Online studeren met een MOOC: waar ligt de sleutel voor succes?

MOOC2_183px

Gratis en voor iedereen toegankelijk onderwijs, van prestigieuze universiteiten over de hele wereld. Is de massive open online course (MOOC) een democratisch wereldwonder? Het tweede artikel over de praktijk van online studeren, online didactiek en toetsing. Waarin leunt de MOOC nog (te) sterk op traditioneel onderwijs? En waar ligt de sleutel voor succes?

In het eerste artikel heb ik het vooral gehad over de opmars van gratis online cursussen en mijn prille ervaringen. Deze keer vertel ik over de praktijk en de didactiek. Ik sluit af met  tips voor MOOC-ontwerpers en toekomstige MOOC-studenten.

Zijn wereldwijde MOOC’s een hype die even piekt, om daarna in te zakken? Ondanks het enthousiasme zijn er ook tegengeluiden:

MOOC’s in cijfers: laag rendement?

Een overweldigende inschrijving van 160.000 studenten was het resultaat van Stanford’s eerste open cursus over kunstmatige intelligentie in de herfst van 2011. Dit was de aanzet voor de oprichting in 2012 van de drie grootste aanbieders van nu: Coursera, Udacity en edX. Coursera kende binnen een jaar 2,8 miljoen gebruikers.

De grootste spelers in het MOOC-veld (http://chronicle.com/article/The-Major-Players-in-the-MOOC/138817)

De grootste spelers in het MOOC-veld Bron: http://chronicle.com/article/The-Major-Players-in-the-MOOC/138817

De Universiteit van Amsterdam startte op 20 februari 2013 met Introduction to Communication Science, de eerste Nederlandse MOOC. Van de 5400 inschrijvers namen er 3400 actief deel aan de cursus. Na acht weken deden er 717 examen. Dit betekende een slagingspercentage van (afhankelijk van wat je als uitgangspunt neemt) 13 tot 20 procent.

Dat is nog hoog in vergelijking met het gemiddelde dat rond de 8 procent ligt. Het is ook een van de kritiekpunten op gratis online onderwijs: het rendement zou te laag liggen. Toch vind ik dat meten met verkeerde maten. Het zou wel eens kunnen dat het percentage deelnemers dat de cursus succesvol afrondt omgekeerd evenredig is aan een hoge inschrijving. In absolute zin gaat het nog steeds om grote getallen.

Afrondingspercentage per honderdtal inschrijvers. Bron: MOOC completion rates: the data

Afrondingspercentage per honderdtal inschrijvers. Bron: MOOC completion rates: the data – http://www.katyjordan.com/MOOCproject.html

Online leren: van traditioneel naar flexibel

De opzet van de online cursus van UvA is eigenlijk sterk gebaseerd op het fysieke studiemodel: een vastgestelde start- en einddatum, een periode van acht weken met wekelijkse ‘colleges’. Dat houdt nog geen rekening met de persoonlijke voorkeur van de student, die misschien een half jaar de tijd wil nemen of wil versnellen wanneer hem dat uitkomt.

Omdat de achtergrond van de studenten sterk uiteenloopt waren de lessen opgeknipt in korte video’s van drie tot vijf minuten. Sommige cursisten gaven de voorkeur aan een doorlopend college van twintig minuten. Zij konden in een wekelijkse YouTube-afspeellijst alle video’s achter elkaar zien. Ik zelf vond de losse clips ideaal: porties die je bij wijze van spreken kunt consumeren tussen het avondeten en het Achtuurjournaal.  Ook dat maakt leren flexibel.

Online didactiek: inspelen op leerstijlen

De docent Rutger de Graaf is aangenaam om naar te kijken en te luisteren. Maar alleen een talking head in beeld is statisch. Cartoons, foto’s en teksten gaven sjeu en illustreerden de geschiedenis en theorieën van de communicatiewetenschap. Het college zelf zat vol functionele voorbeelden, herhalingen en verwijzingen, viel mij op. Tussendoor werd de opbouw van de cursus aangehaald. Van waaruit zijn we begonnen? Wat behandelen we nu? Waar gaan we het de komende weken over hebben?

De videoclips hadden Engelse ondertitels die je aan of uit kunt zetten. Daarnaast was er wekelijks een transcript in pdf van de gesproken tekst. De theorie kon je dus ook tekstueel tot je nemen, maar dat maakt het wel een stuk minder levendig.

Sociaal leren op een online forum

Bij gebrek aan zichtbare studenten was voldoende interactie op de discussiefora een belangrijke succesfactor. Dat ging goed: er waren honderden conversaties in de fora die elke videoclip begeleidden. Soms zaten die inhoudelijk prettig naast de focus, soms verduidelijkten reacties de vragen die de filmpjes opriepen.

Volgens mij kan de rol van de forumdiscussies nog sterker uitgebuit worden: geef studenten opdrachten of vragen, en laat ze die onder elkaar uitwerken. Voorwaarde is dat de docent dat evalueert in een volgend college.

Visuele, auditieve en sociale aspecten van leren waren dus goed gefaciliteerd. Alleen de fysieke component ontbrak, of anders gezegd: die was niet aan een schoolse omgeving gebonden.

Verdieping met achtergrondinformatie

Minder geslaagd vond ik de zogenaamde ‘Little box of Nuance’. Deze bevatte artikelen die dieper ingingen op de onderwerpen. Het waren vaak lange, wetenschappelijke teksten die in deze vorm totaal niet aansloten bij de zo toegankelijke presentatie van de cursus. Waarom was er niet gekozen voor meer populair wetenschappelijke artikelen en video’s?
Als nieuwsgierige student zag ik het als een gapende kloof en voelde ik me teruggefloten op mijn studieniveau. Deed ik nu echt een universitaire studie? Of was dat pas als ik deze teksten aan kon?

Ook hier zie ik een actievere rol voor de inbreng van de community: laat studenten bijvoorbeeld samen een wiki met verdiepende informatie vullen en beoordelen.

Online testen: maak ze foolproof

Veel discussies op de fora gingen over de multiple choice-testen. Bij elke video hoorde een korte quiz van drie vragen. Die kon je meerdere keren doen en de hoogste score telde. Maar door een bug bleven de scores soms onveranderd. Zo heb ik een test wel tien keer gedaan en bleef de score 2/3. Door het ontbreken van automatische feedback kwam je er maar niet achter of en waar je het fout deed.

De wekelijkse quizzes waren voor zelfcontrole. Je moest ze allemaal gedaan hebben als toelatingsvoorwaarde voor het examen, maar de uitslagen telden niet mee. Deze opzet garandeerde weinig diepgang, eerder een controle op feitenkennis. Sommige vragen leken meer op een nauwkeurig-lezen-test door bijna gelijkluidende keuzemogelijkheden of negatieve formuleringen:

There are several reasons why Gutenberg’s invention led to the printing revolution. This is not one of them:
A) It sped up the printing process
B) It made printing more cost-efficient
C) It made the printing of larger books possible

(De juiste foute reden is C).

Online certificering: gaan de punten tellen?

En dan arriveerde na negen weken mijn certificaat. Leuk! De cursus was succesvol afgerond. Mijn inspanning was beloond, maar stelde het ook iets voor bij het volgen van een andere studie of het vinden van een baan?  De kleine lettertjes onderaan waren wel een desillusie met de disclaimer:

“Please note that this certificate does not affirm that this student was enrolled as a student at the University of Amsterdam in any way.
It does not confer a University of Amsterdam grade, credits or degree. The identity of the student is not verified by the University of Amsterdam.”

In tijden van DigiD en burgerservicenummer moet hier toch zeker op nationale schaal wat aan te doen zijn? Mijn verwachting is dat MOOC’s gaan tellen voor studie en cv, zodra het verschijnsel meer is ingeburgerd. In de Verenigde Staten wordt het erkennen van MOOC’s met studiepunten al uitgebreid besproken.

Conclusie: de vraag of niet óf, maar wanneer

MOOC’s kunnen een waardevolle vervanging zijn voor het traditionele, fysieke onderwijs. Het is een van de grote veranderingen die het internettijdperk met zich meebrengt. De vraag is niet óf ze grote impact zullen hebben op gevestigde onderwijsinstellingen, maar wanneer.

Tips voor MOOC-makers

Als afronding van al mijn bevindingen my five cents voor toekomstige MOOC-makers en MOOC-volgers:

  • Draai de MOOC op een betrouwbaar en krachtig platform en zorg voor een overzichtelijke basisstructuur. Denk aan toegankelijkheid in alle aspecten, volgens de webrichtlijnen.
  • Deel de lesstof op in kleine eenheden van drie tot zeven minuten. Dat versterkt flexibel leren.
  • Houd in de opbouw van de lessen een grote lijn aan. Zorg voor herhalingen, dwarsverbindingen en samenvattingen.
  • Ondersteun zoveel mogelijk verschillende manieren van leren: visualiseer en gebruik beeldspraak (metaforen). Voeg ondertiteling aan video toe en lever aparte transcripties van de gesproken tekst.
  • Gebruik zo eenvoudig mogelijk Engels. Licht jargon dat onvermijdelijk is toe met voorbeelden of synoniemen.
  • Gesproken tekst moet goed verstaanbaar en zonder zwaar accent zijn. Zorg ook dat er niet te snel gesproken wordt.
  • Stel de vragen en antwoorden in (zelf)testen super scherp. Zorg voor eenduidige bewoordingen en positieve vraagstellingen.
  • Maak achtergrondinformatie bij de lesinhoud veelvormig en toegankelijk: gebruik naast primaire bronnen en onderzoeken ook populair wetenschappelijke beschouwingen en filmfragmenten.
  • Begeleid de discussies op de fora met gepaste afstand: stimuleer en bied ruimte om studenten elkaar te laten ondersteunen, maar grijp in wanneer er verwarrende denkbeelden blijven hangen. Reageer snel op onrust over de opzet van de MOOC, desnoods met een verwijzing naar een centraal geplaatst antwoord.
  • Gebruik social media zoals Twitter en Facebook om de sociale ervaring te versterken. Maar houd de leeractiviteit centraal, op het platform. Plaats dus bijvoorbeeld een enquête daar, en niet op Facebook.
  • Maak de procedure rondom het verloop van de MOOC kraakhelder: hoe is het tijdpad? Wanneer zijn de inleverdata? Wat betekenen de scores van de testen? Wanneer kan er feedback verwacht worden? Wat telt mee voor het examen?

Tips voor MOOC-studenten

Zit je er zelf over te denken om één of meerdere MOOC’s te gaan volgen? Ik heb inmiddels enkele tips:

  • Ga er van uit dat je kennis van de Engelse taal behoorlijk goed op orde moet zijn. Wetenschappelijk Engels is soms geen dagelijkse boodschappentaal. Google Translate is altijd bij de hand, maar het wordt vervelend als je daar continu op terug moet vallen.
  • Kies voor jezelf uit wanneer en hoe je het prettigst leert. Bekijk de lessen één of meerdere keren, maak een samenvatting of een lijstje met kernbegrippen, of herlees het transcript. Doe zelftesten direct na de lessen of juist een paar dagen later. Enige regelmaat in de aanpak helpt.
  • Leer jezelf de wekelijkse discipline aan om voor de dag waarop de nieuwe les start bij te zijn. Achterstand betekent frustratie, en frustratie vermindert studieplezier. Er is ook niemand die je de wacht aanzegt, behalve jij zelf.
  • Maak volop gebruik van de forumdiscussies. Lees op zijn minst mee. En doe mee als je er zin in hebt. Durf te vragen. Dit is absoluut de toegevoegde fun van online studeren. Anders kun je net zo goed een studieboek lezen in plaats van een MOOC volgen.

Uitgelicht: Training Communitymanagement

training-community-management-183x133

Communitymanager is een beroep in opkomst. In samenwerking met de vakvereniging Community Management Nederland (CMNL) bieden wij een compacte, tweedaagse training communitymanagement aan. Je leert alles over het ontwikkelen en onderhouden van een eigen dynamische, relevante en succesvolle community. Van strategie en positionering tot het activeren, modereren en meten. Je gaat ook zelf actief aan de slag met het uitwerken van een strategie voor je eigen community.

Meer weten?

Interessant?

Lees dan ook onze andere artikelen over , , , , , , , , , , , .

Reacties

  1. Beste Eric,

    Leuk om jouw bevindingen en tips te lezen. En gelukkig kan ik melden dat er al een course is die echt heeft geprobeerd het leren te stimuleren: Gamification bij Coursera.

    Ik heb deze MOOC zojuist afgerond en het is echt een aanrader. Kevin Werbach, de prof, maakt leuk gebruik van game elementen om het studeren leuk te maken. Door hints te verbergen in zijn college’s wil je zelfs zo snel mogelijk bij zijn en ga je in de discussion fora op zoek naar de posts over de mogelijke oplossingen van zijn hints.

    Per week kreeg je een opdracht (peer to peer beoordeling) en multiplechoice vragen. En elke keer dat je de quiz opnieuw probeert, krijg je minder punten. Dit maakt dat je het in één keer goed wilt doen. De punten van de quiz en van de opdrachten tellen mee in het eindresultaat.

    De course is zo goed opgezet dat ik het leren nu echt mis….dus wat mij betreft dus een geslaagde MOOC!

    Groet,
    Esther

  2. Dat is de tweede enthousiaste reactie die ik verneem over deze course Esther. Hoe meer ik er over nadenk, hoe meer ik zie dat het online onderwijs van nu nog erg hangt aan de traditionele vorm van onderwijs. Dat zal gaan veranderen en ‘Gamification’ doet daarvoor een prima aanzet. Ik verwacht andersom dat dergelijke online experimenten het fysieke onderwijs nog gaan verrijken, tot wat men noemt een ‘blended learning’-ervaring.

    De directe meerwaarde van MOOC’s ligt natuurlijk in het enorme bereik. Voor de zeer vele mensen die niet de mogelijkheid hebben om deel te nemen aan een fysieke opleiding, door beperkingen in plaats, tijd, geld en vooropleiding.

  3. Dag Eric – dank voor je uitgebreide evaluatie/kritische beschouwing – hoe moet ik het noemen.

    Ik heb zelf aan deze MOOC meegedaan, niet alleen uit nieuwsgierigheid, maar vooral om aansluiting te (willen) blijven houden bij andere vormen van leren en omgaan met kennis.Mijn interesse zat meer op het ´hoe´ breng je het over, dan ´wat´ breng je uiteindelijk over.Waar ligt de sleutel tot succes. Ik ga het niet allemaal evalueren, dat heb jij meer dan voortreffelijk gedaan. Laat me dan ook beperken tot 3-tal zaken die mij opvallen:

    1. toch ook het compliment aan de UvA voor het initiatief en de worsteling tussen ´klassieke´ colleges en de moderne variant met audio/visuele ondersteuning – het krijtje is vervangen door vlotte illustraties; aan de uitleg van de neerdwarrelende stof is (nog) niets veranderd, anders dan dat de leerstof is opgedeeld hapklare brokken van ca. 5 minuten – en dat is een absolute plus.
    2. kwaliteit – van het platform, van de sterke wisseling in geluidsopnames, maar vooral van de quizzen in multiple-choice format – te knullig voor feitenkennis en een reden voor voortijdig afhaken
    3. verwachtingspatroon – studeren voor iedereen, maar is dat wel zo? De collegereeks is verpakt in een redelijk strak tijdschema, lijkt flexibel, maar is dat (dus) niet. De video´s staan overigens nog steeds on-line. daar zou wel eens een van de sleutels tot succes kunnen liggen: werkelijk flexibel. Aanvullend is de box-of-nuances, ofwel ´ken uw klassiekers´ – als er de pretentie is te leren op universitair niveau (?) – dan hoort dat er gewoon bij. Daar ligt een tweede sleutel – maak duidelijk wat de waarde van de inspanningen is. En als laatste – het certificaat. Tja, daar konden geen rechten aan ontleend worden, dat stond al in het begin in grote letters aangegeven. Maar met een aantal verbeterslagen hoeft dat wat mij betreft niet zo lang meer te duren.

  4. Dank voor je aanvullingen Ab! Laat ik ze even aflopen:
    1. Het initiatief van UvA is ook wat mij betreft in alle opzichten lovenswaardig. Vooral de houding van “dit is ook een leerproces voor ons” en de bereidwilligheid om tussentijds oplossingen te bieden voor problemen vind ik erg realistisch en positief.

    2. Het geluidsniveau van de video’s was te laag en in het begin sprak de docent wat te gehaast. Ik heb dit daarom in mijn tips meegenomen. Het platform Sakai ervaar ik als wat ik meestal noem ‘rigide’, maar werkte verder prima voor mij. De zelftests draaiden om feitenkennis en som een beetje inzicht. Ik vraag me af of je daar als controle voor jezelf veel verder in moet (of kan) gaan. De verdieping moet echt meer uit de interactie komen, vind ik. Dus daar zou een zwaarder accent op gelegd kunnen worden.

    3. Voor mij was de toegevoegde informatie een ‘box of nuisance”. Ik denk dat je als MOOC-ontwerpers ook daar een brug moet zien te slaan naar een groot publiek. Ik was gemotiveerd om me daarin te verdiepen, maar liep er toch echt op stuk.

    Flexibiliteit in startdatum en tempo, dat moet online toch gemakkelijk geregeld kunnen worden. De volgende stap is erkenning met studiepunten. Natuurlijk wist ik het van tevoren, maar als MOOC-aanbieder haal je met zo’n disclaimer op een certificaat ook de waarde van je eigen produkt onderuit. Ik ben benieuwd hoe dit zich gaat ontwikkelen.
    Ondertussen kijk ik al uit naar mijn volgende course!

  5. joost overeem |

    Hoi Eric,

    ik heb je artikel over MOOC’s gelezen en wil er zelf wel iets mee gaan doen!
    weet jij of er initiatieven zijn binnen Avans om met MOOC’s te experimenteren?
    zijn er bij het LIC mensen die er iets mee gaan doen?

    gr

    Joost Overeem

  6. @Joost Open Education krijgt zeker de aandacht bij Avans Hogeschool binnenkort. Hoe of wat is nog niet precies duidelijk. Het Leer- en Innovatiecentrum (LIC) zal daar ook een rol in spelen.

Plaats een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn met een * aangegeven.

Verschijnt je reactie niet, dan is deze mogelijk in de spam terechtgekomen. Mail ons dan even!