De digitale democratie

12

door Michel Vennema van Isabel

Print

op donderdag 1 mei 2008 om 16:31 uur

stemmenopinternet.jpgDe term ‘digitale democratie’ intrigeert me. Ik kwam de term tegen in een onderzoek van Ernst & Young. Het consultancybureau onderzocht hoe burgers staan tegenover digitaal stemmen. Positief, zo blijkt. Maar liefst 81 % geeft graag zijn stem via internet. Tijd om eens te kijken naar de mogelijkheden van de digitale democratie.

We zijn opgegroeid met de democratie en geloven er heilig in. Zo heilig zelfs dat we er oorlogen mee rechtvaardigen. Zal internet ons systeem – de parlementaire democratie – verbeteren en versterken, of komt er een totaal ander systeem voor in de plaats? Gaan we terug naar het oude Athene, de bakermat van de democratie, waar iedereen mocht meebeslissen over alles? Of zorgt het voor een versterking van de huidige democratie?

De macht van de burger
rita_verdonk.jpg TON (ja, Rita, ik noem je partij gewoon TON) doet een poging terug te gaan naar de ‘echte’ democratie. De burger laat weten wat hij vindt, en de politiek (in dit geval Rita) gaat ermee aan de slag. Democratie zoals het bedoeld was in Athene. Nu kun je zeggen dat Verdonk populistisch bezig is. Eens, maar dat doet niks af aan het principe ‘de burger beslist’. Je kunt er toch moeilijk op tegen zijn dat burgers beslissen over hun eigen land, zullen voorstanders van de ‘authentieke democratie’ zeggen. Toch zie ik een directe democratie niet als het grote voordeel van de digitale democratie. Ten eerste omdat democratie voor mij meer is dan de wens van de meerderheid. Ten tweede omdat ik – en velen met mij – niet de tijd heb om me overal in te verdiepen (er zijn meer redenen, maar ik beperk me tot de belangrijkste). Nee, internet – en daarmee de digitale democratie – biedt volgens mij meer en betere mogelijkheden.

Van mediacratie naar digitale democratie
De manier waarop we communiceren, informatie vergaren en onze tijd indelen is door de media en door internet veranderd. Politici doen gewild en ongewild mee. We lezen op het blog van Bos dat hij een ‘helse klus’ heeft geklaard en we zien Vogelaar met haar mond vol tanden op GeenStijl. We zien dus steeds beter wat politici doen. Maar ze weten die camera’s ook in hun voordeel te gebruiken. Onzinnige Kamervragen over een kreeft dragen nauwelijks bij aan het debat, maar vormen wel de publieke opinie. En een minister knettergek noemen maakt je niet geliefd in de kamer, maar wel daarbuiten.

Resultaat van al die media, tv én internet, is dat imago belangrijker wordt dan inhoud. Zo heeft Verdonk geen partijpunten, maar ze ‘staat wel ergens voor’. De digitale democratie biedt volgens mij veel mogelijkheden om terug te gaan naar de inhoud. Burgers zijn niet dom. Maar je moet ze wel goed inlichten. Gebruik het wereldwijde web om inzicht te geven in de besluitvorming en leg online verantwoording af. Geef aan waarom er compromissen worden gesloten. Zet voor- en nadelen van een onderwerp op een rij en leg uit waarom het voordeel zwaarder weegt dan het nadeel.

Versterking van de democratie
Ik zie in de digitale democratie dus niet zozeer een totale verandering. Ik ben in grote lijnen tevreden met de parlementaire democratie. Het mag alleen allemaal wat duidelijker en sneller. Professor in communicatiewetenschappen A.G.M. van Dijk ziet in internet vooral ook mogelijkheden voor versterking van de democratie. Hij geeft in ‘Digitale democratie: illusie en realiteit’ de volgende definitie:‘Digitale democratie is het gebruik van digitale media voor de versterking van democratie in het algemeen en burgerparticipatie aan het politiek systeem in het bijzonder.’Hij gaat in zijn artikel uitgebreid in op de (on)mogelijkheden van de digitale democratie. Het stuk dateert uit 2000, maar is naar mijn idee nog verrassend actueel. In het eerste hoofdstuk komen de 3 mogelijke voordelen van de digitale democratie ter sprake. Deze werden in 1999 door Tsagarousianou geformuleerd. De digitale democratie:

  1. verbetert de politieke informatievoorziening en -uitwisseling door en tussen regering, openbaar bestuur, politieke vertegenwoordigers, politieke partijen, gemeenschappen en individuele burgers;
  2. ondersteunt het publiek debat, het overleg en de gemeenschapsvorming;
  3. vergroot de participatie en de invloed in politieke besluitvorming door burgers.

Er zijn 3 partijen die de bovenstaande punten mogelijk kunnen maken. Zij hebben invloed op het ontstaan van een digitale democratie:

  • (organisaties van) burgers
  • massamedia
  • overheidsorganen

In hoeverre heeft de digitale democratie haar beloften al waargemaakt? Is de politieke informatievoorziening verbeterd? Hebben we meer inspraak en invloed op de besluitvorming? Van Dijk gaat daar ook op in, maar inmiddels zijn we al wel 8 jaar verder. Tijd voor een kleine evaluatie en een blik op de toekomst.

Verbetering van informatievoorziening
In de informatievoorziening is al veel vooruitgang geboekt. We zijn niet meer afhankelijk van het NOS-journaal of de krant om nieuws te krijgen. Elke politieke partij heeft een site waarop de standpunten worden uitgelegd en waar de lijsttrekker een blog bijhoudt. Maar, zoals Van Dijk ook aangeeft, belangrijk is dat de informatie betrouwbaar, toegankelijk en bruikbaar is. Bos spreekt namens het Kabinet. Hij is dus bevooroordeeld. En dat geldt ook voor de websites van de partijen. De media hebben met internet natuurlijk ook nieuwe afzetkanalen. Maar zorgt dat voor een betere informatievoorziening, of zorgt het gewoon voor meer informatie? We zijn zeker sneller op de hoogte van wat er in de politiek speelt, maar overzicht en inzicht ontbreken.

Qua informatievoorziening heeft internet haar belofte volgens mij maar gedeeltelijk waargemaakt. Het zijn vooral oude media die digitaal worden gemaakt. Ik zou graag een onafhankelijk politiek portal zien; Een semi-open website waar partijen openlijk met elkaar in debat gaan, waar je informatie vindt over ons politieke systeem en waar je alle blogs van politici bij elkaar hebt. Die informatie helpt bij het verkleinen van de afstand tussen burger en overheid en vergroot de kennis die de burger heeft van het politieke systeem.

Ondersteuning politiek debat
Na een beetje zoeken kwam ik achtereenvolgens terecht op burger-overheid.nl, burgerlink.nl en e-overheid.nl. Allemaal initiatieven om de burgerparticipatie te verhogen met behulp van internet. Het huidige kabinet maakte ook gebruik van internet om de dialoog aan te gaan. Op de site samenwerkenaannederland.nl kon je discussiëren en onderwerpen aansnijden. Een terugkoppeling is er echter niet geweest. De site staat nog steeds online, maar het kabinet doet niks meer met de informatie (blijkt uit de bedanktekst op de homepage).

Samen werken aan Nederland

Werkt dat eigenlijk wel, burgers laten participeren via internet? Je loopt vaak tegen problemen aan. Ten eerste is de kwaliteit van reacties meestal teleurstellend. Je krijgt weinig genuanceerde, veelal op emotie gebaseerde reacties. En als de participatie groot is – wat je uiteindelijk wilt – heb je niet de tijd om al die reacties te beoordelen. Van Dijk noemt andere problemen van online discussies:

“Het meest teleurstellend aan de elektronische discussies tot nu toe is hun gebrekkige kwaliteit, gemeten aan de mate van interactiviteit en de spreiding van deelname. Meestal gaat het om eenmalige reacties op een openingsdocument of op de inbreng van anderen. De meningen lopen daarbij vaak ver uiteen en zij komen niet meer bij elkaar. In face-to-face is er een groepsdruk aanwezig om tot een zekere consensus en tot conclusies te komen. Elektronische discussies leveren zelden duidelijke resultaten op. Hierdoor wordt de kans nog geringer dat vertegenwoordigers en bestuurders deze overnemen. Het probleem is dat elektronische discussies in hun snelheid en directheid botsen op de traagheid van de politieke vertegenwoordiging en de ambtelijke cultuur van het openbaar bestuur.”

Maar hoe zit het dan met de invloed op besluitvorming? We kunnen natuurlijk onze mening op andere manieren laten horen en zo de politiek laten weten wat we vinden.

Invloed op de besluitvorming
In 2005 werd 21minuten.nl opgezet. Doel is ‘de burger de kans te geven op een directe manier een bijdrage te leveren aan de meningsvorming rond belangrijke maatschappelijke onderwerpen.’ Ik heb 2 keer meegedaan met het onderzoek van 21minuten.nl. De opzet is simpel, de vragen pittig. Je beseft door de vragen welke keuzes gemaakt moeten worden. Je kunt bijvoorbeeld niet eisen dat we 6-baanswegen en gratis openbaar vervoer krijgen, meer investeren in het terugdringen van CO2-uitstoot en tegelijkertijd minder belastingen hoeven te betalen (zie onderzoek TNS-NIPO). Naar mijn idee kweek je op deze manier begrip voor keuzes, terwijl je tegelijkertijd een goede indruk krijgt van wat de bevolking wil.

Democratie in ontwikkeling
Een goed aangeslagen initiatief op het gebied van digitale democratie is de Stemwijzer. Tijdens de verkiezingen in 2006 werd Stemwijzer.nl bezocht door 4.767.611 mensen. Zulke initiatieven bewijzen dat je de massa goed kunt bereiken. Tegelijk zijn ook daar weer bedenkingen bij. Ik vulde de nieuwe Partijenwijzer, en wist me niet goed raad met de stellingen. Die waren zo kort door de bocht dat ik weinig meer kon doen dan de meeste stellingen over te slaan. Dat wordt denk ik grootste uitdaging voor de digitale democratie: ingewikkelde problemen eenvoudig maken, zonder inhoud te verliezen. En hoewel internet daar bij uitstek geschikt voor is, denk ik dat we nog een lange weg hebben te gaan.

Michel Vennema werkt als adviseur webcommunicatie bij internetbureau Isabel.

0 stemmen stem
  1. Barbera op 2 mei 2008 om 09:59 uur

    Leuk stuk, ik zit persoonlijk ook niet op een directe (digitale) democratie te wachten, waarin elke Nederlander de politici aanstuurt. Het is onzinnig in crisissituaties (‘Sorry, even overleggen met mijn achterban..’) en ik vind het erg prettig dat er mensen zijn die dit werk willen doen voor mij. Ik geef hen graag mijn volmacht om zich in de politieke arena te begeven, zodat ik niet hoef.
    ICT kan wel helpen bij het transparant maken van de politiek, Michel geeft aan dat hij graag een onafhankelijk politiek portal ziet. Maar is dat niet de rol van de media? En zo niet, wie zou dan verantwoordelijk moeten zijn voor een onafhankelijk politiek portaal?
    Van de voorbeelden die je noemt voor de ondersteuning politiek debat, zijn er slechts twee echt op debat met bestuurders gericht. Van die twee voorbeelden weten we niet eens wat er met de resultaten is gebeurd.
    Ik denk dat online discussies zeker beter kunnen worden wanneer je keuze invloed heeft op het keuzepakket wat je nog overhoudt. Serious games gebruiken voor serious inspraak, bijvoorbeeld zoals het Caberg-Malpertuis. (www.caberg-malpertuis.nl/spel/)

  2. Michel Vennema van isabel.nl op 2 mei 2008 om 11:17 uur

    @Barbera: het spel van Caberg-Malpertuis kende ik nog niet. Leuk gedaan. Helemaal mee eens dat serious gaming een goed middel kan zijn om mensen bij politiek te betrekken en inzicht te geven. Wat betreft het politieke portal denk ik dat de media daar een belangrijke rol in kunnen spelen, maar ook organisaties als het Instituut voor Publiek en Politiek of CoolPolitics.

  3. ReindeR Rustema van petities.nl op 2 mei 2008 om 16:39 uur

    Jammer dat je petities.nl niet in je verhaal hebt kunnen verwerken. Het aloude petitierecht leent zich perfect voor feedback van burger naar politiek. De politiek heeft dan geen overstroomde inbox, maar een duidelijk statement waar een x-aantal burgers zich achter hebben verzameld.

  4. Michel Vennema van isabel.nl op 2 mei 2008 om 17:09 uur

    @ReindeR: Inderdaad een goed initiatief. Wel blijft ook daarbij de vraag hoe je de massa weet te bereiken. Zou mooi zijn als je bij de ‘belangrijkere’ petities de media weet te bereiken.

  5. blogdog van datanator.com op 3 mei 2008 om 10:49 uur

    Democratie is niet de meest effeciente staatsvorm. Naar mijn mening zijn de issues van vandaag veel te complex om door iedereen te laten becommentarieren (laat staan om er beslissingen over te nemen). Onze democratie is gedelegeerde democratie: zet de man (of vrouw) waarin je het meeste vertrouwen hebt aan het roer. Die man of vrouw moet voldoende in huis hebben om de ingewikkelde problemen de baas te kunnen.
    Er zijn hele slimme burgers, maar het is een te ver gaande generalisatie om te zeggen dat burgers niet dom zijn. Als je burgers (via welk medium dan ook) wil laten meebeslissen dan moet je ze wel een begrijpelijke vraag voorleggen: “Meer asfalt voor je auto maar dan ook elk jaar 400 euro betalen of in de file blijven staan.” Ik denk niet dat internetdemocratie de landelijke en internationale problemen op een goede manier kan voorleggen aan de burger. Misschien net de lokale politiek of eenvoudige vraagstukken. Verder graag iemand aan het roer die ervoor gestudeerd heeft…

  6. Davied van ambtenaar20.nl op 4 mei 2008 om 14:19 uur

    De focus ligt bij deze discussie altijd heel snel op de gevolgen van internet voor de democratie. Maar veertig jaar ervaring met referenda e.d. heeft aangetoond dat er heel wat haken en ogen aan directe democratie zitten.

    Wat mij betreft liggen de voordelen dan ook meer bij participatie van burgers in het traject vóór de besluitvorming. Dat kan zowel door de overheid als door politici en partijen worden geïnitieerd, maar natuurlijk ook door burgers zelf.

    Iedereen is onderdeel van zijn omgeving en van deze samenleving en velen willen een bijdrage leveren aan het verbeteren daarvan. Ik denk dat je die kracht door internet beter kunt aanwenden, bijv. door ideeën en kennis te ‘crowdsourcen’, maar ook door vrijwilligers te werven, met gelijkgestemden tot samenwerking te komen, etc.

    Door de nadruk te leggen op directe democratie kies je nog steeds voor de top-downroute omdat je door online stemmen probeert overheid en politiek te beïnvloeden. Maar internet biedt juist zoveel mogelijkheden om burgers zelf het heft in handen te geven, zelf aan hun samenleving te laten werken: empowerment dus.

    En daar kunnen politiek en overheid wat mij betreft een grote bijdrage aan leveren.

  7. blogdog van datanator.com op 4 mei 2008 om 20:59 uur

    @Davied Dit getuigt van inzicht. Door vraagstukken op een goede manier te “crowdsourcen” kun je rationele oplossingen vinden. Constructieve bijdragen stimuleren, onderbuikschreeuwers weren. Waar je dan nog behoefte aan hebt is een politiek die je ter verantwoording kunt roepen waarom NIET voor een doordachte oplossing gekozen wordt. Daar kunnen goede redenen voor zijn, maar in ieder geval gebaseerd op de inhoud…

  8. UpComingCamera.Info » Blog Archive » Comment on De digitale democratie by blogdog van upcomingcamera.info op 4 mei 2008 om 23:12 uur

    [...] bijdragen stimuleren, onderbuikschreeuwers weren. Waar je dan nog behoefte aan hebt is een … MORE >>Creadit By weight [...]

  9. Marije van den Berg van pvda.nl op 6 mei 2008 om 12:02 uur

    Essentieel is, en dat sijpelt ook een beetje in het artikel door, terugkoppeling en verantwoording: wat gebeurt er met mijn inbreng. En dat kan volgens mij alleen maar ‘netjes’, wanneer de inbreng nog enigzins persoonlijk is. Kleinschalig, dus. Want massale input is hoe dan ook onbevredigend. De inbreng van de roadshop van het kabinet was zo massaal, dat de communicado’s het hebben opgegeven om die mensen nog terug te mailen, bellen, schrijven. Laat staan dat hun inbreng gehoord en begrepen is.

    En die kleinschaligheid schrijft mijns inziens voor dat politici zelf op stap moeten in bestaande netwerken (en dat kan trouwens ook hun politieke partij zijn). Die op een vruchtbare manier aanboren. En wellicht ook mensen inspireren om zelf een zichtbaar netwerk te vormen. Want alleen wanneer de wisdom of the crowds enigszins gekanaliseerd wordt (en dat gebeurt het beste wanneer die crowd dat zelf doet, dus liever geen externe moderators of zo) kan de politiek er echt iets mee.

  10. Jeroen Blokhuis op 13 mei 2008 om 15:01 uur

    Interessant artikel! Maar toch stoort me iets. De vraag of het internet voor een ‘nieuwe’ democratie gaat zorgen, mist de kern van de zaak en is naief. Wat dat betreft vind ik je artikel zelfs een beetje oubollig; en de voorbeelden in het stuk zijn toch echt ietwat belegen. (Je begrijpt dat ik je alleen maar wat zit uit te dagen ;-) Zelfs de overheid is al veel verder in haar denken over invloed van internet op politiek en bestuur. Er gebeurt echt al zo veel meer.

    Het gaat niet om het medium op zich, maar om wat mensen met dat medium doen. Dus: om mensen. Internet kan een grote rol spelen doordat het mensen op ideeen brengt en stimuleert om na te denken over democratie en communicatie. De overheid leert er lessen uti over hoe zich op te stellen naar haar onderdanen en over hoe inspraak te organiseren. Niet altijd de juiste lessen, en niet altijd snel genoeg, maar toch. Dat is echt iets anders dan “een politieke portal (..) waarop partijen openlijk met elkaar in debat gaan”.
    Je moet kijken naar wat mensen willen. Hoe willen zij inspraak hebben? Op welke manieren willen ze meedenken? En waarover eigenlijk? Daarna zou je een webstrategie kunnen bedenken om aan die behoeften te voldoen.
    Ik heb een voorstel: laten we samen zo’n politieke portal ontwerpen. Beschrijven hoe zo’n portal zou moeten functioneren, wat je daarvoor nodig hebt en wat je ervoor moet doen. Dan hebben we een fantastische case-study (waarbij we elkaar scherp kunnen houden), die ons veel kan vertellen over internet en democratie.
    Wat denk je?

  11. Toussaint op 14 mei 2008 om 13:43 uur

    Het gaat niet zo zeer om de vraag welke middelen er beschikbaar zijn om te komen tot een ‘nieuwe’ democratie.
    De hamvraag is ook niet hoe zo’n nieuwe democratie er uit zou moeten gaan zien.
    Van veel groter belang is de vraag hoe het bestaande bestel doorbroken kan worden, zodat een hervorming ‘überhaupt’ bewerkstelligt kan worden.

    ‘we moeten met zijn allen meer praten over de inhoud’ is een leuze die we in Den Haag vaker hebben gehoord. Maar praten over de inhoud is saai en met saaiheid is het lastig zieltjes winnen. Politici klimmen op de ladder van de persoonlijke voorkeuren binnen het old boy’s circuit, ‘het maakt niet uit wie je bent maar wie je kent’ en over competentie gaat het nooit. Democratie is in de beleving van te veel burgers niets anders dan ervoor zorgen dat je genoeg medestanders hebt zodat je legaal van je buurman kunt stelen. Politiek is in dit bestel partijtje nr 1 die 100,00 Euro uit je beurs pikt, waarna partijtje 2 luidkeels begint te brallen dat dit a sociaal is, dat dit toch écht niet door de beugel kan en ‘slechts’ 75,00 Euro van je steelt.

    U zult zeggen dat dit wel erg zwart wit gesteld is. Als het immers echt zo erg zou zijn dan stond Nederland toch op zijn kop?
    Dat zal met de parlementaire democratie zoals we die in Nederland kennen inderdaad zo’n vaart niet lopen:
    Probleem nummer 1 is dat het enige middel dat het volk heeft om invloed uit te oefenen op de politiek bestaat uit periodieke verkiezingen.
    Probleem nummer 2 is dat de verkiezingsuitslagen direct daarna, bij de coalitievorming, qua staatsinrichting volkomen legaal de nek wordt omgedraaid.
    Probleem nummer 3 is dat ‘wij weten het beter’ initiatieven geïnitieerd door politieke partijen gedoemd zijn om vast te lopen in het bureaucratische moeras van het systeem.

    Revolutie in Nederland dan maar?

    Ten eerste heerst algemeen de gedachte dat dit alleen mogelijk is in arme onderontwikkelde landen en zal het – geheel in lijn met de theorie van de groepsvorming – verdraaid lastig worden hierin een omslag te bewerkstellen. Toegegeven: revoluties vinden inderdaad niet zomaar plaats, maar op momenten dat de oude maatschappij economisch, politiek of ideologisch in crisis raakt: als de oude orde niet meer in staat is mensen de rechten en zekerheden te bieden die ze gisteren nog hadden. Armoede en hongersnood zijn daarbij minder bepalende factoren dan algemeen wordt aangenomen, 24 uur per dag bezig zijn om in leven te blijven levert immers eerder apathie dan strijdlust op. Zelfvertrouwen, het gevoel dat het mogelijk is door collectief verzet de verworvenheden veilig te stellen die de oude orde niet meer kan leveren, is daarentegen van grote betekenis. Indien een aantal randvoorwaarden word bereikt, is een revolutie in onze rijke ‘wel’ ontwikkelde westerse wereld beslist niet ondenkbaar. Toch kan het ook anders lopen, de crisis van 1929 eindigde bijvoorbeeld niet in revolutie, maar in het aan de macht komen van Hitler… Als je dat even afzet tegen de resultaten die ‘prins peroxide’ heden ten dage scoort vindt ik dat op zijn zachtst gezegd een zorgelijke ontwikkeling…..

    Ten tweede heeft Nederland al eerder – historisch bezien nog niet eens zo lang geleden – op het randje van een revolutie gestaan, te weten in 1918, bij een voorval dat later in de vaderlandse geschiedschrijving als ‘de vergissing van Troelstra’ weggezet werd.
    Troelstra was een politicus die lid was van de voorloper van de PvdA: de SDAP. Deze partij streefde gezien haar eigen ‘wij weten het beter’ beginselen naar een radicale omvorming van de maatschappij. Tóch torpedeerde de top van de partij in 1918 de oproep tot revolutie van partijgenoot Troelstra en was daarmee de laatste redding voor de heersende orde… Achter de schermen bleek er van een vergissing namelijk geen sprake te zijn en had Troelstra de krachtsverhoudingen in Nederland weldegelijk goed ingeschat. Verschillende liberale politici zaten tijdens kabinetsvergaderingen te huilen en de Rooms Katholieken stelden reeds alles in het werk om een contra revolutie op poten te zetten, zó overtuigd was men er van dat een revolutie onafwendbaar was. Het ‘geluk’ wil dat Troelstra”s eigen partij zich al dusdanig had verweven met het bestaande systeem dat ze in feite waren verworden tot de zoveelste regentenpartij. Deze met veel moeite verworven positie wilde de partij top niet kwijt en dus moest barbertje Troelstra hangen.

    Nu heeft het woord ‘revolutie’ enerzijds een negatieve lading, het impliceert verzet tegen een groot complot, er van uitgaande dat alles en iedereen in de politiek een enorme schoft en/of heel erg incompetent is. Zodra we die foute mensen wegschuiven dan komt het allemaal weer goed……toch? Natuurlijk zijn er altijd wel slimmerikken die misbruik maken van de neiging tot groepsvorming die het beestje mens lijkt te typeren. Als we echter eens ophouden met naar de ‘poppetjes’ kijken en in plaats daarvan eens naar het systeem kijken waar deze poppetjes in ronddwalen dan zie je geen generatie overschrijdende maffia bendes maar normale individuen met fatsoenlijke ideeën waar niks van overblijft zodra ze in het politieke systeem terechtkomen.
    En daar zit meteen ook de kern van de problemen. De vertegenwoordigende democratie vorm is ontaard in het vastgeroeste idee dat de overheid/politiek alles moet gaan regelen ten bate van het hele volk. Het idee dat we even een uniform kunnen maken wat precies past bij de behoeften van elke Nederlander is krankzinnig.
    De praktijk laat zien dat het een overvloed van regeltjes en papierwerk oplevert dat totaal niet aansluit op de wensen van de burger. Dit noemen we graag “alles goed geregeld hebben” , terwijl het gewoon een bureaucratische dictatuur gone wild is.
    Het systeem van de collectieve groep is vanuit de basis geen fout systeem maar het gaat een onderdrukkende werking krijgen zodra dit systeem zijn plaats niet meer kent. De collectieve groep in Nederland is heel belangrijk als het gaat over basisbehoeften van een mens en een soevereine staat om in te leven. Waar het collectieve systeem dient op te houden is waar het een conflict vormt de rechten van het individu. Het klinkt tegenstrijdig maar het collectief moet in dienst staan van het individu. Met zijn allen achter het idee staan dat iedereen zelf mag bepalen wat ze met hun leven doen. Niet met zijn allen gaan bepalen wat een ander met zijn leven moet doen.

    Het is tijd voor een frisse aanpak: ‘wij weten het NIET beter’ . Of beter nog: IK weet het NIET beter in een systeem dat zich meer richt op de individuele keuze. Zo’n systeem zal veel minder snel neigen naar een allesoverheersend collectivisme. Zonder groepen zal de mens ook erg moeilijk te beïnvloeden zijn door bijvoorbeeld grote angstbeelden op te roepen.

    De individuele vrijheid zal een goed begin zijn om alle overtollige bureaucratische controle knoppen te verwijderen….

  12. Web 2.0 is niet democratisch | Ambtenaar 2.0 van dds.nl op 19 mei 2008 om 14:56 uur

    [...] veel mensen die in web 2.0 de kans zien om de directe democratie nieuw leven in te blazen (bijv. hier en hier). Maar veertig jaar ervaring met referenda e.d. heeft aangetoond dat daar heel wat haken en [...]

Schrijf een reactie


Opmaak uitschakelen