Trends

Open Design: samen ontwerpen en fabriceren

0

De manier waarop alles om ons heen ontworpen, gemaakt en gedistribueerd wordt, verandert in rap tempo. Het is niet langer nodig om fysieke producten te verspreiden; een goed ontwerp is genoeg. Door de opkomst van betaalbare en flexibele fabricagemethodes ontstaat een alternatieve productieketen. De expertise die daarvoor nodig is, is gemakkelijk bij elkaar te brengen. Een voorbeeld is het netwerk van Fablabs, met publiek toegankelijke apparaten die ingezet kunnen worden voor flexibele lokale productie. Dat zorgt voor ontwerpen die volledig zijn toegesneden op je eigen behoeften.

Van kleinschaligheid naar massaproductie

Vóór de industriële revolutie werden goederen bij de mensen thuis of in kleine gemeenschappelijke werkplaatsen gemaakt. Het ging vaak om beperkte hoeveelheden unieke en specifieke producten, die door handelaren op de markt werden aangeboden. Met de opkomst van de stoommachine en daarmee het machinale weefgetouw (één van de eerste computers) werd massaproductie mogelijk. Er ontstonden op grote schaal fabrieken en fabrieksarbeiders die een beperkt repertoire aan handelingen zo efficiënt mogelijk verrichtten. De productiemiddelen, tot dan toe in het bezit van de makers, werden eigendom van steeds groter wordende fabrieken. Dat veranderde het aanzien van steden, ambachten, distributie en design totaal.

landscape

..en weer terug: Open Design

Nu zijn er ontwikkelingen die een alternatief bieden voor dat dominante model. Er is een wereldwijde beweging ontstaan van mensen die zelf producten ontwerpen, maken en de blauwdrukken delen. De machines daarvoor worden kleiner en betaalbaar. Overal ontstaan hoogwaardige werkplaatsen, een soort mini-fabrieken, waar het mogelijk wordt om ‘bijna alles’ te maken. Het beeld van de thuisindustrie van vóór de industriële revolutie lijkt weer terug te keren, maar nu door gebruik te maken van een diverse expertises uit allerlei disciplines vanuit allerlei locaties. Dat is Open Design.

the tube

Fablab

Een belangrijke aanjager van Open Design is het Fabrication Laboratory (Fablab) van MIT professor Neil Gershenfield. Een Fablab bestaat uit een fysieke ruimte met een aantal hoogwaardige machines die door de computer worden bestuurd, waarmee je eenvoudig zelf producten kunt maken. Onder één belangrijke voorwaarde: kennis en ontwerpen worden gedeeld. Alle Fablabs staan via teleconferentie met elkaar in verbinding. Zo kunnen onder meer in de VS, Afghanistan, India, Spanje, Ghana en Nederland mensen samenwerken aan producten van hoge kwaliteit, voor eigen gebruik en voor anderen.

(Un)limited design

UD Contest-350Om te laten zien dat dat werkt is vorig jaar door Waag Society, Premsela en Creative Commons Nederland de (Un)limited Design Contest uitgeschreven; een experiment in digitale fabricage en open design. Daarin werkten ontwerpers op basis van eigen of bestaande ontwerpen aan nieuwe gebruiksvoorwerpen en modeartikelen. De ontwerpen werden on-line gezet en gedeeld, waarna anderen er afgeleide artikelen van konden maken. De (Un)limited Design Contest gaat uit van een bèta benadering, die in de web 2.0 context veelvuldig wordt gebruikt. We zien producten als momentopnamen van een doorgaand proces dat op basis van openheid en participatie een oneindig aantal iteraties doormaakt. Een product is nooit af.

Netwerk van thuisfabrikanten

Dat maakt nóg een vernieuwing mogelijk: een nieuwe vorm van (massa)productie gebaseerd op een netwerk van thuisfabrikanten. Iedere fabrikant maakt on-demand een onderdeel en samen vormen ze een eindproduct. Een voorbeeld van deze gedistribueerde digitale productie is te vinden op 100Kgarages.com. Waag Society werkt in Nederland met Droog Design en Ponoko aan een systeem waarmee ‘design’ niet meer als product wordt aangeboden, maar als digitaal ontwerp: Downloadable Design. Ontwerpen kan je downloaden en laten fabriceren bij een aangesloten professional of zelf aanpassen en maken in een aangesloten Fablab. De mogelijkheden zijn eindeloos. ponokoOntwerpers die Open Design hebben omarmd zijn onder meer Janne Kyttanen, Ronen Kadushin en Twan Verdonck.

50 Dollar prothese

Een voorbeeld van een maatschappelijk verantwoorde toepassing is het ontwikkelen van een extreem goedkope onderbeenprothese voor ontwikkelingslanden. Doel is om een perfecte prothese te maken van $50 per stuk. Prothesen zijn bijzonder ingewikkeld en duur. Een commerciële variant kost al snel $10.000 en is daarmee voor velen onbetaalbaar. In een netwerk van (toekomstige) gebruikers, technologen en domeinexperts wordt nu in Amsterdam, Delhi, Boston (MIT) en Indonesië gewerkt aan een oplossing die lokaal wordt geproduceerd met een perfect ontwerp, maar met goedkoop materiaal en een goedkoop productieproces.

50dollarleg

Open vragen rond Open Design

De vraag is niet óf we dit moeten doen – het gebeurt al op steeds grotere schaal – maar welke businessmodellen en welke vormen van intellectueel eigendom hierbij passen. Bij de muziekindustrie is goed te zien wat het gevolg is wanneer gevestigde partijen hier niet snel genoeg op inspelen. Veel bruikbaar gedachtegoed is te vinden bij de open source beweging en bij Creative Commons. Dat is echter niet zomaar toepasbaar en veel moet nog worden uitgezocht.

ccEen andere vraag betreft de specificatie van fysieke ontwerpen. Open Design vraagt om een open taal die wereldwijd gebruikt kan worden om kennis over fysieke dingen in op te slaan en uit te wisselen. Omdat er in principe geen beperking zit op het soort dingen dat kan worden gefabriceerd (van robots tot tafels tot een appeltaart) is dat niet gemakkelijk.

En wat betekent dit ‘zelf doen’ voor professionele ontwerpers? Kijk voor inspiratie naar wat er met de filmwereld gebeurt nu iedereen een camcorder heeft en iedere telefoon kan filmen. Ons voorlopige antwoord gaat twee kanten op. Enerzijds blijft er behoefte aan top-producten en ontwerpen die dienen als startpunt voordat anderen ermee verdergaan. Anderzijds zullen ontwerpers de coaches zijn die ons met hun creatieve vermogens helpen om producten te ontwikkelen.

En nu?

Spannende tijden dus. Onze overtuiging is dat je als ontwerper niet moet wachten totdat je obsolete bent, maar nu zelf de handen uit de mouwen moet steken. Maak een afspraak bij je lokale Fablab en kijk wat je daar kan doen. Doe mee aan de volgende (Un)limited Design Contest en stuur je ontwerpen in. Wie weet wat er uit je handen komt en wie jouw kennis kan gebruiken om iets geweldigs te maken.

Co-auteur van dit artikel is Bas van Abel, Creative Director bij Waag Society en trekker van het Open Design Lab.