Reportages, Trends

Big data bij de overheid: einde van de beleidsambtenaar?

  • Leestijd: 6 minuten

Wat kan de overheid doen met big data? Is het begrip niet gewoon een hype? Een opgeblazen zeepbel door de successen van commerciële grootmachten zoals Amazon, Google, Facebook en Bol.com? Wat heeft de overheid aan big data? Helpt het de samenleving? En van wie is die data eigenlijk? Allemaal vragen die opkomen bij de combinatie van de twee woorden ‘big data’ en ‘overheid’. Tijd voor een verhelderend artikel met uitleg en voorbeelden.

Big data en tienersex

In juni vond het eerste Nationale Big Data Congres voor de Overheid plaats in Utrecht. In de lift naar de negende verdieping van Tivoli Vredenburg hingen een paar posters met quotes over big data. Ik grinnikte. “Informatie is de olie van de eenentwintigste eeuw” kende ik al. Het ging me om die andere, van Dan Ariely:

“Big data is like teenage sex: everyone talks about it, nobody really knows how to do it, everyone thinks everyone else is doing it, so everyone claims they are doing it.”

Met die mindset begon ik de dag. Gedurende de dag werden veel interessante voorbeelden aangehaald, zowel door de sprekers als in gesprekken tussen deelnemers onderling. Toch bleef een gevoel van onbehagen hangen. De big data-trend is veelbelovend. Maar wat kan de overheid er nu echt mee en welke impact heeft dat op de samenleving?

Goudmijn van informatie

Wat kan de overheid met big data? De eerste spreker, Maarten Schuring, gemeentesecretaris van de gemeente Utrecht is lyrisch. “We zitten op een enorme goudmijn”. Volgens hem gaat het erom om data die al beschikbaar is in de gemeente op een andere manier te gebruiken. Zo wordt de data van de handhavingsdienst waar fietswrakken zijn gevonden in een heatmap gezet. “Deze visualisatie zorgt ervoor dat onze handhavers veel efficiënter hun routes kunnen rijden.” Ze kunnen nu immers zien waar historisch gezien amper tot geen fietswrakken staan.

Fietswrakken zijn binnenkort verleden tijd door big data (foto: stadslevenamsterdam)

Einde van de beleidsambtenaar

Beleidstheorie uit boeken? Dat kan de prullenbak in. Schuring haalt een voorbeeld aan van een datavisualisatie van lichtplekken en geweldspleging zoals inbraak en diefstal. Wat blijkt? Op plekken met lantaarnpalen wordt net zoveel ingebroken en gestolen als ergens anders.

Een tweede effect is dat de huidige beleidstheorie uitgaat van een feedback-loop van vier jaar. Door de aanwezigheid en snelheid van data heeft de overheid tegenwoordig directe terugkoppeling . De overheid kan dus veel sneller bijsturen als het beleid dat ze hebben bedacht niet de gewenste impact heeft.

Ook data van andere organisaties

Strava is een geweldig platform. Met dit platform kun je als gebruiker je trainingsritten bijhouden en virtueel tegen anderen sporten. Niet alleen voor pro’s zoals Laurens ten Dam en Nikky Terpstra, maar ook voor lokale overheden. Strava ontsluit haar databestanden via Strava Metro aan overheden. Wanneer fietsen de meeste inwoners, waar langs en hoe hard? Handig om te weten als je als stad je fietsplan wil wijzigen.

Quantified self

Niet voor niets werd de link met quantified self gelegd. Wat als de overheid alle geaggregeerde persoonlijke data ook kan gebruiken? Dan worden plannen voor sportvelden, nieuwe straten en bibliotheek misschien veel specifieker aangepast op het gedrag van de bewoners in een gemeente. Bijvoorbeeld: mijn data van de stappenteller Fitbit als bron van nieuwe plannen in de stad.

Heatmap van Strava Metro. Data van hardloop en wielrenroutes in de stad Melbourne

Heatmap van Strava Metro. Data van hardloop en wielrenroutes in de stad Melbourne

Vier keer rechts is ook links

Politici, bestuurders en ambtenaren lijken te watertanden als ze het potentieel van big data zien. Vooral commerciële successen worden aangehaald. Mark Dijksman haalt het voorbeeld van DHL aan: “In de Verenigde Staten mag je doorrijden als je rechtsaf slaat. DHL liet daar een rekenmodel op los en bespaarde zes miljard per jaar door slimmere routes.”

Eén van de effecten? DHL vrachtauto’s sloegen liever vier keer rechtsaf dan een keer linksaf om op de plaats van bestemming te komen. De implicatie is dat de Nederlandse overheid met big data heel veel geld kan besparen.

Van wie is de data?

1,8 miljoen data. Daar moest minister Plasterk zich begin dit jaar over verantwoorden. 1,8 miljoen gegevens die de Nederlandse inlichtingendiensten hebben afgetapt. Volgens minister Hennis was het ‘metadata’ en “informatie die verzameld is ten behoeve van militaire operaties en dat is gebeurd binnen de wettelijke kaders.”

Ok. Google verzamelt data over mij om me betere zoekresultaten te geven (en betere advertenties aan te bieden). Amazon om me gerichter te kunnen adviseren over nieuwe boeken. Netflix over films en series. Maar de overheid? De overheid mag toch niet zomaar data over of ván mij verzamelen, analyseren en gebruiken? Zeker niet als ik er geen toestemming voor heb gegeven. Toch blijft dit een grijs gebied. Immers, wat als het staatsbelang in gevaar is? Gelukkig biedt het CBP (College bescherming persoonsgegevens) later die middag wat tegengas.

Dakkapel aanvragen = korting bij de lokale bouwmarkt

Wat kan de overheid leren van een sexy internetbedrijf als bol.com? De belangrijkste lessen van Arjan de Ruiter van bol.com lijken te komen uit de basisboeken voor start-ups: “Fail fast and fail cheap” en “Launch early and iterate”. Stap voor stap laat hij zien hoe bol.com de conversies op de website optimaliseert. Interessant, maar de toepassing voor de overheid mist. Tijdens de lunch praat ik er over met een wethouder: “Hoe toepasbaar is het wat bol.com en amazon.com doet voor een gemeente?” Hij lacht: “Is het geen interessant verdienmodel als de gemeente die data verkoopt, zodat je als inwoner na het indienen van je bouwvergunning een interessante aanbieding krijgt van de lokale bouwmarkt!”

De gemeente Assen is als 'sensor city' al ver met (big) data experimenten

De gemeente Assen is als ‘sensor city’ al ver met (big) data experimenten

Politiek en verkiezingen zijn passé

Data en big data verleiden af en toe tot vergezichten over de impact op de samenleving, al blijven deze op het congres op de oppervlakte. “Als we al weten wat de burger wil, waarom hebben we dan nog politiek nodig?”. Technologische ontwikkelingen rond online burgerparticipatie en de beschikbaarheid van big data zetten het klassieke huis van Thorbecke onder druk. We hebben geen volksvertegenwoordigers nodig als bewoners zelf meebeslissen met de overheid. Iemand anders vult aan: “Als we met polling al weten wat de verkiezingsuitslag is, waarom moeten we dan nog stemmen?”

Open data zorgt voor transparantie

Technologie en open data zorgen voor transparantie. De lokale overheid van Chicago gaat daar het meest ver in. Zo kun je op metrochicagodata allerlei open data bestanden vinden, zoals de namen, functies en salarissen van alle ambtenaren. Handig. Zo kun je checken of de ambtenaren in je gemeente ook voldoen aan de Balkenendenorm.

Minority report

Kunnen big data zorgen voor een mooiere en veiligere wereld? Predictive crime is een ontwikkeling in de Verenigde Staten waarbij de politie op basis van data de meest waarschijnlijke plekken van diefstal, geweld en inbraak kan voorspellen. De Chicago Police Department werkt met deze heatmaps. Komt Minority Report dan echt dichterbij?

Scene uit de film Minority Report

Juridische voetangels

Een van de basisprincipes van big data is het verzamelen van data zonder dat je direct weet waarvoor je het gaat gebruiken. Het kan eerst onbruikbaar lijken, maar een aantal maanden later of in combinatie met andere databronnen, heel waardevol zijn.

Hier komen big data-principes in de knoop met de wetgeving. Volgens Alexander Commandeur van het CBP is ‘doelbinding’ een belangrijk wettelijk gegeven. Als je data van inwoners vraagt, moet je als overheid al weten voor welk doel de data dient. Ook moet je als overheid de burger om toestemming vragen om zijn of haar data te gebruiken.

Het gevaar om The Dude te worden

Zijn tweede waarschuwing geldt voor profilering. “Je kunt wijken segmenteren. Als het over positieve dingen zoals zelfredzaamheid gaat, dan heeft niemand er problemen mee. Het wordt anders als je als gemeente een bepaalde wijk als fraudegevoelig bestempeld.” Denk aan ‘The Dude’ in de Big Lebowski; het gevaar om een stempel te krijgen en voor iemand te worden aangezien die je niet bent. Denk aan de data die inlichtingendiensten over jou verzamelen. Welk beeld vormen die data en op basis waarvan?

Jij bent je data

Wat zegt dit: mijn reisinformatie van ns.nl gecombineerd met gegevens van de belastingdienst, de data van mijn energieleverancier, mijn klikgedrag op de gemeentelijke website, metadata over telefoongesprekken, informatie over wanneer ik mijn pasje voor de afvalcontainer heb gehaald, etc. Maar goed, dat zal de inlichtingendienst niet verontrusten. Misschien wel als de overheid ook nog data over mij van anderen heeft gekocht. Ik zal de algemene voorwaarden van mijn apps en wearables, zoals de Fitbit, maar eens nalezen.

Big data is nog steeds net als tienersex

Er is al ontzettend veel mogelijk met big data, maar de echte impact op de overheid en de samenleving is nog ongewis. De keerzijde is er ook, daar kan Ronald Plasterk over meepraten. Ik twijfelde daarom even; de poster van Dan Ariely hing nog steeds in de lift. Ik treuzelde daardoor te lang, de liftdeuren gingen dicht. Ik besloot de trap te nemen. Goed voor de statistieken op mijn eigen Fitbit stappenteller!

Maar, is dit eigenlijk mijn eigen data? Wellicht heeft Fitbit de data al lang verkocht.
Dan nog. Wat zou de gemeente nou eigenlijk met deze data kunnen?

Foto intro met dank aan Fotolia.