Gastcolumn: Het diffusieproces van Web 2.0 toepassingen
21 July 2006 - 07:04
Tags: Column, Onderzoek, Trends & stats
De mogelijkheden van Web 2.0 bieden ons allerlei nieuwe en handige services. Services die er ook echt toe doen. Services die toegevoegde waarde hebben en waarbij er meer participatie wordt verwacht van de gebruiker. Hoe komt het dan toch dat veel mensen met hun oren beginnen te klapperen als ze de term ‘Web 2.0’ horen, dat maar 10% ooit van deze term heeft gehoord, laat staan dat ze kunnen uitleggen wat Web 2.0 betekent. In dit artikel gaat Pascal Selles op zoek naar succesfactoren voor de diffusie van Web 2.0 applicaties.
Web 2.0 haters
Hoe je het ook wendt of keert, er bestaat altijd een groep die zich keert tegen nieuwe termen en definities. Zo is inmiddels wel duidelijk dat er een groep ‘Web 2.0 haters’ bestaat. Zij zijn niet zozeer tegen de inhoud van Web 2.0, maar raken geïrriteerd door de term Web 2.0 (en gooien daarmee eigenlijk ook de inhoud van Web 2.0 weer weg). Telkens weer verbaas ik mij erover dat mensen vreselijk tekeer gaan op diverse weblogs als er over Web 2.0 wordt gepraat. Vreemd, want voordat je ergens fatsoenlijk over wilt praten, zal je toch echt een naam op het ‘ding’ moeten plakken. Steve Pemberton vertelde ons op The Next Web Conference dat de term Web 2.0 simpelweg een connectie vormt tussen gedachten en woorden. Uiteraard is het dan wel belangrijk dat we onze gedachten over Web 2.0 op een goede manier communiceren. En daar ligt dan ook een belangrijke uitdaging.
Een discussie over wel of niet Web 2.0 vind ik daarom niet zo interessant. Wel vind ik het interessant hoe we op een effectieve manier Web 2.0 toepassingen kunnen verspreiden.
Diffusie van nieuwe producten en diensten
Allereerst wil ik ingaan op de huidige stand van zaken rondom de acceptatie van Web 2.0. Web 2.0 toepassingen kunnen we op dit moment gerust innovaties noemen. Het diffusiemodel voor innovaties van Everett Rogers (zie ook Nederlandstalige versie) verschaft meer inzicht. Dit model maakt onderscheid in 5 groepen:
1. Innovators: de eerste consumentengroep die een innovatie aannemen (2,5 % van het totaal).
2. Early innovators: opinieleiders en rolmodellen voor anderen. Zij hebben goede vaardigheden en dwingen respect af in grotere sociale systemen (13,5 % van het totaal).
3. Early adopters: zij overwegen een innovatie eerst goed voordat zij overgaan op een koop. Zij zijn de meerderheid net iets voor (34 % van het totaal).
4. Late adopters: hebben meer tijd nodig dan gemiddeld om een innovatie aan te nemen (34% van het totaal).
5. Laggards: een conservatieve groep die zijn vastgelopen in het verleden (16% van het totaal).
Deze groepen zijn in de welbekende S-curve te gieten.
Richten we ons weer op de 10% bekendheid rondom Web 2.0, dan kunnen we concluderen dat de acceptatie van Web 2.0 zich nog beperkt tot de ‘innovators’ en ‘early innovators’. Over het algemeen zijn dit hoger opgeleide mensen, opinieleiders en maken ze meer gebruik van massamedia (zoals weblogs). We kunnen hieruit concluderen dat tijd de eerste belangrijke factor is. Het onderzoek dat in het kader van The Next Web is uitgevoerd, zegt dat 71% van de ondervraagden denkt dat internet in de komende 5 jaar zal verbeteren. Zal dit de tijd zijn die nodig is om web 2.0 ook bekend te krijgen bij de ‘early en late adopters’? Immers de groep tot aan de ‘late adopters’ is 84% (2,5 +13,5 + 34 + 34) en komt dus in de buurt van de 71% uit dit onderzoek.
In het kader van acceptatie van innovaties is ook ‘The Pencil Metaphor’ interessant.
Andere succesfactoren voor Web 2.0 applicaties
Naast tijd zijn er ook nog andere succesfactoren voor Web 2.0 applicaties te noemen. Salah Hassan (1990) heeft 5 karakteristieken omschreven die van belang zijn voor de acceptatie en het succes van innovaties. Web 2.0 applicaties passen uitstekend binnen dit kader.
1. Het relatieve voordeel
Een innovatie moet een relatief voordeel hebben. Bij veel Web 2.0 applicaties is dit heel duidelijk te zien. Veel mensen maken echter nog steeds gebruik van traditionele ‘min of meer gelijkwaardige’ toepassingen. Neem bijvoorbeeld het uitwisselen van bestanden. Nu branden de mensen hun vakantiefoto’s nog op een cd en sturen dit vervolgens per post naar familie en kennissen. Voordat zij daarna een reactie krijgen, zijn er een aantal dagen overheen gegaan. Flickr.com of AllPeers bieden in dit kader een aantal relatieve voordelen. Het is in de eerste instantie snel en ten tweede is de opslag van de foto’s gratis. Het relatieve voordeel van Web 2.0 toepassingen is dus veelal duidelijk zichtbaar, maar toch zijn veel mensen er nog niet mee bekend.
2. De toepasbaarheid
Een innovatie moet in te passen zijn in het alledaagse leven van de consument. Zij moeten er op een eenvoudige manier aan kunnen komen en de randvoorwaarden moeten kloppen. Zo beschikken al veel mensen over een (snelle) computer en in 2005 beschikte 55% van de huishoudens over breedbandinternet. We kunnen hieruit concluderen dat ook de ‘early adopters’ in staat zouden moeten zijn om Web 2.0 toepassingen te kunnen gebruiken.
3. Complexiteit
Een innovatie moet gebruiksvriendelijk zijn om kans van slagen te hebben. Web 2.0 applicaties voldoen daar gedeeltelijk aan. De snelheid van deze toepassingen is in veel gevallen een hele verbetering door gebruik te maken van bijvoorbeeld Ajax-technologie. Ook de overzichtelijkheid en gebruiksvriendelijkheid is over het algemeen goed te noemen. Waar het m.i. vaak mis gaat, is de uitleg van terminologie. Tagging, blogging, RSS. Het zijn in veel gevallen de termen die mensen afschrikken. De uitdaging in het verspreiden van Web 2.0 toepassingen ligt dus in het gebruik van zoveel mogelijk ‘gewone mensentaal’.
4. Is het uit te proberen
Web 2.0 toepassingen zijn succesvoller als consumenten ze (eventueel in beperkte mate) gratis kunnen uitproberen. Hier schort het nog wel eens aan bij deze toepassingen. In veel gevallen moeten gebruikers eerst registreren en inloggen en dat vormt voor velen een groot obstakel.
5. Observeerbaarheid
Een Web 2.0 toepassing kan succesvol worden als er door de gebruiker ook een resultaat te zien is. Deze zichtbaarheid is met name belangrijk richting familie en vrienden. Zodra zij een bevestiging afgeven, zal een gebruiker de Web 2.0 toepassing blijven gebruiken.
Bij de genoemde succesfactoren zal verder rekening gehouden moeten worden met de volgende randvoorwaarden:
1. Communicatie: de manier waarop gebruikers in staat zijn te kunnen leren over de toepassing. Er moet goede uitleg over de toepassingen beschikbaar zijn.
2. Tijd: de tijd die gebruikers nodig hebben om de toepassing te begrijpen en accepteren (in het begin van dit artikel heb ik hier ook al op gewezen).
3. Sociale systeem: hoe anderen reageren op Web 2.0 toepassingen in de omgeving van de gebruiker. Een gebruiker heeft een bepaalde bevestiging nodig uit zijn omgeving.
4. Speed of diffusion: een diffusie gaat sneller als er meer concurrentie is, de maker van de Web 2.0 toepassing een goede naam heeft en als er gestandaardiseerde technologie wordt gebruikt.
Conclusies
Web 2.0 toepassingen bieden veel nieuwe mogelijkheden. Over het algemeen moeten die ook zichtbaar kunnen zijn voor het publiek. Toch zijn nog maar weinig mensen bekend met Web 2.0 toepassingen. Uit mijn analyse zijn 3 belangrijke conclusies te trekken:
1. Acceptatie kost tijd
We zullen nog even geduld moeten hebben. Web 2.0 toepassingen hebben nog maar de ‘innovators’ en een gedeelte van de ‘early innovators’ bereikt. Tijd speelt hierin de belangrijkste factor. Uit onderzoeksresultaten kunnen we suggereren dat Web 2.0 toepassingen over 5 jaar ook de ‘early & late adopters’ hebben bereikt. De toepasbaarheid van Web 2.0 applicaties kunnen ook binnen het kader van tijd worden genoemd. Immers, sommige ‘early’ en ‘late adopters’ hebben nog steeds geen beschikking over breedband internet (wat in veel gevallen toch wel een belangrijke vereiste is voor het gebruik van Web 2.0 toepassingen). Effectieve communicatie over de mogelijkheden van breedbandinternet en Web 2.0 is van groot belang.
2. Goede communicatie
Web 2.0 toepassingen komen over het algemeen nog te ingewikkeld over. Het is met name belangrijk dat aan termen, zoals Web 2.0, RSS, blogging, tagging etc. goede uitleg wordt gegeven in zoveel mogelijk gewone mensentaal. Gebruikers kunnen pas leren omgaan met de toepassingen als er ook goede communicatie over beschikbaar is.
3. Uitproberen zonder drempel
Veel Web 2.0 toepassingen leggen de drempel te hoog. Registratie en inloggen is in veel gevallen verplicht. Hierdoor haken mensen snel af.
Laten we ons blijven richten op de nieuwe mogelijkheden van het internet. Web 2.0 lijkt me daarvoor een prima naam. Hoewel we natuurlijk wel duidelijk moeten blijven in wat we ermee bedoelen.
Ik ben erg benieuwd wat jullie ervaringen zijn met betrekking tot het diffusieproces van web 2.0 toepassingen.
Meer informatie:
- Hassan, S. (1990). Attributes of Diffusion Adoption Decisions. Proceedings of the Academy of Marketing Science
- Onderzoek: Web 2.0 verovert terrein in Nederland (Frankwatching, 4 juli 2006)
- Tags: [[tt:innovation]], [[tt:web 2.0]]
Deze gastcolumn is geschreven door Pascal Selles. Pascal blogt zelf op Marketingportaal.nl.
3061x gelezen 20 reacties




21 July 2006 om 08:28
Hi Pascal,
bedankt voor je interessante column! Mooi voorbeeld van conclusie 3 (Uitproberen zonder drempel) kwam ik laatst tegen bij http://www.zoho.com, een website waar je een online office pakket kunt gebruiken met een tekstverwerker, spreadsheet en presentatieprogramma. Vanaf de homepage kun je TRY IT linkjes klikken waarna je direct aan de slag kan. Pas als je iets wilt bewaren wordt je gevraagd een account aan te maken, waarbij email/wachtwoord voldoet. Ze snappen feilloos dat je eerst iets wilt uitproberen en daarna pas wil registreren (en dan zo makkelijk mogelijk).
Ik heb verder nog een aanvulling op de succesfactoren van web 2.0 toepassingen. Dit staat eigenlijk los van web 2.0 of 1.0 maar heeft meer te maken met goed ontwerpen voor het internet, maar het valt me op dat veel web 2.0 toepassingen heel intuitief werken. Hoe http://del.ico.us werkt heb ik vaak in een paar zinnen uitgelegd aan collega’s en vrienden. Hetzelfde geldt voor http://www.flickr.com. Web 2.0 staat ook vaak voor beter webontwerp naast een innovatie in functionaliteit.
Verder ben ik geheel met je eens wat betreft het gebruik van jargon. Als je met termen als rss, tags, etc strooit verwar je gebruikers vaak eerder dan je ze laat zien wat voor mooie nieuwe functies er mogelijk zijn. Ik probeer altijd zoveel mogelijk Nederlandse termen te gebruiken bij opdrachtgevers, zoals trefwoorden ipv tags, koppensneller ipv rss, dat scheelt vaak al een stuk.
21 July 2006 om 09:06
Tijd speelt in deze altijd een rol en het feit dat de definitie van Web2.0 zelfs voor innovators niet altijd eenduidig is, speelt een belangrijke rol rondom het begrip van de term.
Daarnaast lijkt Web2.0 als innovatie met name een shift te zijn van een focus op techniek en technische mogelijkheden, naar een focus op mensen en interactie. Met als gevolg dat de manier van denken ook geheel dient te veranderen.
21 July 2006 om 20:31
In Nederland ben ik nog maar weinig sites tegen gekomen die iets met web 2.0 van doen hebben. Echter kwam ik laatst wel een website tegen die het leuk oppakte, namelijk http://nl.fm. In het begin is het even wennen, maar je kan de blokjes dus vrij makkelijk verplaatsen en zo je favoriete radio stations in 1 lijstje samenvoegen. Erg leuk gedaan. Misshien zouden ze dit Web radio 2.0 moeten noemen ;-)
22 July 2006 om 00:16
Ik denk juist dat veel web2.0 applicaties behoorlijk toegankelijk zijn, een account aanmaken is vaak niet meer dan een email adres en een wachtwoord afgeven. Kom daar bij een bedrijf als Yahoo maar eens om. Misschien dat wel meer site’s van een zandbak functie voor zien zouden kunnen worden.
Als Nederlands web2.0 initiatief haald dit Backbase toch handen vol geld binnen? http://www.backbase.com/
Verder denk ik inderdaad dat web2.0 een naam voor een stroming in tijd is.
22 July 2006 om 13:21
Puik stukje leesvoer.
Over de Web 2.0 bashers kan ik wel meepraten, we krijgen ze dagelijks lang op m’n blog. Meestal snappen ze niet wat de gedachte erachter is en blijven dan haken op specifieke technische eigenschappen die inderdaad al eeuwen bestaan of de eigenzinnige designs. Het gaat echter om de sociale, democratische en rijke concepten (bv. Last.fm, Flickr, del.icio.us) die weldegelijk vernieuwend te noemen zijn. En uiteraard de Sapir Whorf gedachte: geen woord -> geen gedachte. Het is een conversatieterm die juist zorgt voor meer ontwikkeling op het vlak van webdevelopment, ook al wil men dat niet toegeven.
Het doorbreken van Web 2.0 in Nederland is echter een hele opgaaf. Mensen zitten hier nog vast in het Startpagina idee. Initiatieven zoals eKudos, Linklog, Nederlandse Wiki’s e.d. veranderen daar wel wat aan, echter zijn dat nou niet heel veel partijen. Dat komt ook door de developers: Nederlanders zijn grotendeels zakelijke dienstverleners, geen gebruikersapplicatie bouwers waar de Web 2.0 stroming zijn oorsprong heeft. Maar dat moet waarschijnlijk vanuit het onderwijs meer worden gestimuleerd.
@Geert: “Koppensnellers” moet wel de meest slechte term zijn die ik ooit heb gehoord voor “feed” ;) Maar een beter woord is er misschien niet voor in het Nederlands, dat wel. Technische termen moeten gewoon volledig verdwijnen voor de gebruiker, en o.a. RSS integratie in de nieuwe Windows/Internet Explorer kan daar misschien iets bij helpen.
22 July 2006 om 16:03
Dank voor al jullie reacties. Goede aanvullingen allemaal!
@Geert: Onderzoek heeft wel eens uitgewezen dat een mooi webontwerp invloed heeft op hoe een gebruiker de gebruiksvriendelijkheid van een website beoordeelt. Web 2.0 speelt hierin inderdaad een belangrijke rol. Ik heb wel eens een lijstje gemaakt met kenmerken van web 2.0 design. Lijkt me aardig om dat als aanvulling op mijn artikel hier even te noemen:
- minimalistisch
- wit
- ruimte
- functioneel
- geen flash
- herkenbaar
- software look
- strak, recht
- dunne lijntjes
- overzichtelijk
- geordende invoervelden
- nadruk op content
- herkenbaar maar simpel letterlogo
- 1 opvallende kleur (opvallend wordt er vaak gekozen voor blauw, oranje of groen)
@MarkN: Klopt inderdaad dat Web 2.0 staat voor een shift van techniek naar mensen en interactie. Alleen de vertaling hiervan is nog wel eens gebrekkig.
@KarelK: Leuke site, maar kunnen we binnen dit kader ook niet http://www.hyves.nl noemen?
@Sjors: Is http://www.backbase.com geen bedrijf? Lijkt me niet echt een Web 2.0 toepassing.
@Robert: Het verdwijnen van technische termen heeft volgens mij alles te maken met toepasbaarheid. RSS integratie in Windows en welke browser dan ook vind ik een heel mooi voorbeeld!
22 July 2006 om 19:14
Inderdaad leuk artikel! Goed om web 2.0 ook eens vanuit een dergelijk perspectief te zien. Zolang we er maar lang genoeg over praten raakt het misschien vanzelf breder geaccepteerd in Nederland. Zoiets kost nu eenmaal, zoals je zelf aangeeft, tijd. Ooit een mooie quote gehoord van een deelnemer van mijn focus groep interview: Hij stelde dat blogs zo langzamerhand tot het SBS volk was doorgedrongen (volgens hem de grote massa :)). Maar als het aankomt op social bookmarking en wiki’s, dan zijn die mensen nog totaal niet connected. Daar ligt dus een uitdaging.
23 July 2006 om 00:00
Aardig artikel.
Misschien zie ik het verkeerd, maar Web 2.0 is toch al jaren mainstream?
Sites als Google, Ebay, Amazon en Skype zijn toch ook Web 2.0? Ze zijn gebaseerd op user contributed value,the long tail, network effect,decentralization,co-creation, remixability,emergent systems. Adaptive path heeft het helder weergegeven in een schema: http://adaptivepath.com/publications/essays/archives/000547.php
Dat de “gewone” gebruiker geen weet heeft van web 2.0 en andere technische termen (tagging, blogging, RSS, wiki, ajax, etc.) lijkt me totaal niet van belang. Veel mensen weten bijvoorbeeld ook niet precies welke onderdelen er in de motor van een auto zitten. Voor hen is belangrijk dat het hen voorziet in de behoefte en waarde toevoegd. Dat veel nieuwe web 2.0 sites nog weinig bekend/succesvol zijn bij de massa is naar mijn mening dat ze veelal gebruiksonvriendelijk en soms niet relevant zijn. Ze zijn ontwikkeld vanuit de applicatie en niet vanuit de behoefte van de gebruiker.
Overigens is het wel belangrijk voor bedrijven om te realiseren dat er een strategische omslag plaatsvindt met ingrijpende gevolgen. En dat die omslag te maken heeft met web 2.0 en andere open (source) business models.
Consumer participation is een duurzame trend die ook buiten het web mega-successen heeft gebracht. Web 2.0 is een belangrijke katalysator en zal het bedrijfsleven flink doen wakkerschudden.
Als je zin hebt kun je ‘n kijkje nemen op m’n site: http://www.webtwobusinessmodels.com
24 July 2006 om 00:19
@ Geert: Mooie aanvulling, leuk om ook weer even de aandacht te vestigen op Zoho. Ik vind nieuwsklikker ook wel een mooi alternatief voor RSS (en koppensneller).
@ KarelK: Da’s weliswaar Web 2.0, maar dan een heel klein beetje… Wel leuk dat je het voorbeeld aanhaalt, ik kende http://nl.fm/ al wel, maar de feature met de verplaatsbare blokjes was me nog niet opgevallen.
@ Pascal: Compliment met je uitstekende artikel! Over je reactie op het commentaar van Sjors nog even dit: Backbase.com is inderdaad een bedrijf. Maar dat lijkt me geen reden om hun oplossingen niet tot de categorie Web 2.0 te rekenen.
@ Twan: Aan het model van Adaptive Path hebben we hier eerder ook aandacht besteed: http://www.frankwatching.com/archive/2005/12/15/web_20_een_vulkaan_die_op_spri . Goed van je om te benadrukken dat Consumer participation breder is dan het web!
24 July 2006 om 08:12
Pascal schreef: “Ik heb wel eens een lijstje gemaakt met kenmerken van web 2.0 design. Lijkt me aardig om dat als aanvulling op mijn artikel hier even te noemen: – minimalistisch – wit – ruimte – [..]”
Ik heb ook ooit eens zo’n lijstje gemaakt, maar dan gericht op functionaliteit in plaats van vormgeving.
(Daarbij viel me op dat er een vergelijking gemaakt kon worden met iets heel ouds: Wabi-sabi, een Japanse term die waardering voor het gebruikte en incomplete aangeeft.)
Onafhankelijk van die vergelijking met Wabi-sabi (de termen buiten de cirkel) zijn de functionele kenmerken van de applicaties (binnen de cirkel) goed om in het achterhoofd te houden bij het bedenken van een nieuwe Web2.0 toepassing.
Bekijk het diagram met de vergelijking tussen Web2.0 kenmerken en die van Wabi-sabi hier:
http://www.peterboersma.com/blog/2005/11/my-design-engaged-mini-presentation.html
24 July 2006 om 16:05
Allen,
erg leuke / goede discussie over adoptie van web2.0.
Grootste uitdaging m.i. blijft de overgang van de early adopters naar de early majority (crossing the chasm van Moore: http://en.wikipedia.org/wiki/Crossing_the_Chasm).
Om dit te bereiken moet voor de early majority het voordeel zeer duidelijk zijn (gebruiksgemak, gepercipieerd voordeel, prijs, etc).
Gebeurd dit niet dan zal de adoptie niet plaatsvinden.
25 July 2006 om 09:54
Ik ben niet zo denderend over de term web 2.0, maar het beestje moet een naampje krijgen. Eigenlijk irriteer ik me aan het feit dat velen web 2.0 compleet verkeerd opvatten. Het gaat niet zozeer om het flitsende design (nu vooral wit en ruimtelijk)met laadschermpjes en versleepbare venstertjes. Erg gebruiksvriendelijk en leuk, maar dat is niet zozeer web 2.0.
Ik denk dat er bij veel developers ook een misverstand ontstaat bij de term AJAX, die ondertussen in één adem genoemd wordt met web 2.0. AJAX is namelijk Asynchronous Javascript And XML, een techniek die al jaren bestaat en eigenlijk alleen op de achtergrond data verwerkt met de server (zonder dat je daarop hoeft te wachten). AJAX is dus ook niet wat het flitsende, witte, ruimtelijke design maakt. écht AJAX zie ik eigenlijk nog niet heel veel gebruikt worden.
Web 2.0 is voor mij vooral de innovatieve service. “Design 2.0″ (om het maar een naam te geven) en javascript wordt naar mijn idee vooral gebruikt om deze service een moderne en innovatieve uitstraling te geven (en het draagt wel degelijk bij aan het gebruiksgemak). AJAX is enkel een techniek die toegepast kan worden om bepaalde elementen te vergemakkelijken of ook iets gebruiksvriendelijker te maken.
25 July 2006 om 10:21
@Frank: wat betreft backbase.com heb je natuurlijk helemaal gelijk!
@UCI: bedankt voor je reactie en je boekentip. Lijkt me interessant!
@Jeroen: helemaal mee eens dat Web 2.0 vooral een innovatieve service is. Ik denk dat inmiddels de meeste mensen het hier absoluut met je eens zijn. Design 2.0 en AJAX zijn natuurlijk wel belangrijke gereedschappen om deze innovatieve service te creëren.
Ben eigenlijk ook nog wel benieuwd wat jij te zeggen hebt over de diffusie van Web 2.0 toepassingen.
25 July 2006 om 11:01
sorry, vorige reactie was van mij. (naam email vergeten)
25 July 2006 om 11:02
@Pascal: ok, over de diffusie van Web 2.0 toepassingen heb ik ook nog wel iets aan te kaarten. In de inleiding blijkt dat nog maar 10% van de mensen ooit gehoord heeft van web 2.0, maar dit wilt natuurlijk niet zeggen dat ze geen gebruik maken van een web 2.0 toepassing. Dat web 2.0 is aanbeland bij de innovators en early innovators zou hieruit de conclusie zijn, maar eerlijk gezegd denk ik dat veel web 2.0 toepassingen toch al aan het begin van de early adaptors zijn beland. Ik heb geen onderzoek gedaan, maar ik denk dat als je alle mensen die gebruik maken van bijvoorbeeld flickr de vraag stelt of ze bekend zijn met web 2.0 de meeste nog vragend om zich heen zullen kijken. Ze gebruiken wel web 2.0, maar de term is nog niet helemaal doorgedrongen. Ik denk ook dat de term opzich weer zal vervagen zodra er meer web 2.0 toepassingen komen en het meer mainstream gaat worden, maar dat is maar een voorgevoel. Het gaat meer om een evolutie dan een revolutie
Kortom, er is denk ik een flink verschil tussen de bekendheid van de term en de toepassingen zelf.
Verder ben ik ook van mening dat web 2.0 altijd innovatief zal / moet blijven, of het ooit tot de late adopters of laggards zal komen betwijfel ik. Elk nieuw web 2.0 concept is immers weer innovatiever dan de ander en dat zal voorlopig zo blijven.
25 July 2006 om 12:37
@ Pascal: Fantastisch om de realiteit van Web 2.0 af te zetten tegen de theorie uit het boek “Diffusion of innovation”. Overigens echt een aanrader om dit boek een keer te lezen voor iedereen die in de online wereld werkt. Ik ben namelijk van mening dat veel zaken toch langzamer gaan, dan de groep fanatieke onliners (waar ik er overigens 1 van ben) veelal onderling met elkaar denken.
25 July 2006 om 12:59
Het marktaandeel van Flickr is volgens mij in Nederland nog niet zo groot als je denkt. Ik heb het eens willekeurig aan wat mensen gevraagd. Geen van allen had er ooit van gehoord. Hyves is volgens mij met 17% marktaandeel het beste voorbeeld van een Web 2.0 initiatief. Wat dat betreft zou Martijn nog wel eens gelijk kunnen hebben.
Ik ben inmiddels ook wel nieuwsgierig geworden naar de feiten over het marktaandeel van Flickr. Weet iemand toevallig waar deze te vinden zijn?
25 July 2006 om 14:48
Flickr heeft een marktaandeel van ongeveer 6%, Photobucket is nog altijd heer en meester in die hoek. Aldus HitWise: http://weblogs.hitwise.com/leeann-prescott/2006/06/photobucket_leads_photo_sharin.html
Overigens is de term Web 2.0 voor ons (de ontwikkelaars/bedenkers) bestemt, niet voor het publiek. Het maakt dus ook totaal niets uit of men het kent of niet. Sterker nog: het zou mooi zijn als men totaal geen nieuwe termen hoefde te kennen voor het gebruik van dit soort apps.
31 July 2006 om 10:22
De term Web2.0 is erg ongelukkig gekozen als iets om met het bredere publiek te gaan delen. Het insinueert namelijk iets wat je op een cd’tje thuis installeert en dan via je je breedbandverbinding binnenkrijgt en representeert misschien juist wel de denkwijze van web1.0!
Tegelijk zie je ook veel weerstand bij de technocraten die ‘web1.0′ altijd hebben mogen modelleren, inrichten, vullen en beheren.. de touwtjes worden uit handen gegeven, eindelijk krijgen de doorsnee gebruikers de macht over de content!
Vraag de doorsnee enthousiast computerende huisvrouw wat ze vinden van de ideeen achter ‘Web2.0′ en je krijgt een staande ovatie…
De concepten zijn evolutionair, de naam alleen wat onhandig gekozen in mijn ogen.
Overigens kan ik niet wachten tot we email in Wiki terug kunnen vinden als iets wat we vroeger hadden om zo lekker 20ste eeuws-ineffecient te communiceren :-)