ai update

Weet jouw klant wat hij moet doen? Zo test je of gesproken klantcommunicatie werkt

Weet jouw klant wat hij moet doen? Zo test je of gesproken klantcommunicatie werkt

‘Voor de planning kiest u twee’. Voor je collega’s is dat een duidelijke instructie. Een klant die zijn afspraak wil verzetten, moet raden of hij daar goed zit. Een prettige stem helpt hem daar niet bij. Met een korte luisterproef ontdek je of gesproken klantcommunicatie genoeg informatie geeft om verder te kunnen. Dat kun je testen bij een keuzemenu, een gesproken bericht of een digitale assistent.

Gesproken communicatie is lastig terug te lezen. Als een menu verdergaat, moet de luisteraar de eerdere opties onthouden of wachten tot ze opnieuw langskomen. Toch beoordelen we een opname vaak terwijl de tekst voor ons ligt. Dan weten we al wat de boodschap betekent en welke handeling erop hoort te volgen.

Ik werk als ICT- en telefonieconsultant. Bij een luisterproef zou ik daarom beginnen met een concrete klantvraag. Kan iemand een afspraak wijzigen? Weet iemand na een bericht wanneer hij wordt teruggebeld? Zulke vragen horen bij voice UX: de gebruikservaring van een dienst waarmee je via spraak communiceert. De stem, de tekst en de reactie van het systeem bepalen samen of iemand zijn taak kan uitvoeren.

Begin bij wat de klant moet kunnen doen

Kies een situatie die in jullie klantcontact voorkomt. Schrijf op wat de klant bij aanvang weet en wat die na het luisteren moet kunnen doen. Houd de oplossing buiten de opdracht.

Voor een keuzemenu kan de opdracht zijn: ‘Je hebt donderdag een afspraak, maar kunt dan niet. Bel om een ander moment af te spreken.’ Vertel niet alvast dat de klant de planning moet kiezen. Dan geef je namelijk precies de informatie weg waarvan je wilt weten of het menu die duidelijk maakt.

Bij een gesproken bericht kun je vragen: ‘Je hebt gebeld over een levering. Luister naar dit bericht en vertel wat je nu zou doen.’ Bij een digitale assistent laat je iemand in eigen woorden een vraag stellen. Zo zie je ook of de dienst om kan gaan met een formulering die niet letterlijk in het script staat.

Bepaal vooraf wanneer de taak geslaagd is. Bij het menu is dat bijvoorbeeld de juiste route bereiken. Bij het bericht moet iemand kunnen vertellen wie de volgende stap zet en wanneer. Een algemene vraag als ‘Was dit duidelijk?’ levert je die informatie niet op.

Laat iemand luisteren die de tekst niet kent

Vraag mensen die niet aan de tekst hebben gewerkt om de taak uit te voeren. Betrek waar mogelijk klanten of mensen die op de beoogde gebruikers lijken. Een collega van de planning kent de afdelingen, de openingstijden en de gebruikelijke uitzonderingen al.

Laat de testpersonen eerst één keer luisteren, zonder tekst in beeld. Geef geen hints en wacht met doorvragen tot iemand heeft gekozen of aangeeft vast te lopen. Vraag dan: ‘Wat wilde je doen?’ en ‘Wat in de boodschap hielp je bij die keuze?’

Noteer de gekozen route, een verzoek om herhaling en de woorden waarover iemand twijfelt. Schrijf ook op of hulp nodig was. Als jij moet uitleggen wat een menu-optie betekent, heeft de opname dat deel van de taak nog niet zelfstandig ondersteund.

Een paar luisteraars kunnen concrete problemen blootleggen. Maar dat is nog geen representatief onderzoek naar al je klanten. Gebruik zo’n eerste ronde om verbeterpunten te vinden en probeer de aangepaste versie daarna met mensen die de vorige niet hebben gehoord.

Zoek uit waar de boodschap onduidelijk wordt

Stel dat iemand een afspraak wil verzetten en dit hoort:

Voor verkoop kiest u één. Voor de planning kiest u twee. Voor administratie kiest u drie.

Als die persoon twijfelt tussen verkoop en planning, onderzoek dan eerst de omschrijvingen. Een alternatief voor de tweede optie is:

Wilt u een afspraak maken of wijzigen? Toets twee.

Hier beschrijf je de handeling van de klant. Controleer wel of beide vragen werkelijk op die route afgehandeld kunnen worden. Een duidelijke omschrijving helpt weinig als iemand vervolgens alsnog wordt doorgestuurd.

Bij een gesproken bericht kan juist de verwachting onduidelijk zijn. ‘We nemen zo spoedig mogelijk contact met u op’ laat veel ruimte voor interpretatie. Vraag de luisteraar wanneer die een reactie verwacht en of die zelf nog iets moet doen. Als de antwoorden uiteenlopen, moet het team eerst afspreken welke terugbeltermijn het kan waarmaken. Daarna kun je een concrete boodschap testen.

Herkent iemand de juiste optie, maar mist die het toetsnummer? Probeer dan meer ruimte tussen de opties. Wordt een productnaam verkeerd verstaan? Controleer de uitspraak. Pas één onderdeel tegelijk aan, zodat je kunt horen welke verandering het probleem oplost.

Neem ook twijfel en fouten mee in de proef

Een route die bij de eerste poging goed gaat, vertelt nog weinig over wat er gebeurt als iemand vastloopt. Laat daarom ook een situatie testen waarin de luisteraar geen passende optie vindt, niets zegt of om herhaling vraagt.

Een digitale assistent kan bijvoorbeeld reageren met ‘Dat heb ik niet begrepen’. Laat de deelnemer vervolgens zelf verdergaan. Weet die wat anders geformuleerd moet worden? Helpt een concretere vraag, zoals ‘Wilt u een nieuwe afspraak maken of een bestaande afspraak wijzigen?’

Controleer ook of iemand kan herstellen van een verkeerde keuze. Kan de klant terug naar het menu, opnieuw beginnen of hulp van een medewerker krijgen? Test de hele vervolgstap. Een aangekondigde verbinding met een medewerker die uitkomt in hetzelfde menu, is nog geen bruikbare uitweg.

Betrek mensen voor wie verstaan of spreken lastig is bij het onderzoek. Controleer welke andere route beschikbaar is, bijvoorbeeld tekstcontact, en of die dezelfde vraag kan afhandelen. Een gesproken instructie om ‘gewoon even te bellen’ helpt iemand die juist via een ander kanaal hulp zoekt niet verder.

Beoordeel de toon in de situatie van de klant

Als de instructie klopt, luister dan naar de voordracht. Gebruik dezelfde tekst om verschillen te beoordelen. Zo voorkom je dat een stem beter lijkt doordat die toevallig een kortere, duidelijkere zin uitspreekt.

Een opgewekte begroeting kan passen bij de start van een gesprek. Bij een bericht over een gemiste levering kan dezelfde voordracht misplaatst klinken. Geef de luisteraar daarom de aanleiding voor het bericht mee. Vraag wat die uit de boodschap opmaakt en hoe die erop zou reageren.

Laat ook openingstijden, namen en nummers terugvertellen. Daarmee toets je of belangrijke informatie overkomt. Rustiger spreken, een kortere zin of een pauze kan helpen. Of de opname door een mens of met kunstmatige spraak is gemaakt, verandert de taak van de luisteraar niet.

Test de volledige route in het echte kanaal

Speel de definitieve versie af zoals een klant die hoort. Bel bij telefonie via een testnummer van buiten het bedrijf. Gebruik bij een app het toestel waarop de gesproken instructie beschikbaar komt. Controleer de overgang van begroeting naar menu en wat er na een antwoord gebeurt.

Let op afgebroken woorden, verschillen in volume en een systeem dat reageert voordat iemand is uitgesproken. Geef de deelnemer opnieuw alleen de klantvraag. Een los audiobestand kan duidelijk zijn terwijl de volledige route toch verwarrend blijkt.

Bewaar bij de goedgekeurde versie de tekst, de opname en de bijbehorende route. Spreek af wie een wijziging controleert. Een nieuwe openingstijd of een extra menu-optie kan ook invloed hebben op de informatie die ervoor en erna klinkt.

Rond af met dezelfde vraag als waarmee je begon: kon deze klant de taak uitvoeren? Noteer welke keuze die maakte, welke informatie ontbrak en waar hulp nodig was. Daarmee heeft het team een concrete volgende aanpassing. En de klant hoeft niet te weten hoe jullie organisatie in elkaar zit om zijn afspraak te kunnen verzetten.