Virtual Video Event banner

Krijg meer grip & richting: zo bouw je samen aan je marketingstrategie [3-stappenplan]

Krijg meer grip & richting: zo bouw je samen aan je marketingstrategie [3-stappenplan]

Iemand vraagt tijdens een meeting of de koffie: “Wat is eigenlijk onze marketingstrategie?”. In plaats van één helder antwoord, krijg je vijf verschillende verhalen. Iemand noemt ‘meer posten’, iemand anders ‘meer leads’, een derde ‘meer naamsbekendheid’, en ondertussen loopt de planning al vol.


Dat is precies het verschil tussen marketing doen en een marketingstrategie hebben. Marketing doen is activiteiten uitvoeren. Een marketingstrategie hebben, is samen keuzes maken die keuzes kunnen uitleggen en ze gedurende het jaar inplannen en samen blijven bijsturen. Mijn marketingprofessor maakte dit tijdens de colleges heel duidelijk. Zijn gevleugelde uitspraak was:

If you don’t have a plan, stay in the car!

Dat klinkt simpel, maar zijn punt is serieus: zonder gedeelde keuzes gaat iedereen rijden in een andere richting of blijft hangen in de parkeerstand. Hieronder beschrijf ik een praktische aanpak van drie stappen die je met je team in één sessie kunt doorlopen. Je:

  • koppelt jullie marketingstrategie aan organisatiedoelen en maakt deze dus MT-proof;
  • kiest scherp als team voor de belangrijkste doelgroepen;
  • maakt meetbaar wat ‘goed’ is en wat jullie doen als het niet goed gaat;
  • kunt je strategie direct doorvertalen naar een planning die je blijft updaten.

Deze aanpak is gebaseerd op hoe we teams begeleiden die grip willen op keuzes, uitvoering en bijsturing. Veel verschillende oplossingen zijn ook door mijn collega’s en klanten ingebracht. Herken je bijvoorbeeld één van deze situaties?

  1. We hebben wel een strategie, maar te weinig draagvlak. Iedereen doet zijn eigen ding.
  2. We hadden een plan, maar er verandert steeds iets. Daarom werken we niet meer met updates.
  3. We stemmen ons suf in vergaderingen en verliezen het grote plaatje. Daardoor nemen we matige beslissingen.
  4. Projecten lopen door elkaar, afhankelijkheden zijn onzichtbaar en daardoor leveren we te laat om te kunnen bijsturen.

Deze situaties en andere uitdagingen pakken we in dit artikel aan. Als je één keer een overzicht wil, op basis van onze praktische ervaring, van oplossingsstappen die werken, lees dan door over deze dashboard-aanpak. De rode draad is om niet alleen een goed plan te schrijven, maar iets dat ook de rest van het jaar te gebruiken en bij te stellen is.

Wat zijn een paar belangrijke ontwikkelingen de laatste tijd?

Er is één trend die overal doorheen snijdt: de hoeveelheid marketing-output is geëxplodeerd, terwijl aandacht en vertrouwen schaars zijn.

Een paar gevolgen die je in je aanpak moet meenemen:

  • Mensen vinden informatie steeds vaker via samenvattingen, communities, video en nieuwsbrieven. Je content moet dus niet alleen ‘leuk’ zijn, maar ook bruikbaar en betrouwbaar.
  • Meten wordt lastiger als je vooral leunt op clicks en platformstatistieken. Je hebt vaker heldere definities nodig: wat telt wel? Wat telt niet? En wat doen we bij groen/oranje/rood?
  • Noteer bij elke aanname één toets: welk gedrag willen we zien? Waar meten/horen we dat? En wanneer noemen we het ‘waar’ of ‘niet waar’? Zonder toets blijft data een discussie, geen sturing.
  • AI versnelt productie, maar vergroot ook risico’s: generiek, te stellig, of gewoon fout. Daarom heb je spelregels nodig, anders ga je sneller de verkeerde kant op.

Daarom een paar AI-spelregels

AI kan je veel tijd besparen, maar ook creativiteit en kwaliteit opleveren. Dit kan alleen als je het op de juiste manier en plek inzet. Gebruik AI als hulpje, niet als beslisser:

  • AI mag structureren, clusteren en varianten maken. Mensen nemen besluiten en publiceren.
  • Elke ‘harde’ claim krijgt óf een bron, óf wordt afgezwakt en gaat op een lijst met ‘nog te toetsen’.
  • Werk met een vaste check: tone-of-voice, doelgroep-fit, bewijs/bron, en juridische/ethische punten.

Dit klinkt streng. Dat is het ook. En dat is precies waarom het werkt.

Extra check (vaak vergeten): werkt dit ook in het hoofd van je klant?

Als je strategie niet in één zin uit te leggen is, gaat niemand hem intern herhalen. En als hij niets oproept (rust, vertrouwen, gemak, zekerheid), blijft het een plan op papier. Houd daarom steeds één simpele toets aan: maakt dit het voor de klant makkelijker, duidelijker of rustiger? Zo niet, dan schrappen of versimpelen.

Om dit overzichtelijk te houden (en het niet bij een plan op papier te laten): zet je strategie, tactiek en planning bij elkaar in één mindmap-dashboard.

Mindmap-dashboard

Marketingstrategie in drie stappen met behulp van een mindmap-dashboard: 1. strategie → 2. tactiek → 3. planning en terugkoppellus.

Mindmap-dashboard

Een mindmap-dashboard maakt informatie overzichtelijk doordat je takken kunt in- en uitklappen. Zo zoom je alleen in op het deel waar je nu aan werkt, zonder het totaalbeeld kwijt te raken. Met filters kun je snel verschillende overzichten maken, zoals: acties, besluiten en open vragen. Ook kun je specifieke invalshoeken bekijken (bijvoorbeeld per segment of persona).

Je kunt het dashboard bij elk overleg op een groot scherm gebruiken om samen informatie aan te vullen, te volgen en bij te sturen. Doordat input direct wordt vastgelegd, voelen teamleden zich gehoord en blijft het overzicht behouden. Afhankelijk van de mindmapsoftware kun je acties en besluiten exporteren naar lijsten en soms ook omzetten naar een planning of rapport (bijvoorbeeld in Excel of Word).

Sessiespelregels overzicht

Sessiespelregels + labels (feit, aanname, onbekend, besluit, actie) om keuzes scherp te houden.

In het mindmap-dashboard zie je bij sommige takken een i-icoontje. Dat icoon hoort bij uitleg (sessieregels, AI-afspraken en labels, zoals: feit, aanname, onbekend, besluit en actie). Tijdens het invullen kun je die uitleg wegfilteren, zodat je alleen de invulvelden overhoudt.

Live marketingstrategie-mindmapsessie

Hoe je zo’n sessie aanpakt? Een goede sessie voelt simpel. Maar die simpelheid komt door voorbereiding.

Beeld van een sessie die plaatsvindt. Er zitten mensen aan tafel, een scherm staat open.

Zo werkt het in de sessie: template op het scherm, live invullen, facilitator bewaakt keuzes en eigenaarschap.

De kern: je zet het mindmap-dashboard-template op het scherm en je loopt er samen stap voor stap doorheen. Iemand faciliteert het gesprek (de facilitator) en iemand anders legt de mindmap live vast terwijl jullie praten (de livemapper). Zo maak je direct keuzes en blijft het overzicht tijdens de sessie intact. Op die manier leg je de hoofdzaken van de gesprekken ook live vast en maak je keuzes zichtbaar terwijl je ze maakt.

Daarom hebben we een mindmap-dashboard-template gemaakt die je op drie manieren kunt gebruiken:

  1. Complete template met uitleg, invulvelden en coderingen
  2. Invulversie met alleen de invulvelden, voor tijdens de sessie
  3. Exportfunctie na afloop, bijvoorbeeld alleen acties,besluiten, of één inhoudelijk onderdeel – afhankelijk van wat je nodig hebt

Kort gezegd werk je in drie stappen:

  1. Strategie (wat willen we bereiken en voor wie?)
  2. Tactiek (wat vertellen we, via welke middelen, en hoe maken we het meetbaar?)
  3. Planning (hoe maken we het uitvoerbaar en hoe leren we onderweg?)

Belangrijk: het template is wat ons betreft een basisversie die alle noodzakelijke (denk)stappen ondersteunt. Je kunt het template ook makkelijk uitbreiden op basis van je eigen manier van werken (met bijvoorbeeld met een PEST-analyse). Kies wat je helpt. Laat de rest weg.

Stap 1. De strategie

Veel marketingplannen sneuvelen niet op creativiteit, maar op het begin: er is wel activiteit, maar geen heldere keuze. Je herkent het aan zinnen als ‘we moeten meer posten’ of ‘we moeten iets met LinkedIn’, terwijl niemand scherp heeft welk organisatiedoel je ermee helpt en voor wie je het doet.

In stap 1 leg je daarom een basis die later wél uitvoerbaar blijft: een paar harde keuzes, gedeeld begrip en zichtbaar eigenaarschap.

Wat je aan het eind van stap 1 wil hebben:

  1. Top 5 organisatiedoelen (waar marketing aantoonbaar aan bijdraagt)
  2. Top 5 doelgroepen (wie moet er anders gaan denken/doen?)
  3. Een SWOT die keuzes afdwingt (geen SWOT voor in de la)
  4. Een stakeholderkaart: wie moet je wanneer betrekken, en hoe
  5. Een korte lijst aannames en open vragen die je nog moet toetsen (zodat je niet op ‘gevoel’ bouwt)

1.1 Begin bij het businessplan of jaarplan (niet bij kanalen)

We beginnen expres niet bij kanalen, kanalen zijn stap 2. Eerst: wat kiezen we, voor wie, en wat laten we liggen?

Pak het business- of programma­plan erbij en vertaal het naar een korte lijst doelen die marketing kan ondersteunen. Houd het concreet. Dus niet: ‘meer bekendheid’, maar: wat moet er aantoonbaar verbeteren en waaraan merk je dat? Werk samen met iemand uit MT/directie of een business owner. Niet omdat zij ‘de waarheid’ hebben, maar omdat je hiermee vanaf het begin taal en prioriteiten gelijk trekt. Dat scheelt later discussie en extra werk.

Uitkomst: top 5 organisatiedoelen + per doel één meetpunt (KPI in gewone taal) + wat feit is en wat je nog moet toetsen.

Stap 1 in strategie

Uitsnede uit het mindmap-template van stap 1 met invulvelden voor (1) top 5 organisatiedoelen, (2) top 5 doelgroepen en de SWOT-structuur.

AI hulp – doelen sneller scherp krijgen

Analyseer deze tekst (businessplan of jaarplan). Geef:

  1. een lijst met mogelijke organisatiedoelen in gewone taal
  2. selecteer de top 5 die marketing direct kan beïnvloeden
  3. per doel: een meetbare indicator (KPI in mensentaal)
  4. per doel: wat is feit (met bron) en wat is aanname (met toetsvoorstel)

Output als genummerde lijst.

1.2 Kies je belangrijkste doelgroepen (en check of je ze écht kent)

Als je ‘iedereen’ bedient, bedien je in de praktijk niemand goed. Kies daarom maximaal vijf doelgroepen die er echt toe doen. En stel daarna één eerlijke vraag: kennen we deze mensen goed genoeg om een goede keuze voor ze te maken? Als het antwoord ‘matig’ is, is dat geen probleem. Dan is het wél een actiepunt: je noteert wat je nog moet ophalen (bijvoorbeeld via interviews, sales/service, zoekvragen, supporttickets).

Uitkomst: top 5 doelgroepen + per doelgroep drie kernvragen die je moet kunnen beantwoorden.

1.3 Maak een SWOT die keuzes oplevert

De SWOT is nuttig als je hem gebruikt om te kiezen. Dat lukt alleen als je punten concreet maakt en onderscheid maakt tussen:

  • Feiten (met bron)
  • Aannames (met een manier om te toetsen)
  • Of het onbekende (dus: eerst uitzoeken)

Hou het klein. Liever vier sterke punten die je écht durft te verdedigen, dan 20 algemene zinnen waar niemand iets mee kan.

AI hulp – SWOT zonder wensdenken

Maak een SWOT op basis van onze context (plak input). Regels:

  • Max S1–S4 en W1–W4 (kort en concreet).
  • Label elk punt als feit (met bron) of aanname (met toetsactie).
  • Zet bij elk punt: implicatie voor onze strategie (wat betekent dit dat we wel/niet doen?).

Uitkomst: drie tot vijf inzichten die je dwingen te kiezen (en wat je dus niet doet).

1.4 Stakeholderanalyse: wie moet je wanneer betrekken (en waarom)?

Doelen en doelgroepen bestaan niet in een vacuüm. Als je stap 1 overslaat, gebeurt dit later:

  • Je mist input van mensen die cruciaal zijn
  • Je krijgt later in het traject ‘verrassingsbezwaar’
  • En het plan wordt een compromis waar niemand eigenaar van is

Daarom maak je de stakeholderanalyse expliciet: wie heeft invloed? Wie heeft interesse? Wie heeft informatie? En wie moet je tevreden houden of juist actief laten meedoen? Uitkomst: wie betrek je wanneer + wie is eigenaar van welke input.

Maak intern één versie die iedereen kan doorvertellen: wat beloven we? Wat beloven we niet meer? En wat betekent dat voor sales/service/marketing in gedrag? Als je dat niet vastlegt, krijg je later ‘verrassingsbezwaar’: campagnes beloven iets wat teams niet waarmaken.

Stappen stakeholderanalyse

Stappen stakeholderanalyse om stakeholdermanagement te kunnen gaan doen.

Uitkomst: wie betrek je wanneer + wie is eigenaar van welke input.

1.5 Vertaal doelgroepen naar persona’s en user stories (zodat stap 2 straks geen ‘mening’ wordt)

Als je blijft praten over ‘de doelgroep’, krijg je algemene content en eindeloze discussie. Daarom maak je een paar concrete persona’s en vertaal je ze naar user stories.

User story-format: ‘Vanuit mijn rol als … wil ik … zodat ik … omdat ik…’ Dit dwingt je om:

  • Een concrete situatie te beschrijven, een echte behoefte te formuleren, en straks bewijs te leveren dat klopt.

Wat je oplevert na blok 1.3 tot 1.5:

  • Persona’s per belangrijkste doelgroep (liefst minder, maar scherp).
  • Per persona: de topvragen en bezwaren.
  • Vijf user stories per doelgroep die je kunt gebruiken voor content en middelenkeuzes.
Persona's maken je doelgroep concreet

Persona’s maken je doelgroep concreet. User stories vertalen dat naar wat je straks moet uitleggen, bewijzen en bouwen.

AI hulp – persona’s koppelen aan user stories

Gebruik AI hier alleen als je de spelregel strak houdt:

  • AI mag structureren en varianten voorstellen.
  • Alles wat niet uit jouw data komt is een aanname.
  • Voeg per persona een ‘bewijsregel’ toe: welke bronnen tel je mee (interviews, servicevragen, CRM, zoekdata).

Uitkomst: drie tot vijf persona’s + vijf user stories die je straks direct vertaalt naar thema’s en bewijs.

1.6 Rond stap 1 af met maximaal drie strategische keuzes

Dit is het moment waarop je van analyse naar richting gaat. Als je stap 1 goed doet, kun je hier hard kiezen. Maximaal drie keuzes, anders blijft het vrijblijvend. Formuleer elke keuze ook als wel/niet-regel, zodat iedereen morgen hetzelfde besluit neemt.

Voorbeelden van het soort keuzes die je vastlegt:

  • We focussen op doelgroep A en B, niet op C.
  • We bouwen bewijsassets op onderwerp X, niet op Y.
  • We investeren in kanaal Z, maar alleen als KPI’s dit ondersteunen.

Wat je oplevert na stap 1:

  • Maximaal drie strategische keuzes met reden en impact.
  • Duidelijke open vragen (onbekend) die je gaat toetsen.
  • Een basis waarmee stap 2 snel en concreet wordt.

Uitkomst: drie strategische keuzes, elk met reden + impact + wat je laat liggen. Korte brug naar stap 2.

Nu pas ga je tactiek invullen: thema’s, content, kanalen en KPI’s. Omdat je strategie nu scherp is, wordt stap 2 minder vergaderen en meer uitvoeren.

Stap 2. De tactiek (van keuzes naar acties die werken)

In stap 1 heb je scherp wat je wil bereiken, voor wie, en welke keuzes je maakt. Stap 2 is waar het vaak misgaat: je gaat te snel naar ‘meer content’ of ‘meer posten’, zonder dat duidelijk is welk probleem je oplost en hoe je meet of het werkt. Deze stap helpt je om drie dingen strak te krijgen:

  1. Wat je gaat vertellen (thema’s en bewijslast)
  2. Waar je dat vertelt (kanalen en middelenmix)
  3. Hoe je stuurt (KPI’s met heldere definities)

2.1 Kies 1 tot 3 succesfactoren (focus maakt het uitvoerbaar)

Succesfactoren zijn de paar dingen waarop je bewust gaat winnen. Niet omdat de rest onbelangrijk is, maar omdat je anders alles half doet.

Voorbeelden van succesfactoren:

  • We worden aantoonbaar beter gevonden op de vragen van doelgroep X.
  • We bouwen vertrouwen met bewijs en voorbeelden.
  • We maken het makkelijker om een volgende stap te zetten (download, intake, demo, afspraak).

AI hulp – onze succesfactoren

  • Laat AI 6 mogelijke succesfactoren voorstellen op basis van je doelen en doelgroepen.
  • Laat het team daarna kiezen en scherp formuleren.
  • AI kan ook helpen met trade-offs: wat laat je liggen als je hiervoor kiest?

Uitkomst: 1–3 succesfactoren waarop je stuurt, plus wat je bewust niet doet (trade-off).

2.2 Werk thema’s uit per doelgroep (niet één generieke contentlijst)

Maak per doelgroep een paar hoofdthema’s. Elk thema moet direct gekoppeld zijn aan een echte vraag, zorg of drempel uit stap 1.

Praktisch werkt dit goed:

  • Doelgroep als hoofdtak
  • Thema’s als subtakken

Per thema:

  • De kernvraag (in woorden van de doelgroep
  • Welk bewijs je moet leveren (case, voorbeeld, data, uitleg)
  • Wat iemand daarna moet kunnen doen (volgende stap)
Thema's per doelgroep

Per doelgroep werk je thema’s uit. Elk thema krijgt een kernvraag, bewijs en een logische volgende stap.

AI hulp – thema’s per doelgroep

Gebruik AI om snel van ruwe input naar bruikbare thema’s te gaan:

  • 5 thema’s per doelgroep, gekoppeld aan user stories
  • Per thema: 3 subvragen en 1 voorbeeld van bewijs
  • Markeer wat nog aanname is

Uitkomst: per doelgroep 5-10 thema’s met kernvraag, bewijs en volgende stap (zodat content niet ‘algemeen’ blijft).

2.3 Kies kanalen op basis van mediagedrag (en maak het meetbaar)

Kanaalkeuze is geen smaak. Je kiest kanalen, omdat je doelgroep daar aandacht heeft, je er herhaalbaar kunt publiceren, en omdat je er kunt leren. Een simpele check per kanaal:

  • Bereiken we hier de juiste mensen?
  • Past het bij de fase (orientatie, keuze, gebruik)?
  • Kunnen we hier bewijs laten zien?
  • Kunnen we meten zonder ons blind te staren op klikken?

Let op: door AI-samenvattingen in zoekmachines en platforms klikken mensen minder door. Daarom moet je content ook ‘op zichzelf’ kloppen: duidelijke definities, stappen, voorbeelden en bronverwijzingen. Je bouwt daarnaast liever ook aan kanalen met direct contact (zoals nieuwsbrief en events), omdat je daar minder afhankelijk bent van algoritmes.

AI hulp – keuze kanalen

Laat AI per doelgroep een eerste kanaalhypothese maken met onderbouwing. Zet er altijd bij: ‘welke aanname doen we’ en ‘hoe toetsen we dit snel’.

Uitkomst: kanaalkeuzes met reden (waarom dit kanaal wel/niet) en een kanaalhypothese die je kunt toetsen.

2.4 Maak een middelenmix (wat bouwen we, hergebruiken we, of stoppen we)

Nu maak je het concreet: welke middelen hebben we al, wat ontbreekt, en wat gaan we maken? Dit voorkomt dubbel werk en versnippering.

Praktisch:

  1. Maak een lijst van bestaande middelen (pagina’s, artikelen, cases, decks, tools)
  2. Label per middel: doelgroep, fase, thema, kwaliteit
  3. Kies wat je verbetert, wat je weggooit en wat je nieuw maakt
De middelenmix

De middelenmix laat zien wat je al hebt, wat je mist en waar je overlap of gaten hebt.

AI hulp – middelenmixkeuzes

Laat AI je middelenaudit sneller maken:

  • Rubriceren per doelgroep en fase
  • Signaleren van overlap, gaten en inconsistenties (propositie, CTA, toon, claims)
  • 10 concrete verbeteracties die je kunt plannen

Uitkomst: overzicht: wat bouwen we, wat hergebruiken we, wat verbeteren we en wat stoppen we (per doelgroep en fase).

2.5 Definieer KPI’s per fase (zodat ‘meten’ niet vaag blijft)

Zonder KPI-definities krijg je discussies achteraf. Dan is ‘bereik’ ineens goed nieuws, terwijl niemand weet of het iets oplevert. Werk met een eenvoudige opbouw, van breed naar concreet: bekendheid en bereik, engagement, activatie, conversie, behoud en herhaalgedrag (als dat relevant is).

Belangrijk om per KPI vast te leggen: wat telt wel en niet mee, waar de data vandaan komt, wanneer het groen, oranje of rood is, wat je doet als het afwijkt.

Vastleggen wat je meet

KPI’s helpen je sturen. Leg vast wat je meet, hoe je het uitlegt en wat je doet bij afwijkingen.

AI hulp – KPI’s kiezen

Laat AI helpen om KPI’s netjes te formuleren, maar laat het team kiezen:

  • KPI-set per fase
  • Definities en drempels (groen, oranje, rood)
  • Risico’s op verkeerde interpretatie
  • Welke ‘vanity metrics’ je beter niet gebruikt

Uitkomst: KPI-set per fase met definities, drempels (groen/oranje/rood) en afspraken wat je doet bij afwijkingen.

Afronden van stap 2

Na stap 2 heb je drie dingen scherp en uitvoerbaar gemaakt:

  1. Focus: één tot drie succesfactoren waar je bewust op gaat winnen (en wat je dus niet doet).
  2. Richting: thema’s per doelgroep, gekoppeld aan echte vragen en bewijs dat je moet leveren.
  3. Sturing: een kanaal- en middelenmix én KPI’s met heldere definities (wat telt wel/niet mee en wat je doet bij groen, oranje of rood).

Uitkomst na stap 2: thema’s, kanalen, middelenmix en KPI’s die direct te plannen zijn, zonder extra vergaderingen. Als dit klopt, stopt je strategie met ‘een plan in woorden’ en wordt het een werkbaar systeem.

Brug naar stap 3

Stap 3 is waar de meeste teams alsnog vastlopen: niet op de ideeën, maar op het ritme, eigenaarschap en afhankelijkheden. Daar maak je van je mindmap een tijdlijn/roadmap (bijvoorbeeld in Miro of Mural) en koppel je acties aan owners, deadlines en evaluatiemomenten.

Stap 3. De planning (van keuzes naar ritme en opvolging)

In stap 1 heb je keuzes gemaakt. In stap 2 heb je die keuzes vertaald naar thema’s, kanalen, middelen en KPI’s. Stap 3 is waar het vaak misgaat: je hebt wel een plan, maar geen ritme, geen eigenaarschap en geen overzicht als er iets wijzigt. Zie je strategie als kompas: richting ligt vast, uitvoering stuur je bij op basis van wat je leert.

De oplossing is simpel: je maakt één roadmap en koppelt daar direct twee lijsten aan die je altijd nodig hebt:

  1. Top-acties (wie doet wat wanneer, met status)
  2. Besluiten (wat is gekozen en waarom)

Als je dit goed neerzet, kun je onderweg bijsturen zonder opnieuw te beginnen. Uitkomst: één roadmap + een top-actielijst + een besluitenlijst die je elke week kunt bijwerken.

Wat je aan het eind van stap 3 wil hebben:

  1. Een roadmap per kwartaal (met evaluatiemomenten).
  2. Een top-actielijst (minimaal vijf acties) met eigenaar, start, deadline, afhankelijkheid en status.
  3. Een besluitenlijst (maximaal drie besluiten die je strategie echt scherp maken).
  4. Een vast ritme van bijwerken en evalueren (zodat het plan niet veroudert).

Uitkomst: ritme en eigenaarschap, je plan blijft actueel als er iets wijzigt.

3.1 Maak een marketingroadmap per kwartaal

Maak de roadmap grof genoeg om te sturen, maar concreet genoeg om te doen. Een praktische vorm is:

  • Per kwartaal: maximaal drie initiatieven waar je echt op commit (anders wordt het drukte)
  • Per maand: per doelgroep één tot twee thema’s met kanaal en target
  • Vaste evaluatiemomenten: einde Q1, Q2, Q3, Q4

Uitkomst: per kwartaal maximaal drie initiatieven waar je echt op commit, inclusief evaluatiemomenten. Werk je liever visueel dan in een tabel? Maak dan een tijdlijn/roadmap (bijvoorbeeld in whiteboardsoftware). Gebruik de mindmap als bron: daar staat wat waar hoort. Gebruik je mindmapsoftware die planning ondersteunt, dan kun je die roadmap vaak automatisch omzetten naar een strokenplanning (Gantt).

Het voordeel: je planning verandert mee als je de mindmap bijwerkt (deadlines schuiven, acties komen erbij, inhoud wordt bijgewerkt).

Marketingroadmap per kwartaal

Marketingroadmap per kwartaal en maand: per doelgroep thema’s plannen, met evaluatiemomenten.

Uitkomst: 1 roadmap per kwartaal (maximaal drie initiatieven) + per maand per doelgroep één tot twee thema’s + vaste evaluatiemomenten.

3.2 Maak een top-actielijst die je kunt opvolgen

Nu wordt het echt. Je haalt uit de roadmap de acties die bepalend zijn voor voortgang. Houd het klein en strak:

  • Minimaal vijf top-acties (meer mag, maar dan via export/filter)
  • Per actie: eigenaar, startdatum, deadline, afhankelijkheid, status (groen/oranje/rood)
  • Optioneel: link/bewijs (bijvoorbeeld een brief, concept, publicatie, dashboard)

Uitkomst: een top-actielijst met eigenaar, start, deadline, afhankelijkheden en status (groen/oranje/rood), klaar om wekelijks bij te werken. Dit voorkomt twee klassiekers: ‘we zijn druk’ en ‘we weten niet wat eerst moet’.

Top-acties en besluiten

Top-acties en besluiten: zo leg je eigenaarschap, status en opvolging vast.

3.3 Leg je besluitenlijst vast (zodat je niet terugvalt in discussie)

Veel marketingteams verliezen tijd, omdat besluiten niet scherp zijn vastgelegd. Maak het daarom expliciet en compact:

  1. Besluit (wat kiezen we)
  2. Opties (wat lag op tafel)
  3. Criteria (waarop kozen we)
  4. Datum
  5. Impact/consequentie
  6. Volgende actie (als die er is)

Uitkomst: een besluitenlijst waarmee je keuzes kunt uitleggen en niet elke maand dezelfde discussie herhaalt. Zo kun je later uitleggen waarom je iets doet, en voorkom je dat je elke maand dezelfde discussie voert.

3.4 Zet een vast ritme neer (zodat het plan actueel blijft)

Een plan is pas ‘levend’ als het ritme klopt. Dit werkt in veel teams goed:

  • Wekelijks (15 min): statuscheck (groen/oranje/rood) + blokkades wegnemen
  • Maandelijks (60 min): KPI’s en learnings, 1 prioriteit bijstellen
  • Per kwartaal (2 uur): roadmap herijken op basis van resultaten en veranderingen

AI hulp – KPI’s kiezen

Gebruik AI hier alleen als versneller:

  • Laat AI samenvatten wat er veranderde en waar KPI’s afwijken
  • Laat AI hypotheses formuleren (waarom ging KPI X omlaag)
  • Laat AI acties uitschrijven, maar laat de eigenaar altijd finaliseren

Uitkomst: een vast update-ritme (week/maand/kwartaal) zodat je plan actueel blijft als er iets wijzigt.

Afsluiting en download om nu zelf aan het werk te gaan

Wil je dit in één sessie met je team kunnen invullen? Download dan de invultemplate (PDF).

  • De detailuitleg
  • Een bewerkbaar mindmap bestand (dan kan je het dashboard het hele jaar door bijwerken)
  • En meer tips opvragen (bijvoorbeeld hoe je whiteboard software slim kan inzetten)

Uiteraard kun je ook je vragen of tips voor andere teams hieronder in de comments kwijt. Samen weten we meer en staan we sterker! 🙂 Veel succes!