De WK-fanwalks als masterclass cultuurvorming
In Dallas trok een oranje stoet van duizenden supporters door de stad. Een paar dagen later gebeurde hetzelfde in Houston. Uren voordat de wedstrijd begon, kleurden de straten al oranje. Er werd gezongen, gedanst en gefilmd. De energie van de groep leek minstens zo belangrijk als de wedstrijd die nog moest beginnen.
Wie de beelden zag, kon zich bijna afvragen waar de wedstrijd eigenlijk begon. In het stadion? Of al veel eerder, ergens in de straten van Dallas en Houston?
Opvallend genoeg ging veel verslaggeving niet over het voetbal zelf. De aandacht ging naar de sfeer, de optocht en de duizenden Nederlanders die samen richting het stadion liepen. Ook in Nederland klonk kritiek. Analisten vonden dat het weer eens over voetbal mocht gaan. Over spelers, tactiek en prestaties.
Maar misschien vertellen die fanwalks juist een veel interessanter verhaal. Wanneer ik naar groepen kijk, kijk ik niet alleen naar wat mensen doen. Ik kijk vooral naar wat mensen bindt. Naar de verhalen die worden doorverteld, de rituelen die mensen samenbrengen, de taal die laat zien wie erbij hoort en de symbolen die zichtbaar maken waar een groep voor staat. Juist daarom zijn de fanwalks zo interessant.
Wat daar gebeurt, is veel meer dan een wandeling naar een stadion. De kleur oranje maakt zichtbaar wie erbij hoort. Liederen vormen een gedeelde taal. De route door de stad wordt een tijdelijke ontmoetingsplek. En de verhalen die mensen daar samen beleven, worden later weer verteld aan collega’s, vrienden en familie. In één ritueel komen bijna alle elementen samen die een groep sterk maken.
Wat we zien, is niet alleen een optocht van supporters. We zien een groep die zich gedraag als en groep, een tribe.
Het gaat niet alleen over voetbal
Misschien is dat ook niet zo verrassend. Mensen zijn groepsdieren. We zoeken naar plekken waar we erbij horen. Naar groepen die ons identiteit, veiligheid en verbinding bieden. Dat zien we bij families, vriendengroepen, verenigingen en organisaties. En dus ook bij Oranje.
Misschien verklaart dat ook waarom de fanwalk zoveel aandacht krijgt. Want wat daar gebeurt, raakt aan iets fundamenteel menselijks. Voor even ben je onderdeel van iets groters dan jezelf. Je deelt dezelfde kleuren, dezelfde liederen en dezelfde verhalen. Je voelt dat je erbij hoort. Het is besmettelijk. Ook niet-Nederlanders trekken een oranje pak aan om erbij te horen. Het voetbal vormt daarbij de aanleiding, maar de verbondenheid ontstaat onderweg.

Bron: kasakphoto / Shutterstock.com
Misschien is dat wel de reden dat het verhaal rondom Oranje langzaam verschuift. Niet omdat mensen minder van voetbal houden, maar omdat steeds meer mensen worden aangetrokken door wat de groep hen laat ervaren.
Daarin schuilt tegelijkertijd een interessante paradox. Het succes van een groep zit vaak ook in haar grootste uitdaging. Hoe aantrekkelijker de groep wordt, hoe meer mensen zich aansluiten. Maar nieuwe leden brengen ook nieuwe verwachtingen, gewoonten en betekenissen mee. Ze worden onderdeel van de groep, maar veranderen tegelijkertijd ook de groep zelf.
Is dat wat we nu bij Oranje zien? Wat ooit vooral draaide om voetbal, lijkt steeds meer ruimte te maken voor de gezamenlijke beleving eromheen. Dat is niet goed of slecht. Het is wat groepen doen.
Toch roept het spanning op. Iedere groep kent mensen die het oorspronkelijke verhaal bewaken. Bij Oranje hoor je dat terug in de kritiek van analisten en oud-spelers. Hun ongemak gaat eigenlijk niet over feestende supporters. Onder hun opmerkingen schuilt een diepere vraag: waar zijn wij eigenlijk van? Zijn we een groep die samenkomt voor voetbal? Of zijn we een groep die voetbal gebruikt om samen iets te beleven?
Wat dit vraagt van leiders en interne communicatie
Wat bij Oranje gebeurt, zien we ook in organisaties. Succesvolle organisaties trekken mensen aan. Nieuwe collega’s sluiten zich aan omdat ze zich herkennen in de energie, reputatie of cultuur van de organisatie. Maar net als bij Oranje brengen zij hun eigen verhalen, overtuigingen en verwachtingen mee. Daardoor verandert een cultuur voortdurend.
Voor leiders en communicatieprofessionals zit hier misschien wel de belangrijkste les. We denken vaak dat cultuur wordt gevormd door strategieën, kernwaarden en veranderverhalen. Maar cultuur ontstaat net zo goed in de verhalen die worden doorverteld, de rituelen waar mensen aan deelnemen en de plekken waar mensen elkaar ontmoeten.
Juist daarom is het niet voldoende om alleen een verhaal te vertellen. De uitdaging is om te begrijpen welk verhaal er al leeft:
- Welke verhalen krijgen energie?
- Welke rituelen verbinden mensen?
- Welke symbolen krijgen betekenis?
- Welke nieuwe verwachtingen brengen mensen mee wanneer zij zich aansluiten bij de groep?
Nieuwe verhalen vragen om oude verhalen
Maar er is nog een tweede verantwoordelijkheid. Naarmate een groep groeit en verandert, wordt het oorspronkelijke verhaal belangrijker. Niet om vast te houden aan het verleden, maar om richting te geven aan de toekomst. Iedere groep heeft een oorsprongsverhaal. Een verhaal over waarom zij ooit ontstond, welke waarden belangrijk waren en welke gebeurtenissen haar hebben gevormd.
Dat geldt voor Oranje, maar net zo goed voor organisaties:
- Waarom werd deze organisatie ooit opgericht?
- Welke overtuigingen lagen aan de basis?
- Welke verhalen vertellen medewerkers al jaren aan elkaar?
Dat zijn geen nostalgische vragen. Het zijn ankers. Ze helpen een groep begrijpen waar ze vandaan komt, juist op het moment dat nieuwe mensen en nieuwe betekenissen zich aandienen. De sterkste groepen zijn daarom niet de groepen die hetzelfde blijven. Het zijn de groepen die hun oorsprong blijven kennen terwijl ze ruimte maken voor nieuwe verhalen.
De communicatieantropoloog kijkt naar het verhaal achter het verhaal
Tegelijkertijd is het goed mogelijk dat het verhaal van Oranje binnenkort opnieuw verschuift. Stel dat Nederland de finale haalt. Of zelfs wereldkampioen wordt. Dan hebben we het waarschijnlijk ineens weer over iets anders. Over de beslissende goal. De redding van de keeper. De tactische meesterzet van de bondscoach. Over spelers die een plek krijgen in de geschiedenisboeken.
Dan verschuift de aandacht misschien weer van de fanwalk naar het voetbal zelf. En juist dat maakt groepen zo interessant. Hun verhaal staat nooit stil. Het wordt voortdurend herschreven door nieuwe mensen, nieuwe ervaringen en nieuwe gebeurtenissen. De vraag is daarom niet welk verhaal het juiste verhaal is. De vraag is welk verhaal op dit moment betekenis geeft aan de groep.
Misschien is dat wel de belangrijkste les van de fanwalks in Dallas en Houston. Voor leiders en communicatieprofessionals is de uitdaging niet alleen om een verhaal te vertellen, maar vooral om te zien hoe het verhaal zich ontwikkelt. Niet alleen aandacht te hebben voor wat er op de officiële kanalen wordt gezegd, maar ook voor de verhalen die rondgaan, de rituelen die ontstaan en de momenten waarop mensen ervaren dat ze ergens bij horen.
Want verandering begint niet altijd bij het verhaal dat je vertelt. Vaak begint het bij de rituelen, verhalen en ontmoetingen waarin mensen ervaren dat ze onderdeel zijn van iets groters dan zichzelf.
Bron header-afbeelding: Mo Photography Berlin / Shutterstock.com