als andere online gebruikers – voor een product of dienst omdat het aansluit bij hun individuele interesses of vaardigheden.

Uit onderzoek van Universiteit Twente (2019) blijkt dat veel ouderen gemotiveerder zijn om online actief te worden als het aansluit bij hun interesses en zij beseffen wat het hen oplevert. Coronatijd laat zien dat de digitale wereld helpt in contact te zijn met de buitenwereld, sociaal betrokken te blijven en een grotere zelfstandigheid te bewaren. Redenen genoeg voor ouderen om hun online activiteiten te intensiveren. Het is aan de organisaties om de drempel van hun online diensten voor deze ouderen te verlagen. In coronatijd én daarna.