Web 2.0: de stand van zaken

17

door Pascal Selles van Hayona

Print

op woensdag 2 april 2008 om 07:03 uur

web20innederland.jpgZijn we verzadigd met Web 2.0? En zijn Web 2.0 applicaties inmiddels gemeengoed geworden onder de internetters? Een recent rapport van Forrester over European Social Technographics geeft een goed beeld van de mate waarin mensen nu echt op het web participeren. Interessant is het te zien hoe het met Nederland ervoor staat in vergelijking met andere Europese landen.

Social Technographics
Mensen aanzetten tot participeren op het web is niet zo eenvoudig als wel eens werd gedacht. The Social Technographics Profile van Forrester toont ons een aantal interessante feiten:

  • 10% van de Europese internetgebruikers zijn Creators. Zij publiceren op het web met bijvoorbeeld een eigen website of weblog of plaatsen zelfgemaakte video’s op internet.
  • 19% van de Europese internetgebruikers zijn Critics. Zij schrijven reacties op blogs en plaatsen reviews op vergelijkingssites.
  • 13% is actief met sociale netwerken, zoals Facebook, MySpace en in Nederland het populaire Hyves.
  • 9% van de Europese internetgebruikers is verzamelaar (Collector). Zij zijn intensieve RSS gebruikers en plaatsen tags bij webpagina’s (Del.icio.us), foto’s en filmpjes.
  • Een grote groep van 40% is Spectator (toeschouwer). Zij lezen weblogs, bekijken filmpjes, chatten, luisteren naar Podcasts en lezen en gebruiken reviews.
  • Tenslotte is 53% inactief. Zij doen helemaal niets met sociale technologie.

social-technographics-ladde.jpg

Verschillen binnen Europa
Interessant zijn ook de verschillen tussen de Europese landen. Opvallend is bijvoorbeeld het verschil in participatie in sociale netwerksites tussen Frankrijk (4%) en Nederland (26%). Ook creëren Nederlanders aanzienlijk meer content op het internet (17%) dan Duitsers (8%), Spanjaarden (8%), Britten (9%) en Fransen (10%). Verder is het opvallend dat Zweden de meeste actieve verzamelaars (27%) heeft van bijvoorbeeld RSS feeds, in Nederland (6%) en Engeland (5%) liggen die percentages een stuk lager.

De diffusie van Web 2.0 in Nederland
Anderhalf jaar geleden schreef ik een artikel over de diffusie van Web 2.0 applicaties. Dit bracht mij direct op het idee om de gegevens uit dit Forrester rapport uit te zetten tegen het diffusiemodel voor innovaties van Everett Rogers. Het geeft een prachtig beeld van het diffusieproces van Web 2.0 in Nederland.

difussie_van_web20.jpg

Conclusies
Op dit moment zijn het de innovators, early adopters en early majority die gebruik maken van Web 2.0. Verder particperen alleen de innovators en early adopters uit het difussiemodel actief op het internet. Uit gegevens uit het Forrester rapport gecombineerd met het diffusiemodel kunnen we daarom enigszins concluderen dat Web 2.0 in Nederland nog niet op het hoogtepunt is. De vraag is ook of dit ooit zal gebeuren. Wat betreft het gebruik van Web 2.0 verwacht ik wel dat dit over een jaar gemeengoed zal zijn onder de meeste Nederlanders (nu 41%). Mensen ertoe aanzetten om zelf actief mee te doen door bijvoorbeeld zelf content te creëren is echter veel moeilijker dan wel eens werd gedacht. We moeten in Nederland zelfs blij zijn met een percentage van 17% dat actief content creëert op het internet. Nederland kan zich daarmee Web 2.0 koploper van Europa noemen! Ik ben erg benieuwd hoe dit zich in de toekomst zal gaan ontwikkelen. Welke visionair durft daar verdere uitspraken over te doen?

Het rapport European Social Technographics® Revealed is hier te bestellen. Meer informatie over Web 2.0 en verschillen tussen generaties vind je in het artikel Teens, tweens en de tsunami van social media.

0 stemmen stem
  1. Peter van blogspot.com op 2 april 2008 om 11:08 uur

    Slechts 10% is creator? Hoezo slechts? Vergelijk dat eens met de aantallen die zich bezighielden met publiceren in de breedtste zin van het woord toen we het 20 jaar geleden nog met de “oude media” moesten doen…
    Fantastisch die 10%!!

  2. Hay van haykranen.com op 2 april 2008 om 11:18 uur

    Interessant om te zien dat het grootste deel van de gebruikers van het web er dus nog steeds ‘niet-interactief’ er van gebruik maakt. De meeste mensen zien het web blijkbaar nog steeds als een plek om vooral informatie vanaf te halen ipv zelf op te zetten. Ik denk wel dat dat in de toekomst gaat veranderen, maar daarvoor zal er, naast interessante applicaties ontwikkelen, ook nog veel werk liggen in het meer toegankelijk maken van Web 2.0 applicaties, vooral op usability gebied.

  3. Barry van adamus.nl op 2 april 2008 om 12:09 uur

    Ik ben het eens met Peter. Niet iedereen hoeft een creator te zijn (liever niet zelfs). De kracht van web 2.0 ligt erin dat iedereen die een creator *wil* zijn, dat ook *kan* zijn.

  4. web2.0: status quo « Erfgoed2.0 van wordpress.com op 2 april 2008 om 12:44 uur

    [...] 2, 2008 door theo meereboer Op Frankwatching is vandaag, 2 april, een interessante post verschenen over de stand van zaken ten aanzien van [...]

  5. Jochem Pasman op 2 april 2008 om 12:53 uur

    Ben dat met Peter eens; hoeveel % van de bevolking publiceert momenteel in de ‘ normale’ wereld zijn eigen boek / tijdschrift / muziek? Zonder die cijfers is het onmogelijk om dit te benchmarken.
    Verder is de S-shape van de product life cycle geen vaststaand gegeven. De industrie kan zelf een hoop doen om deze vorm te beinvloeden en te veranderen.

    De vraag is zelfs of dit model wel toepasbaar is op een concept als Web 2.0. Sociaal internet en UGC hangen nauw samen met Thomas Friedman’s ‘Flat World’. Dat kun je denk ik beter omschrijven als een permanente verschuiving in een paradigma (consumenten/gebruikers als producenten van UGC) dan een nieuwe technologie, waardoor het product life cycle model niet van toepassing is.
    Persoonlijk verwacht ik dan ook dat er geen hoogtepunt of neergang komt, omdat het concept van prosumer voorziet in het bevredigen van een menselijke behoefte om zijn eigen creaties te delen met anderen.

  6. Pascal Selles van hayona.nl op 2 april 2008 om 13:13 uur

    @Peter: Je hebt gelijk, 10% is fantastisch! het woord ’slechts’ heb ik daarom ook niet gebruikt om aan te geven dat ik het weinig vind, maar dat we misschien met z’n allen aan het begin van de Web 2.0 periode wel op meer hadden gehoopt. Maar om verwarring te voorkomen heb ik dit woord toch maar weggehaald.

  7. Yvette van oer.nl op 2 april 2008 om 22:36 uur

    Zo, meteen maar even zorgen dat het ‘creators’ percentage stijgt door deze post! Lastig om een antwoord te geven op je vraag, wat is ‘content’? Wanneer we met zijn allen echt 24/7 connected zijn door betere mobieltjes, en daarop beter internet wordt ‘creeren van content’ nog laagdrempeliger, in de zin van ‘woorden/beelden/video’s publiceren’. Echter, we moeten niet uit het oog verliezen over wat voor soort ‘creatie’ we het hebben. Is een verwaarloosde weblog ook nog geldig? Verder lijkt het me zinnig om inzicht te krijgen in wat voor type content en mensen we kunnen onderscheiden in alle categorieen. Wat mij ook intrigeert is dat ‘wij Nederlands’ bovenaan staan. Slaat dat terug op ons traditionele poldermodel?

  8. Webhamer Weblog: Search & ICT-related blogging » links for 2008-04-02 van webhamer.nl op 3 april 2008 om 00:33 uur

    [...] Web 2.0: de stand van zaken – Frankwatching Mensen aanzetten tot participeren op het web is niet zo eenvoudig als wel eens werd gedacht. The Social Technographics Profile van Forrester toont ons een aantal interessante feiten (tags: web2.0 social forrester toread) [...]

  9. StauthamerNet :: Staut’s Family Blog» Blog Archive » links for 2008-04-02 van stauthamer.net op 3 april 2008 om 01:39 uur

    [...] Web 2.0: de stand van zaken – Frankwatching Mensen aanzetten tot participeren op het web is niet zo eenvoudig als wel eens werd gedacht. The Social Technographics Profile van Forrester toont ons een aantal interessante feiten (tags: web2.0 social forrester toread) [...]

  10. For Users Only » Blog Archive » Web 2.0 Social Technographics and more van kuleuven.be op 3 april 2008 om 10:50 uur

    [...] few day ago, Frankwatching posted an update about Web 2.0 and the Social Technographics. How are the current European people using Web 2.0 and what are the [...]

  11. Bob op 3 april 2008 om 11:01 uur

    Wat ik mis in dit artikel is het onderscheidt tussen ouderen en jongeren.

    Op het moment dat aangetoond wordt dat jongeren veel meer gebruik maken van web2.0 is de kans ook groot dat het in de toekomst alleen maar meer gaat worden.

  12. Marcel Cramer van incircle.nl op 3 april 2008 om 11:25 uur

    Ik denk dat we er ook rekening mee moeten gaan houden dat er een nieuwe generatie internetters in opkomst is. Aansluitend op de opmerking van Yvette denk ik dat deze groep die mobiel grootgebruiker zijn steeds makkelijker deel zullen nemen aan het web.

    Kijk uit met percentages. Dit zegt nog steeds niets over specifiek gebruik. Ik denk dat deze cijfers afgezet tegen de periode waarin ze verzameld zijn niet het label ‘weinig’ of ‘tegenvallen’ verdienen.

    Daar waar het wel zo is moeten we met meer aandacht stimuleren.

    Kan iemand zijn licht eens doen schijnen op de volgende vragen?

    Welke content wil je dan laten creeeren door consumenten/gebruikers?
    Wat is relevant en wat niet?
    Waar wil je het voor gaan gebruiken?
    Hoe ga je het inzetten?
    Wat voor resultaat wil je zien?

  13. joitske op 5 april 2008 om 12:35 uur

    Interessant om nu eens echt cijfers te zien. Ik denk dat professionals het nog moeten gaan omarmen. (zie ook http://www.joitskehulsebosch.nl/?p=41)

  14. Coen Dirkx van mijnproefstation.nl op 18 april 2008 om 17:14 uur

    Tussen de reacties op dit interessante artikel kwam ik de oproep tegen om onderstaande vragen te beantwoorden. Uitgaand van het experiment mijnproefstation.nl zal ik een poging doen. Mijnproefstation.nl is een net gestarte website, gebaseerd op web 2.0 waarin NS en ProRail gebruikers van het station oproepen hun mening te geven over (gewenste) verbeteringen.

    Welke content wil je dan laten creëren door consumenten/gebruikers?
    Al die content die ervoor zorgt dat wij een beter inzicht krijgen in de wensen van onze klanten.

    Wat is relevant en wat niet?
    Relevant is een subjectief begrip. Voor de een kan het reageren al een uitlaadklep zijn van gevoelens, voor de ander is het pas relevant als het opgepikt wordt door NS of ProRail. Voor ons is elk serieuze reactie relevant.

    Waar wil je het voor gaan gebruiken?
    Zoals gezegd, het biedt een kijk op wat de klant ervaart en beleeft op het station. Al dan niet gestuurd vanuit een bepaalde vraagstelling. De ontwerpwedstrijd voor het stationstoilet die we net hebben afgerond was een prachtig staaltje co-creatie met behulp van onze klanten/ bezoekers van de website.

    Hoe ga je het inzetten?
    Als communicatiekanaal en als testomgeving. Nu vooral om in Leiden te achterhalen of de ingezette communicatiemiddelen mbt de verbouwing tot Proefstation voldoen. En daarnaast onderzoeken we of de nieuwe winkelconcepten goed vallen. En uiteraard blijft het ook een informatiemiddel.

    Wat voor resultaat wil je zien?
    Eerlijke respons, duidelijke reacties. En met het oog op de wat verdere toekomst (die overigens in een inspirerend overleg vandaag een tikkeltje dichterbij is gekomen): de website http://www.mijnstation.nl, waar NS en ProRail je inspireren om mee te denken en mee te doen over de verbeteringen van jouw station(netje)? Dat vind ik behoorlijk relevant en een stap vooruit voor een organisatie als NS.

  15. Coen Dirkx van mijnproefstation.nl op 19 april 2008 om 09:29 uur

    (nieuwe poging nu met werkende url’s
    Tussen de reacties op dit interessante artikel kwam ik de oproep tegen om onderstaande vragen te beantwoorden. Uitgaand van het experiment http://www.mijnproefstation.nl zal ik een poging doen. Mijnproefstation.nl is een net gestarte website, gebaseerd op web 2.0 waarin NS en ProRail gebruikers van het station oproepen hun mening te geven over (gewenste) verbeteringen.

    Welke content wil je dan laten creëren door consumenten/gebruikers?
    Al die content die ervoor zorgt dat wij een beter inzicht krijgen in de wensen van onze klanten.

    Wat is relevant en wat niet?
    Relevant is een subjectief begrip. Voor de een kan het reageren al een uitlaadklep zijn van gevoelens, voor de ander is het pas relevant als het opgepikt wordt door NS of ProRail. Voor ons is elk serieuze reactie relevant.

    Waar wil je het voor gaan gebruiken?
    Zoals gezegd, het biedt een kijk op wat de klant ervaart en beleeft op het station. Al dan niet gestuurd vanuit een bepaalde vraagstelling. De ontwerpwedstrijd voor het stationstoilet die we net hebben afgerond was een prachtig staaltje co-creatie met behulp van onze klanten/ bezoekers van de website.

    Hoe ga je het inzetten?
    Als communicatiekanaal en als testomgeving. Nu vooral om in Leiden te achterhalen of de ingezette communicatiemiddelen mbt de verbouwing tot Proefstation voldoen. En daarnaast onderzoeken we of de nieuwe winkelconcepten goed vallen. En uiteraard blijft het ook een informatiemiddel.

    Wat voor resultaat wil je zien?
    Eerlijke respons, duidelijke reacties. En met het oog op de wat verdere toekomst (die overigens in een inspirerend overleg vandaag een tikkeltje dichterbij is gekomen): de website mijnstation.nl, waar NS en ProRail je inspireren om mee te denken en mee te doen over de verbeteringen van jouw station(netje)? Dat vind ik behoorlijk relevant en een stap vooruit voor een organisatie als NS.

  16. Images for the future – Research blog » blog archive » Interesting links digest van imagesforthefuture.org op 8 september 2009 om 16:51 uur

    [...] 10th 2008 Web 2.0: de stand van zaken UK landscape shifts as Warner moves to same-day VOD/DVD Harnessing the knowledge of others through [...]

Schrijf een reactie


Opmaak uitschakelen