SAP-onderzoek: 57% ziet een AI-manager als volwaardig alternatief

SAP
SAP-onderzoek: 57% ziet een AI-manager als volwaardig alternatief

Dat AI tijd bespaart op het werk, is inmiddels duidelijk. Maar uit onderzoek van SAP SuccessFactors, uitgevoerd door het Future of Work Research Lab van SAP, blijkt dat de impact veel verder gaat: van de manier waarop werknemers problemen benaderen tot hun kijk op managers, ontwikkeling en waardering. Zo zegt 57% van de werknemers net zo succesvol te kunnen zijn met een AI-manager als met een menselijke leidinggevende. Dit zijn de opvallendste uitkomsten van het onderzoek.

De toekomst van werken
Tijdwinst: AI heeft in het bedrijfsleven tot nu toe vooral tijdswinst en efficiëntie opgeleverd. Werknemers die AI gebruiken, besparen gemiddeld 75 minuten per dag. Dat is 23 minuten meer dan begin 2025. Daarnaast schatten werknemers dat AI nu al bijna de helft van hun werkzaamheden (42%) kan uitvoeren. Die ontwikkeling zorgt ook voor onzekerheid over de toekomst van werk.

Emotionele ondersteuning: AI wordt steeds geavanceerder. Daardoor krijgt de samenwerking tussen mens en technologie een steeds persoonlijker karakter. Inmiddels gebruikt 40% van de werknemers AI ook voor emotionele steun. Sommigen wenden zich zelfs tot AI voor advies, om stoom af te blazen of om successen mee te delen.

Denkwerk overnemen: Wat doet het met ons denkvermogen nu we AI steeds vaker gebruiken op het werk? Op dit moment zegt 60% van de werknemers AI al in te zetten om op nieuwe manieren over problemen na te denken. 90% geeft aan wel eens volledig door AI gegenereerde content te hebben ingediend zonder die nog te bewerken of te controleren. AI leidt wellicht tot minder kritisch denkwerk, maar is tegelijkertijd een middel om reflectie te verdiepen en het menselijk denken te versterken.

De toekomst van de beroepsbevolking
Startersfuncties: AI neemt steeds meer routinetaken over, met als gevolg dat het aantal startersfuncties afneemt. Daarnaast hebben opleidingen moeite om het tempo van nieuwe vaardigheden bij te houden. Jonge werknemers vrezen daardoor dat zij achterop raken, waarbij 37% zich zorgen maakt dat het uitblijven van een vaste functie en het blijven werken in tijdelijke contracten hun carrière op lange termijn schaadt. Organisaties moeten zich daarom afvragen hoe zij ervoor zorgen dat ook nieuw talent zich kan ontwikkelen.

Managementtaken: managers staan steeds meer onder druk door meer verantwoordelijkheden en een hoge administratieve last. Maar er is ook steeds meer twijfel over de rol van de manager: 57% van de werknemers zegt net zo succesvol te kunnen zijn met een AI-manager als met een menselijke leidinggevende. Dat roept de fundamentele vraag op: neemt AI een groot deel van de traditionele managementtaken over? Of verschuift de rol van de manager juist naar de typisch menselijke kant van leiderschap, zoals coaching, richting geven en vertrouwen opbouwen?

Oudere werknemers: steeds meer mensen blijven langer actief op de arbeidsmarkt uit eigen keuze of uit noodzaak. Oudere werknemers zijn ook 47% minder geneigd om van baan te wisselen dan jongere collega’s. Organisaties moeten daarom opnieuw nadenken over de inzet van medewerkers in de latere loopbaanfase. Wordt die vooral flexibel en adviserend? Of juist een stabiele rol waarin ervaring, continuïteit en organisatiekennis centraal staan?

De toekomst van hoe we werk organiseren
Werving en selectie: binnen HR is werving en selectie het domein waar AI op dit moment het meest is doorgedrongen. Maar ook sollicitanten zetten AI steeds vaker in om hun kansen op de arbeidsmarkt te vergroten. Inmiddels zegt 39% van de werknemers AI te hebben gebruikt tijdens het sollicitatieproces.

Prestatiemanagement: prestatiemanagement is nog vaak ingericht rond vaste, jaarlijkse beoordelingscycli. Daarbij ligt de nadruk meestal op doelstellingen, output en het oordeel van een leidinggevende in plaats van op de werkelijke impact van een medewerker. Het gevoel dat het werk ertoe doet, weegt voor werknemers zwaarder mee om bij een werkgever te blijven dan tevredenheid over het salaris. Organisaties zullen daarom moeten bekijken hoe zij prestaties beoordelen, waarderen en belonen.

Beloning: Beloning is nog steeds sterk gerelateerd aan hiërarchie en dienstjaren, en veel minder aan daadwerkelijke bijdrage. Werknemers zijn echter vaker echt tevreden over hun beloning wanneer die zichtbaarder gekoppeld is aan wat zij toevoegen. Dat dwingt organisaties om opnieuw na te denken over hoe zij talent willen waarderen en behouden.

“De toekomst van werk wordt niet alleen bepaald door hoe snel organisaties AI invoeren, maar vooral door de manier waarop ze die technologie weten te combineren met menselijk talent”, zegt Bart Van der Biest, Managing Director van SAP Benelux. “Bedrijven die daarin slagen, werken niet alleen efficiënter, maar zijn ook beter in staat om mensen te ontwikkelen, te behouden en duurzaam te laten groeien.”