Veel vertoningen, geen klikken? Check voordat je gaat optimaliseren of er wel een mens zoekt
Op de zoekterm “odoo maatwerk” stonden we eerste in Google, en ook nog in het AI-overzicht. Over 90 dagen leverde dat 389 vertoningen op. En één klik. Mijn eerste gedachte: een slap fragment. Het bleek iets heel anders. Alles wees erop dat vrijwel al die vertoningen van rank-trackers kwamen. Toen ik verder zocht, zag ik hetzelfde patroon bij een kwart van de vertoningen op al onze zoektermen.
Hoe het begon
We hadden een simpel Excel-lijstje met kansen. Pagina’s met veel vertoningen en een goede positie, maar weinig klikken. Klassiek werk: titel scherper, fragment beter, en de klikken volgen vanzelf. Drie daarvan stonden bovenaan de lijst.
Voordat we gingen herschrijven, zocht ik de belangrijkste term zelf op, in een incognitovenster. We stonden er echt. Bovenaan, met onze pagina als bron in het AI-overzicht erboven. Mooier krijg je het niet. En dan klikt er in drie maanden één keer iemand? Dat klopte niet.
Dus heb ik niet naar het fragment gekeken, maar naar de vertoningen zelf. Wie zoekt hier eigenlijk?
Mijn conclusie: vrijwel zeker rank-trackers. Dat zijn programma’s die elke dag nagaan op welke plek een site staat voor een zoekterm. SEO-bureaus gebruiken ze, concurrenten gebruiken ze, en misschien gebruik je er zelf ook een. Zoekt zo’n programma, dan kan dat in Search Console meetellen als vertoning. Een klik komt er nooit van. Je herkent ze aan 3 signalen:
1. Een mens zoekt minder op zondag
Het eerste signaal zit in de kalender. Zakelijke zoekers werken door de week. In het weekend zoeken ze ook, maar minder. Over onze hele site kregen we op een weekenddag 72 procent van de vertoningen van een werkdag, en 31 procent van de klikken.
Bij onze merknaam, waar zeker mensen op zoeken, was het zelfs 35 procent. Op die ene zoekterm was het 92 procent. Elke dag ongeveer 4 vertoningen, met nauwelijks schommeling. Zaterdag of zondag: het maakte niet uit. In 90g dagen zat er geen enkele dag zonder vertoning tussen.
Zo zoekt zelden een mens. Het past wel precies bij een rank-tracker die elke ochtend zijn rondje maakt.
2. Een rank-tracker zoekt niet op zijn telefoon
Het tweede signaal is het apparaat. Bij zoektermen waarvan we zeker wisten dat er mensen achter zaten, zoals onze bedrijfsnaam en de namen van klanten, kwam 35 procent van de vertoningen van een telefoon.
Op de verdachte term was het 1 van de 389 vertoningen. De rest kwam van desktop. Logisch: rank-trackers draaien meestal als desktop. En die ene vertoning op een telefoon? Dat was precies die ene klik.
3. En een rank-tracker klikt nooit
Het derde signaal is het simpelst. Een mens die jou bovenaan ziet staan, klikt weleens. Niet altijd, zeker nu een AI-overzicht vaak al antwoord geeft. Maar 389 keer in beeld, bijna altijd bovenaan, en één klik? Dan is de kans klein dat er achter al die vertoningen mensen zitten.
Wat de hele site liet zien
Daarna heb ik dezelfde 3 signalen over alle 1.266 zoektermen gelegd. Een oordeel gaf ik alleen bij minstens 30 vertoningen in de periode; daaronder is het ruis. Dat gold voor 1.050 termen, dus voor de meeste.
Per signaal keek ik welke kant het op wees. Richting rank-tracker: op een weekenddag 90 procent of meer van de vertoningen van een werkdag, minder dan 5 procent mobiel, en 0 klikken terwijl de term gemiddeld in de top 15 stond. Richting mens: een weekend van 80 procent of minder, minstens 20 procent mobiel, of een klikratio van 1 procent of hoger.
Wezen minstens 2 signalen naar een rank-tracker en geen enkel naar een mens, dan noemde ik de term verdacht. Wezen er minstens 2 naar een mens en hooguit 1 naar een rank-tracker, dan telde hij als menselijk. Al het andere was gemengd. Waar een oordeel kon, was het beeld helder.
- 26 procent van alle vertoningen kwam van termen met het patroon van een rank-tracker. Samen leverden die 7 klikken op.
- 9 procent van de vertoningen kwam van termen waar aantoonbaar mensen achter zaten. Die leverden 226 klikken op.
- De rest was gemengd, of te klein om iets over te zeggen.
Een maand later heb ik de meting herhaald: toen was het 19 procent. Het schommelt dus, maar het blijft een flink deel.
Het opvallendste: de termen met het patroon van een rank-tracker waren vaak termen waar concurrenten om strijden. En sommige zoektermen kwamen woordelijk overeen met tussenkoppen of FAQ-vragen op onze eigen pagina’s. Dat maakte geautomatiseerde controles als verklaring nog aannemelijker.
Zo doe je de toets zelf
Je hebt er geen extra tools voor nodig. Search Console geeft je alles.
- Kies een verdachte term. Veel vertoningen, een goede positie, weinig of geen klikken. Filter in het rapport Prestaties op die zoekopdracht.
- Bekijk de kalender. Open het tabblad Datums en zet het gemiddelde van de weekenddagen naast dat van de werkdagen. Doe hetzelfde voor je eigen merknaam, dat is je ijkpunt. Ligt de term rond de 100 procent en is elke dag ongeveer even druk, dan is dat verdacht.
- Bekijk de apparaten. Open het tabblad Apparaten. Zit je merknaam op een flink deel mobiel en deze term bijna op 0? Ook verdacht.
- Bekijk de klikken. Top 3, 100 vertoningen, 0 of bijna 0 klikken. Je weet het antwoord al.
Twijfel je nog, stel jezelf dan deze vragen:
- Zou een klant deze term echt zo intypen, of lijkt hij op een kop van je eigen pagina?
- Zoeken mensen hier ook op hun telefoon, bijvoorbeeld onderweg of ’s avonds?
- Is dit een term waar je concurrenten op mikken? Dan is de kans groot dat zij hem ook volgen.
- Staat de term al maanden even stabiel, terwijl de rest van je verkeer met de seizoenen meebeweegt?
Tip: laat het rekenwerk doen. De weekend- en mobielcijfers per term uitrekenen is in Search Console zelf handwerk. Werk je met een AI-assistent die MCP ondersteunt, zoals Claude, dan kun je Search Console daar via een MCP-koppeling aan hangen. Je vraagt dan in gewone taal om de toets voor al je zoektermen tegelijk, en de assistent haalt de cijfers zelf op. Via zo’n koppeling krijg je ook veel meer rijen dan de duizend die het scherm van Search Console laat zien. Dat lost meteen een van de valkuilen verderop op.
Wanneer de toets je in de steek laat
- Bij kleine aantallen. Een term met een paar vertoningen per week geeft geen bruikbaar patroon. Bij ons gold dat voor de meeste zoektermen. Beoordeel die op paginaniveau, of laat ze rusten.
- Bij een ander publiek. Onze ijkpunten gelden voor een zakelijke site. Verkoop je aan consumenten, dan ziet je weekend er heel anders uit. Bepaal je ijkpunt daarom altijd op je eigen merknaam.
- Bij gemengde termen. Op veel termen zoeken mensen én rank-trackers tegelijk. Die kun je niet wegstrepen. Je weet alleen dat de vertoningen hoger lijken dan de echte vraag.
2 valkuilen in je eigen cijfers
Search Console sorteert op klikken. Vraag je een toplijst van zoektermen of pagina’s op, dan valt alles met 0 klikken onderaan weg. En dat zijn precies de termen waar het om draait. Zo miste ik in eerste instantie een pagina met 1.380 vertoningen. Haal dus altijd zoveel mogelijk rijen op en tel zelf.
Losse zoektermen vertellen maar een deel van het verhaal. Bij ons dekten de zichtbare zoektermen 27 procent van de vertoningen en 41 procent van de klikken. De rest houdt Google anoniem. Daardoor kan een pagina wel degelijk mensen trekken, terwijl de termen die je ziet van rank-trackers komen. Dat zagen we bij een artikel over overstappen van boekhoudpakket: de bekende zoektermen waren rank-trackers, maar de pagina zelf trok 13 klikken met een normaal weekend- en mobielpatroon. Toets daarom op de term én op de pagina.
Wat je morgen anders doet
Ik wijs geen kans meer aan zonder deze toets. Dat scheelde ons direct 3 klussen, want achter die 3 kansen zaten vrijwel zeker geen klanten. Dit zijn 3 dingen die je zelf deze week kunt doen:
- Toets je lijst met kansen. Pak de 10 termen met de meeste vertoningen en de minste klikken, en haal ze door de 3 signalen. Wijst alles op een rank-tracker, zet de term dan onderaan, voordat iemand er een dag aan besteedt.
- Rapporteer niet langer op vertoningen alleen. Vertoningen en gemiddelde positie zeggen weinig als een kwart ervan van rank-trackers komt. Stuur op klikken en aanvragen.
- Kijk hoeveel van je klikken op je merknaam zitten. Bij ons was dat 81 procent van de klikken met een zichtbare zoekterm. De mensen die klikten, kenden ons dus al. Daarmee werd naamsbekendheid ineens een SEO-onderwerp.
Die eerste plek op die ene term hebben we nog steeds. Alleen weet ik nu voor wie we daar staan: vooral voor een rank-tracker die elke dag komt kijken of we er nog zijn. Ook op zondag.